Milieuorganisatie kritisch op nieuwe EU-strategie voor veehouderij

De Europese Commissie heeft haar nieuwe EU-strategie voor de veehouderij en het bijbehorende eiwitplan gepubliceerd. Volgens de European Environmental Bureau (EEB), een netwerk van Europese milieuorganisaties, geven beide documenten een verschillend beeld van de toekomst van het Europese voedselsysteem.

Volgens de EEB erkent het eiwitplan het belang van een grotere rol voor plantaardige voeding en de teelt van Europese eiwitgewassen. De organisatie stelt daar tegenover dat de veehouderijstrategie volgens haar vooral inzet op technologische verbeteringen binnen het bestaande productiesysteem.

De EEB vindt dat de strategie onvoldoende concrete maatregelen bevat om de sector te ondersteunen bij een overgang naar duurzamere productiemethoden. Volgens de organisatie ontbreekt een samenhangende routekaart die tegelijkertijd rekening houdt met klimaatdoelen, natuurherstel, dierenwelzijn, volksgezondheid en de economische positie van boeren en plattelandsgebieden.

Daarnaast wijst de organisatie op de verdere schaalvergroting binnen de Europese veehouderij. Volgens de EEB leidt de concentratie van dierhouderijen in grote bedrijven tot toenemende druk op water-, bodem- en luchtkwaliteit en kan dit gevolgen hebben voor omwonenden en ecosystemen. Ook noemt de organisatie risico’s die volgens haar samenhangen met intensieve veehouderij, waaronder uitbraken van infectieziekten en nitraatvervuiling.

Op klimaatgebied uit de EEB kritiek op de manier waarop methaanemissies in de strategie worden behandeld. De organisatie stelt dat de nadruk ligt op monitoring en technologische oplossingen, terwijl volgens haar bindende reductiedoelen ontbreken. Volgens de EEB zou een grotere vermindering van methaanuitstoot nodig zijn om de klimaatdoelstellingen te ondersteunen en de vorming van ozon op leefniveau te beperken.

De European Environmental Bureau pleit voor een geleidelijke transitie naar een veehouderij met minder afhankelijkheid van intensieve productiesystemen, meer aandacht voor extensieve vormen van veehouderij en een afstemming van de sector op ecologische grenzen.