vitamine d en voeding


logo.jpg (7231 bytes)

Google

 

Vitamine D


Vitamine D is een vitamine die je kunt aanmaken door de huid bloot te stellen aan zonlicht. Krijg je weinig zonlicht of heb je een donkere huidskleur dan heb je al snel kans op een tekort aan deze belangrijke vitamine. Dit kan oa leiden tot botbreuk want deze vitamine is heel belangrijk voor een goede opname van calcium voor je botten. Je hebt maar een paar minuten in de zon nodig om genoeg vitamine D aan te maken. Vitamine D komt ook voor in vette vis, oesters, melk en levertraan (yammie!).

Volgens de PennState universiteit krijg je al voldoende vitamine D binnen bij 3 * per week 10 minuten zonlicht.

Ron


Nieuw licht op vitamine D en chronische ziekten

vitamine_d.jpg (6701 bytes)

Gert Schuitemaker
ISBN: 9789076161105
96 pagina’s; prijs: € 14,90

In zijn vandaag verschenen boek opent Gert Schuitemaker de aanval op het advies van de Gezondheidsraad over vitamine D dat vandaag ook verschenen is. De nieuwe aanbevelingen voor deze belangrijke vitamine veel te laag om Nederlanders te beschermen tegen chronische ziekten. Zijn visie geeft Schuitemaker in de vorm van het boek Nieuw licht op vitamine D en chronische ziekten.

Schuitemaker vindt dat het advies van de Gezondheidsraad onnodig doden kost. “De benodigde inname van vitamine D wordt veel te laag geschat en blijft ver achter bij een recente aanbeveling van veertien voornamelijk Amerikaanse experts. In mijn ‘schaduwrapport’ volg ik hun advies.” Vitamine D wordt al decennialang wereldwijd onderschat. In het boek kunnen mensen lezen hoe ze zich met deze vitamine écht kunnen beschermen tegen osteoporose, kanker, hart- en vaatziekten en mogelijk zelfs tegen diabetes, reuma, multiple sclerose, depressie en tuberculose. Volgens de Gezondheidsraad hebben Nederlanders tussen 4 en 50 jaar die voldoende buiten komen geen extra vitamine D nodig. Zij kunnen volstaan met ‘gezonde’ voeding. Dit in schril contrast met het advies dat veertien gerenommeerde vitamine D-experts uit de VS en Canada afgelopen april publiceerden. “Zij bevelen een dagdosis aan van 50 mcg (2000 IE) vitamine D. Met deze dosis kan volgens hen worden voorkomen dat mensen onnodig vroeg aan chronische ziekten gaan lijden en eraan sterven.”

Zevenduizend kankerdoden
De veertien experts baseren hun aanbeveling op een groot aantal wetenschappelijke publicaties. En onder die experts zijn niet de minsten, zoals de vooraanstaande voedingsepidemioloog prof. dr. Walter C. Willett. Er zijn de afgelopen jaren onder meer diverse onderzoeken gepubliceerd over de relatie tussen vitamine D-gebrek en kanker. Zo hebben Amerikaanse onderzoekers in 2007 berekend dat wanneer Nederlanders elke dag 25 mcg (1000 IE) vitamine D zouden nemen, op jaarbasis bijna zevenduizend minder doden als gevolg van kanker te betreuren zijn. Dit komt neer op een afname van 18 procent. Dat de Gezondheidsraad zich niets aantrekt van het advies van de veertien experts kan Schuitemaker niet begrijpen, maar wél verklaren. “De raad meent dat het wetenschappelijk bewijs nog onvoldoende is. De veertien experts vinden ook dat meer onderzoek nodig is, maar achten het onverantwoord om daarop te wachten.” Daarnaast leeft er koudwatervrees voor overdosering van de vetoplosbare vitamine. “Blijkbaar is het in Nederland nog altijd belangrijker te voorkomen dat ook maar één iemand te veel vitamine D inneemt, dan dat het merendeel van de bevolking in voldoende mate wordt voorzien. In mijn boek is te lezen dat die angst voor vitamine D is gebaseerd op een mythe, die al decennialang in stand wordt gehouden.”

www.ortho.nl


Amerikaans bedrijf heeft mogelijk de oplossing in het gevecht tegen ziektes met vitamine D

Xenon Corp., een internationaal gerenommeerd markleider en pionier op het gebied van gepulseerd lichtsystemen, heeft mogelijk de oplossing gevonden waar de wetenschap naar op zoek was om een toename van vitamine D te bewerkstelligen in hun gevecht tegen ziektes. Het draagt de naam Pulsed Light (gepulseerd licht). Het is feller dan de zon en met korte pulsen die op champignons worden geflitst, zorgt het voor een aanzienlijke toename van het vitamine D-gehalte in champignons. Dole, de grootste producent en verkoper van vers fruit en groenten ter wereld, heeft Portobello en andere champignonsoorten met lichtflitsen behandeld en heeft ontdekt dat het vitamine D-gehalte aanzienlijk steeg. Gary Schroeder, directeur van Dole Mushrooms, zei in een recent artikel in het tijdschrift 'The Packer': "Onderzoek heeft uitgewezen dat licht het vitamine D-gehalte in champignons sterk kan laten toenemen. Wij helpen de natuur slechts een handje bij wat het zelf al voor elkaar probeert te krijgen."

Professor Robert Beelman van de Pennsylvania State University ontdekte  dat witte champignons, de enige niet dierlijke voedingsoort die vitamine D bevat, een belangrijke bron van de antioxidant L-ERGOTHIONEINE vormen: een krachtige antioxidant die vrije radicalen verwijdert en het DNA van cellen tegen schade beschermt. "Als voedingswetenschapper," zei professor Beelman, "was ik er al van op de hoogte dat champignons een belangrijk deel van een dieet vormen doordat het een goede bron van vitamine D en essentiële mineralen is en ze daarnaast ook weinig calorieën, vet en natrium bevatten."

"Maar nieuw onderzoek suggereert dat champignons, of stoffen die uit champignons gewonnen worden, wellicht nuttig kunnen zijn bij het genezen van kanker en hartaandoeningen. Er is meer onderzoek op dit gebied nodig, maar het is zeker een sterk begin." Professor Beelman is niet de enige met deze bevindingen. Veel wetenschappers en champignonexperts van over de hele wereld hebben champignons of stoffen uit champignons onderzocht en zijn het erover eens dat champignons het nieuwe supervoedsel zouden kunnen zijn dat een belangrijke rol kan spelen bij de preventie van ernstige ziektes zoals kanker,
hartaandoeningen, diabetes type 1 en verschillende andere ziektes. Onderzoek lijkt uit te wijzen dat veel mensen een tekort aan vitamine D hebben, doordat ze steeds meer tijd voor hun computer of televisie doorbrengen of krachtige zonnebrandolie gebruiken en daardoor niet genoeg zonlicht ontvangen. Daarnaast worden mensen in noordelijke klimaten, vooral in de winter, vaak niet genoeg aan zonlicht blootgesteld waardoor ze te weinig vitamine D produceren.

Het gepulseerd lichtsysteem van Xenon lijkt het beste systeem te zijn omdat het aantoonbaar efficiënt is bij het laten toenemen van het vitamine D-gehalte in champignons door enkele korte flitsen.

Een andere toepassing van het gepulseerd lichtsysteem van Xenon bij voeding zou op het gebied van de bestrijding van E. coli, Salmonella en andere bacteriën kunnen zijn. De Food and Drug Administration heeft pas geleden een wet in het leven geroepen die bepaalde voedingsleveranciers toestaat extra stappen te ondernemen om uitbarstingen van bacteriën in de oogst tegen te gaan. Het gepulseerde licht van Xenon zou op dit gebied ook nog van extra waarde kunnen blijken omdat gepulseerd licht wellicht een veilige en efficiënte manier is om de oogst schoon te maken. Toen hij werd gevraagd naar Xenons deelname aan het onderzoek, antwoordde Lou Panico, algemeen directeur, "We zijn trots op ons aandeel in deze onderzoeken. Xenon heeft er sinds de oprichting in 1964 altijd naar gestreefd voorop te lopen bij voedingsontwikkeling voor zowel industriële als wetenschappelijke toepassingen; het bewijs hiervoor is te vinden in onze vele successen." "We geven sterk de voorkeur aan gepulseerd licht in plaats van kwik vanwege de talloze voordelen die het biedt, vooral omdat we Xenon altijd als 'groen bedrijf' hebben beschouwd dat de nadruk op het milieu legt."

Het systeem van Xenon is - in tegenstelling tot kwik - niet giftig en volkomen veilig voor het milieu. De snelle verwerking die slechts enkele seconden in beslag neemt, zorgt voor een voordelige productie en gebruikt minder energie dan de lange opwarmingstijd van kwik, omdat het slechts een fractie van de tijd in beslag neemt die nodig is voor kwiksystemen. Xenons 'Start-Stop-Start'-technologie zorgt voor een onmiddellijke verwerking.

http://www.xenoncorp.com


Video - Vitamin D Deficiency and Illness


Vitamine D - cruciaal in de winter door gebrek aan zonlicht

Wat doet vitamine D? Vitamine D oftewel cholecalciferol is een van de weinige vitamines die ons lichaam zelf kan aanmaken. Maar goed ook, want het lichaam heeft vitamine D hard nodig voor met name de botopbouw. Trouwens niet alleen bij kinderen, maar evengoed bij volwassenen. De botstofwisseling is namelijk bij jong en oud een continu proces van botafbraak en botopbouw (‘vernieuwing’) en zonder voldoende vitamine D zou de botopbouw sterk achterblijven. Want vitamine D zorgt ervoor dat calcium (‘kalk’) en fosfor goed uit de voeding worden opgenomen en in de botten en tanden worden vastgelegd.

www.gezondnu.nl/downloads/download.php?file=20-21+Vitamine+D.pdf


Vitamine D speelt inderdaad rol bij borstkanker

Al eerder legden onderzoekers een relatie tussen Noord-Europese landen en borstkanker. Hoe noorderlijker je woont hoe minder zonlicht en hoe meer borstkanker. Door de zon maakt je huid vitamine D aan. Nu blijkt uit nieuwe bloedonderzoek bij vrouwen met borstkanker dat vrouwen in de laatste stages de laagste niveau's van Vitamine D hebben. Blijkbaar heeft deze vitamine een remmende werking op de vooruitgang vd ziekte. Krijg je te weinig zonlicht dan is het alternatief vette vis of levertraan eten.

http://www.guardian.co.uk/medicine/story/0,,1924059,00.html


60% van mensen met diabetes hebben tekort aan vitamine D

Onderzoekers van het Sacro Cuore Hospital in Negrar (Italië) onderzochten 459 patiënten met Diabetes II en controleerden hun vitamine D levels. Hieruit bleek maar liefst 60% van hen een tekort aan vitamine D te hebben. Dit kan ernstige gevolgen hebben voor oa de botdichtheid. Suppletie van vitamine D wordt door steeds meer onderzoekers geadviseerd.


Vitamine D - sleutel naar gezonde longen

Vitamine D is essentieel voor de verwerking van calcium en kan een belangrijke rol spelen bij het gezond houden van de longen. Patienten met een hoog vitamin D niveau in hun bloed hadden ook een duidelijk betere longfunctie volgens de University of Auckland team (studie van 14,091 personen).  

Bron: http://news.bbc.co.uk


Vitamine D - minder kans op prostaatkanker

Uit onderzoek van de Northern California Cancer Center, the Keck School of Medicine of the University of Southern California, and the Comprehensive Cancer Center of Wake Forest University blijkt dat mannen die veel zonlicht krijgen en dus meer vitamine D aanmaken ook minder kans op prostaatkanker hebben. Vitamine D regelt oa de celgroei in de prostaat en voorkomt verspreiding van kankercellen naar andere lichaamsdelen.

Bron: http://news.bbc.co.uk


Vitamine D en PMS

De combinatie van calcium en vitamine D kan bij veel vrouwen met PMS de klachten helpen te verminderen blijkt uit onderzoek van de Massachusetts University op 3000 vrouwen (waarvan 1000 PMS hadden).

The largest result was seen in women who consumed about 1,200 milligrams of calcium and 500 IU of vitamin D per day. "We found the women who consumed four servings per day of skim or low-fat milk, fortified orange juice and low-fat dairy foods, such as yogurt, had approximately a 40 percent lower risk of being diagnosed with PMS, than women who only consumed these foods about once per week," she said.

Bron: http://www.healthfinder.gov


Verhoging gehanteerde vitamine D-spiegel noodzakelijk

Kans op osteoporose en osteomalacie onnodig groot

De kans op osteoporose of osteomalacie (Engelse ziekte) bij ouderen is onnodig groot. Dit komt doordat de gehanteerde vitamine D-spiegels, de hoeveelheid vitamine D in het bloed die ouderen nodig hebben om osteoporose of osteomalacie te voorkomen, altijd te laag zijn ingeschat. Dit zegt hoogleraar endocrinologie Paul Lips in zijn oratie in het VU medisch centrum.

‘De vitamine D-spiegel die nu wordt gehanteerd, zou moeten worden verhoogd van 25 nM naar 50 nM of zelfs 75 nM per liter,’ meent de hoogleraar. Deze getallen zijn gebaseerd op de Longitudinal Aging Study Amsterdam (LASA ), een grootschalig epidemiologisch onderzoek onder ouderen in Nederland vanaf 55 jaar. Op basis van de daarin verzamelde gegevens zou, uitgaande van een drempel van 50nM per liter, 50% van de zelfstandig wonende vitamine D-deficiëntie hebben. In zorginstellingen is dit percentage veel hoger.

Vitamine D houdt het mineraalgehalte in het bot op peil. Het wordt onder invloed van ultraviolette straling van de zon, in Nederland uitsluitend van april tot september, in de huid gevormd. Ouderen en mensen met een donkere huid produceren minder vitamine D dan anderen. Alleen margarine waaraan vitamine D is toegevoegd en vette vis bevatten vitamine D. Vitamine D kan makkelijk in tabletten worden aangeboden. Maar deze worden sinds 1 januari 2004 niet meer vergoed door zorgverzekeraars.

Bij osteoporose en osteomalacie is de botdichtheid te laag. Bij osteomalacie wordt dat veroorzaakt door een tekort aan mineralen. Hierdoor wordt de kans op botbreuken, met name bij ouderen extra groot. Deze groep komt sneller ten val dan jongere mensen.

De vitamine D-spiegels die Nederland hanteert, zijn erg laag. Ook de regelgeving omtrent het toevoegen van stoffen aan eten of drinken is hier strikter dan in veel andere landen. Paul Lips vindt dat vitamine D aan melk moet worden toegevoegd.

Bron: VU Amsterdam


Slechte vitamine D-status risicofactor voor diverse chronische aandoeningen

Bekend is dat vitamine D-tekort tot botafwijkingen kan leiden. Maar behalve voor het beendergestel blijkt vitamine D ook voor tal van andere lichaamsweefsels belangrijk te zijn. Onderzoek wijst erop dat een slechte voorziening met deze nutriënt bij zeer uiteenlopende chronische kwalen een rol kan spelen. Daartoe behoren onder meer myopathie, hypertensie, diabetes mellitus, reumatoïde artritis, bepaalde vormen van kanker en inflammatoire darmaandoeningen, zoals de ziekte van Crohn.

Meer


Kamervragen mbt vitamine D tekort bij allochtonen

Antwoorden op kamervragen van het Kamerlid Arib (PvdA) over ernstig vitamine D tekort bij mensen met een niet-westerse achtergrond (2050609210).

1.
Hebt u kennisgenomen van het artikel over het ernstige vitamine D-tekort bij mensen met een niet-westerse achtergrond? 1)
1.
Ja

2.
Wat is uw mening over dit artikel waarin beschreven wordt dat meer dan de helft van de niet-westerse allochtone zwangere vrouwen en hun nakomelingen een groot vitamine Dtekort heeft? Wat vindt u ervan dat 10% van de Nederlandse vrouwen en hun nakomelingen een vitamine D-deficiëntie bleek te hebben?
2.
Dit artikel bestrijkt een vrij kleine steekproef van Nederlandse/Europese en niet-westerse zwangere vrouwen. De uitkomst van dit onderzoek in Amersfoort vertoont echter een vergelijkbare trend met eerder onderzoek van een verloskundigenpraktijk in Den Haag. Naar aanleiding van onder andere deze onderzoeken, wordt op dit moment bij een grotere
steekproef onderzoek uitgevoerd naar de prevalentie van vitamine D-tekort. In deze uitgebreidere studies probeert men tevens beter inzicht te krijgen in welke factoren de meeste invloed hebben op het ontstaan van een tekort aan vitamine D. Hierin worden verschillende etnische groepen ook afzonderlijk bekeken. De resultaten van dit onderzoek worden nog dit jaar verwacht. Daarnaast is uit ander onderzoek gebleken dat ook mannen en niet-zwangere vrouwen met een niet-westerse achtergrond een groter risico hebben op
een tekort aan vitamine D. Dit heeft te maken met de factoren die van invloed zijn op de vitamine D-status, zoals huidskleur, hoeveelheid blootstelling aan zonlicht (onbedekte huid) en voedingspatroon.
Een vitamine D voorziening lager dan de aanbevolen hoeveelheden heeft mijn aandacht en dient nader onderzocht te worden, zie de volgende vragen.

3.
Was u op de hoogte van eerder onderzoek in Den Haag dat bij 240 zwangere vrouwen eveneens dergelijke lage vitamine D-waarden heeft aangetoond? Zo ja, wat hebt u met de bevindingen van dit onderzoek gedaan? 2)

3.
Ja, zie vraag 2.
Mijn voedingsbeleid is gebaseerd op de Richtlijnen Goede Voeding en de voedingsnormen van de Gezondheidsraad (voor onder andere vitamine D).
De afgelopen tijd is uit onderzoek nieuwe informatie naar voren gekomen. Dat maakt het noodzakelijk het microvoedingsstoffenbeleid te heroverwegen. Ik heb de Gezondheidsraad om advies gevraagd, onder andere naar wat voor essentiële microvoedingsstoffen zoals vitamine D op basis van een ‘risk-benefit’ analyse de gezondheidswinst zou kunnen zijn van een actief verrijkingsbeleid (al dan niet met verplichte toevoegingen). Ik vraag hierbij ook te kijken naar groepen van de bevolking. In een aanvullend schrijven zal ik de zwangere vrouwen en groepen met een niet-westerse achtergrond specifiek benoemen als aandachtspunt hierbij.

Op dit moment wordt via verschillende voorlichtingsmedia informatie verstrekt over de inname van vitamine D. Het Voedingscentrum adviseert middels haar website extra vitamine D voor bepaalde groepen, waaronder zwangeren en kinderen van 0-4 jaar. Daarnaast wordt het belang van een adequate vitamine D voorziening regelmatig benadrukt in (nieuws)berichten op de website en in publicaties zoals de vitaminewijzer. In het kader van
de foliumzuurcampagne die in samenwerking met het Erfocentrum en met financiële ondersteuning door VWS wordt uitgevoerd, is door het Voedingscentrum een brochure uitgebracht waarin ook het gebruik van vitamine D in de zwangerschap wordt genoemd. Deze brochure is speciaal gericht op allochtone en laagopgeleide vrouwen.

Voor ditzelfde project om het foliumzuurgebruik bij allochtone vrouwen en vrouwen met een lage sociaal-economische status te stimuleren, worden momenteel pilots uitgevoerd waarbij verloskundigen middels actieve voorlichting via hun praktijk en hun netwerk proberen deze vrouwen te bereiken. Als deze pilots een goed resultaat opleveren, zal ik zeker de
mogelijkheid bekijken om met voorlichting over vitamine D inname bij dit initiatief aan te sluiten. Op lokaal niveau vinden ook diverse initiatieven plaats, zoals het betrekken van Voorlichters Eigen Taal en Cultuur (VETC) door de verloskundigenpraktijken in Amsterdam om vrouwen met een niet-westerse achtergrond beter te bereiken. Daarnaast zal in Amsterdam op korte termijn begonnen worden met het geven van preconceptiezorg met als
doel vrouwen voor te lichten over maatregelen die ze kunnen nemen voor een gezonde zwangerschap en het tijdig identificeren van vrouwen die een verhoogde kans op problemen hebben tijdens de zwangerschap.

Ten slotte maakt het suppletieadvies voor 0-4 jarigen, waar vitamine D onderdeel van is, al nadrukkelijk deel uit van de voedingsadvisering in de jeugdgezondheidszorg, zoals via de consultatiebureaus.

4.
Wat vindt u ervan dat uit epidemiologische studies aannemelijk wordt gemaakt dat een te lage vitamine D-waarde een van de factoren is die bijdragen aan het ontstaan van aandoeningen met een lage latentietijd zoals osteoporose, diabetes mellitus type I, multiple sclerose, cardiovasculaire ziekten, prostaat-, borst- en darmkanker?
4.
De voedingsnormen voor vitamine D zoals de Gezondheidsraad deze in 2000 heeft uitgebracht voor de Nederlandse bevolking, zijn gericht op de opbouw van een maximale piekbotmassa op 30-jarige leeftijd, en daarna het zoveel mogelijk vertragen van de botafbraak. Ten tijde van het opstellen van deze voedingsnormen (2000) waren er nog onvoldoende aanwijzingen voor een beschermend effect van vitamine D tegen ziekten.

Recent literatuuronderzoek van het RIVM toont ook aan dat alleen voor osteoporose overtuigend bewijs is dat een lage vitamine D status bij mannen en vrouwen ouder dan 50-60 jaar gepaard gaat met een hoger risico op fracturen.

De Gezondheidsraad zal bij de in vraag 3 genoemde adviesaanvraag ook aandacht besteden aan de relatie tussen vitamine D en diverse ziekten. Ze maken een risk-benefit analyse waarbij rekening wordt gehouden met zowel te behalen gezondheidswinst als ongewenste bijwerkingen. Aan de hand hiervan stellen ze de gewenste inname vast voor verschillende
bevolkingsgroepen.

5.
Wist u dat wetenschappelijk is aangetoond 3) dat vitamine D-tekort in het laatste trimester van de zwangerschap een negatieve invloed heeft op de botvorming bij het kind? Zo ja, wat hebt u met deze wetenschap gedaan? Hoe hebt u deze kennis vertaald in uw beleid op het gebied van preventie bij zwangere vrouwen?
5.
Ik ben op de hoogte van een recente publicatie in de Lancet van een studie die een duidelijk verband laat zien tussen de vitamine D status tijdens de zwangerschap en de botmassa van kinderen op 9 jarige leeftijd.
Mij is niet bekend wat de invloed van suppletie, zoals die in ons land wordt geadviseerd voor kinderen van 0-4 jaar, zou zijn op de botmassa van het kind op latere leeftijd.
Zie ook antwoord op vraag 2 en 3.

6.
Hoe komt het dat Devaron-tabletjes a 400 E en de depotinjecties geruisloos uit de apotheek zijn verdwenen?
6.
Zowel de Devaron tabletjes 400 E (10 ug) als de depotinjecties (Neo-Dohyfral D3) zijn vanwege economische motieven uit de handel genomen door de desbetreffende fabrikanten. Devaron tabletten werden vooral gebruikt bij de indicatie (preventie van) osteoporose (botontkalking). Door de komst van combinatie preparaten met calcium en Devaron liep de
omzet sterk af.

7.
Herinnert u zich het advies van de Gezondheidsraad in 2000 4) over voedingsnormen? Wat hebt u met de aanbevelingen uit dit advies gedaan? Kunt u precies aangeven op welke manier u het gebruik van vitamine D onder de groepen die kwetsbaar zijn hebt gestimuleerd?
7.
Zie ook mijn antwoorden op vraag 2 en 3.
Ouderen (zowel mannen als vrouwen) kunnen een verhoogde kans op een tekort aan vitamine D hebben omdat sommige ouderen door verminderde mobiliteit minder buiten komen, en omdat de oudere huid minder goed in staat is onder invloed van de zon vitamine D te vormen. In de voorlichting van het Voedingscentrum wordt deze groep ook expliciet genoemd. Smeerbare vetten en bak- en braadvetten kunnen met vitamine A en D verrijkt worden. Bovendien is de Warenwetregeling Vrijstelling Vitaminepreparaten gewijzigd naar aanleiding van het rapport van de Gezondheidsraad. Hierdoor is het ook mogelijk vitaminepreparaten met een verhoogd gehalte aan vitamine D op de markt brengen, die bestemd zijn voor de consumptie door personen van 60 jaar en ouder. Voor kinderen tot en
met 6 jaar, zwangeren en zogenden was dit al mogelijk. Op de verpakking van de preparaten mag ook worden geduid dat het geschikt is voor personen van 60 jaar en ouder.

Naar aanleiding van het Gezondheidsraadadvies zijn ook een aantal kennisvragen belegd bij het RIVM (VWS project V/340230: statusbepaling foliumzuur en microvoedingsstoffen). Het betreft onderzoek naar de vitamine D status bij 4400 zwangere vrouwen van verschillende etniciteit en een statusbepaling van onder andere vitamine D bij 1400 personen van
verschillende etniciteit. De resultaten hiervan zullen nog dit jaar bekend worden. Deze resultaten worden meegenomen bij de heroverweging van het verrijkingsbeleid rond vitamine D. Na verschijning van het rapport van de Gezondheidsraad over de voedingsnormen heeft dit al ter discussie gestaan en is overwogen toestemming te verlenen voor het verrijken van meerdere producten, additioneel aan smeerbare vetten en bak- en braadvetten. Daar is destijds geen prioriteit aan gegeven in verband met de op handen zijnde
Europese regelgeving over dit onderwerp. In afwachting van deze Europese regelgeving en van het gevraagde advies van de Gezondheidsraad betreffende microvoedingsstoffen, ga ik ook op dit moment nog niet over tot vrijwillige of verplichte verrijking van meerdere producten. Het heeft mijn aandacht en ik zal te zijner tijd zonodig gepaste maatregelen nemen.

8.
Wat gaat u concreet ondernemen om huisartsen meer te bewegen dit probleem serieus te nemen en in hun begeleiding van met name risicogroepen zoals zwangere vrouwen met een niet-westerse achtergrond, actieve voorlichting te geven en suppletie van vitamine D mogelijk te maken? Bent u bereid het Nederlands Huisartsen Genootschap aan te zetten tot
het opstellen van duidelijke richtlijnen om het gebruik van vitamine D te stimuleren?
8.
Zie ook vraag 3 en 7.
Ik zie huisartsen, verloskundigen en gynaecologen als een zeer belangrijke schakel in het voorlichtingstraject rondom de zwangerschap.
Ik ben dan ook erg benieuwd naar de reactie van het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG), de Koninklijke Nederlandse Organisatie van Verloskundigen (KNOV) en de Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie (NVOG) op de recente ontwikkelingen (waaronder het artikel van Wielders in NTvG van 4 maart 2006) die ik binnenkort verwacht in het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde (NTvG). Op dit moment ligt er al een adviesaanvraag bij de Gezondheidsraad over de preconceptiezorg. Zij zullen kijken of het wenselijk is eventuele preconceptiezorg te integreren met zwangerschapszorg en consultatiebureau. Ik wacht de resultaten hiervan af
om te bezien of daar een goed voorstel uit komt om de voorlichting over onder andere vitamine D rond de zwangerschap op een goede manier gezamenlijk te waarborgen. In mijn overweging zal ik ook de resultaten van de kennisvragen bij het RIVM (zie vraag 7) en ander nader onderzoek (zie vraag 2) meenemen. Rapportage hiervan zal ook gegevens bevatten
over determinanten van een vitamine D tekort en over waarom bijvoorbeeld allochtone vrouwen geen supplementen slikken tijdens de zwangerschap.

1) Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde, 4 maart jl. 150 (9).
2) Karamali NS, Meer IM van der, Wuister JD, Verhoeven I. Vitamine D-tekort bij zwangere vrouwen: gegevens van een verloskundigenpraktijk uit Den Haag. Epidemiologisch Bulletin 2004;39:10-4.
3) Zie noot 1
4) Voedingsnormen: calcium, vitamine D, thiamine, riboflavine, niacine, panthoteenzuur en biotine. Den Haag: Gezondheidsraad; 2000.


Video - The role of Vitamin D and sun exposure


Reakties van lezers


Bronnen van vitamine D

Hierin ben je wat onvolledig. Net als de meesten vergeet je verzadigd dierlijk vet, lever, eieren en roomboter. Steeds maar die zon als belangrijkste bron noemenn is geschiedvervalsing. Dat borstkanker verband houdt met de lage zonnestand is dat ook. Bij mijn weten staat de zon op de noordelijker breedtes al 2 miljoen jaar laag. Borstkanker is van de laatste 60 jaar en explosief sinds de laatste 20 jaar en heeft vooral veel te maken met de anticonceptiePIL. De gebruiksters daarvan hebben de hoogste kans. De vraag of je de pil gebruikt (hebt) staat ook specifiek op het uitnodigingsformulier voor de tweejaarlijkse mamografie.

Boven de poolcirkel is het 6 maanden donker en de andere helft van het jaar komt hij niet hoger dan hier in oktober. Hoe denk je dat de Inuit desondanks aan voldoende D3 in hun lijf komen? Niet alleen door eenzijdig vette vis te eten. Maar ook door zeehond, walrus, narwal en ijsbeer met VERZADIGD vet en in de meestal ook nog eens bewolkte zomers op caribous en elanden te jagen.

De zon bij ons staat wat hoger maar wat heb en had je daar aan als je je leven in een fabriek of kantoor moest doorbrengen? Daarvoor hebben we verzadigd dierlijk vet nodig en eieren en roomboter. Nou kan je discussieren over de huidige kwaliteit van deze waren van vee dat verrkeerd gevoed wordt met granen, maar het feit blijft dat het in onze geschiedenis altijd DE bron van vitamine D was. Roomboter van EKO kwaliteit is een
aanvaardbare huidige bron en volle melk van biologisch dynamische oorspronng met een Demeter keurmerk ook. En supplementeren met smerige levertraan is echt niet meer nodig. Er zijn al jaren goede softgells met D3 of combinatie vit.A / vit. D3 uit kabeljauwlever te koop van 400 IE. Het is te hopen overigens dat deze na 2009 nog verkrijgbaar zijn want dan gaat de nieuwe EU supplementen wetgeving in.

Hier is nog wat meer over vitamine D voor je. Ik neem een beker anijsmelk en kruip weer eens in mijn mandje.

Groeten,
Theo Jonkhart

http://www.vitaminsinamerica.com/news/vitamin_d.htm
http://www.mercola.com/2000/aug/27/vitamin_d_rickets.htm
http://www.mercola.com/2006/oct/26/beware-of-most-prescription-vitamin-d-supplements.htm
http://www.cfs-recovery.org/vitamin_d.htm
http://www.cmaj.ca/cgi/content/full/166/12/1541

http://www.ajcn.org/cgi/content/full/69/5/842?maxtoshow=&HITS=10&hits=10&RESULTFORMAT=1&
fulltext=arthritis&searchid=1055272518103_6528&stored_search=&FIRSTINDEX=80&sortspec=
relevance&journalcode=ajcn


Internationaal


Vitamin D supplementation improves cytokine profiles in patients with congestive heart failure

Vitamin D3 reduces the inflammatory milieu in CHF patients and might serve as a new antiinflammatory agent for the future treatment of the disease. Our data provide evidence for the involvement of an impaired vitamin D–parathyroid hormone axis in the progression of CHF.

http://www.ajcn.org/cgi/content/abstract/83/4/754


Heart Disease Caused by Vitamin D Deficiency?

The figures are dramatic - 15 million people worldwide suffer from heart failure, one to three per cent of all Germans are affected, every hundredth euro which the health insurance companies spend goes on diagnosis, therapy or prevention of chronic heart failure (CHF). Even so, the prognosis is bad: every second patient - no matter whether they are young or old - dies within the first five years after the disease has been diagnosed. Scientists from the University of Bonn, in co-operation with the Bad Oeynhausen Heart Centre, have now been studying the causes of cardiac failure. They detected 'clear indications' that vitamin D deficiency contributes to the emergence of the disease. They have now published their findings in the prestigious Journal of the American College of Cardiology (vol. 41, no. 1, 2003, pp.105-112).

http://www.uni-bonn.de/en/News/17_2003.html


Onderzoekers bepalen specifieke hoeveelheid Vitamine D nodig om darmkanker risico te halveren

Cancer Researchers Determine Specific Amount of Vitamin D Needed to Cut Colon Cancer Risk in Half

Taking 1,000 international units (IU) of vitamin D 3 daily appears to lower an individual’s risk of developing colorectal cancer by 50 percent, according to an extensive literature review led by cancer prevention specialists at the Moores Cancer Center at the University of California, San Diego (UCSD) Medical Center. The researchers call for prompt public health action to increase intake of vitamin D 3 as an inexpensive, non-toxic prevention for a disease that claims 56,000 U.S. lives each year.

“Studies over the last 25 years have shown that vitamin D is associated with preventing colon cancer, but we haven’t known how much is needed to produce a benefit,” said Edward D. Gorham, assistant adjunct professor of Family and Preventive Medicine at UCSD School of Medicine and a cancer epidemiologist affiliated with the Moores UCSD Cancer Center. “This paper establishes the target level of vitamin D that could reduce the incidence of colorectal cancer by half.”

Gorham added that this review, an invited publication in the current issue of the peer-reviewed Journal of Steroid Biochemistry and Molecular Biology, does not prove a causal relationship and further studies need to be done.

The researchers conducted a cost/benefit analysis of their recommendations and conclude with the following: “Preventing approximately half of colorectal cancer incidence by a program that would ensure vitamin D adequacy could save an estimated $20 billion per year. Annual supplementation of all Americans with 1,000 IU per day of vitamin D 3 would cost approximately $5 billion. Although further economic investigation would be desirable, a gross estimate of the annual return on investment, considering the cost of supplementation, would be $15 billion per year, amounting to a nearly 40 percent per annum return on investment.”

By Nancy Stringer

http://ucsdnews.ucsd.edu/newsrel/health/vitaminD.asp


VITAMIN D & DISEASE

1. Cancer — People living in temperate latitudes (farther from equator — less sun and vitamin D) have more colon, prostate and breast cancer. 1989 research shows that adults with high levels of vitamin D have half the risk of colon cancer. (Lancet 1989;2(8,673:1,176-1,178) Other research has shown vitamin D to suppress breast, bone and skin cancer also.

2. Hypertension — Vitamin D controls the level of renin and angiotensin, thus regulating blood pressure. Many cases of hypertension may be due to vitamin D deficiency. (J Cell Biochemistry 2003; 88(2) 327-331)

3. Autoimmune Diseases — MS incidence is much greater in temperate latitudes. Seattle, with it’s limited sunshine, has long been regarded as a high incidence area for MS. Other autoimmune diseases also appear to follow this pattern including lupus, rheumatoid arthritis and Type I diabetes.

4. Psoriasis — Psoriasis is much more common in the dark winter months. Conventional medicine accepts the improvement sunlight brings to the disease, but doesn’t credit vitamin D.

Bron: http://www.pacifichealthcenter.com


Vitamin D could prevent arthritis

Over one million in UK have osteoarthritis
Scientists hope adding vitamin D to the diet could help prevent one of the most common and painful forms of arthritis. Osteoarthritis affects more than a million people in the UK, many of them elderly. There is currently no cure and all doctors can do is control pain and keep patients active and mobile. With the growing number of elderly people and better life expectancy, the number of people with osteoarthritis is expected to soar over the next five years.

Bron: http://news.bbc.co.uk


Sunshine 'prevents cancer'

A small amount of sunshine can help reduce the risk of breast, colon and prostate cancers, according to US scientists. Sunlight is a key source of vitamin D, and scientists told the American Association for the Advancement of Science annual meeting in Boston the vitamin plays a crucial role in regulating the production of cells, a mechanism which is absent in cancer.

Bron: http://news.bbc.co.uk


Vitamin D reduces risk of type 1 diabetes (PP 1476, 1500)

It is not known why some people get type 1 diabetes (diabetes that starts early in life), but there has been a suggestion that if children have a diet lacking in Vitamin D, they may go on to develop diabetes. In this week's issue of The Lancet, Dr Elina Hyppönen, from the Institute of Child Health in London, and colleagues report a study of 12,055 women who were expected to give birth in 1966, in the north of Finland.

Bron: http://www.ich.ucl.ac.uk


Vitamin D Deficiency and Bowel Diseases Connected

Research with mice at Penn State has demonstrated a connection between vitamin D deficiency and two bowel diseases that occur in one out of every 1,000 people in North America and Europe.

Dr. Margherita T. Cantorna, assistant professor of nutrition and director of the research project, says "Our experiments show that vitamin D deficiency worsens the symptoms of Chron’s disease and ulcerative colitis. Treatment with Vitamin D for as little as two weeks lessens the symptoms of these inflammatory bowel diseases in mice."

Cantorna detailed her research in a paper, "Vitamin D Deficiency Exacerbates Experimental Inflammatory Bowel Disease," presented today (April 18) at the Experimental Biology conference in San Diego, Calif. Her co-authors are Carey Munsick, a Penn State undergraduate, and Candace Bemiss, a Penn State master’s degree candidate in nutrition. Their paper is the first in which researchers report demonstrating a connection between vitamin D deficiency and inflammatory bowel disease (IBD).

"Vitamin D deficiency is more common in people who have inflammatory bowel disease. In addition, the anti-inflammatory drugs often used to treat IBD can cause bone loss as a side effect," Cantorna says. "Vitamin D taken in combination with these drugs may be able to reduce the effective dose of anti-inflammatory needed to treat the disease and decrease bone loss as well as treat the vitamin deficiency."

In research she conducted previously as a postdoctoral fellow at the University of Wisconsin, Cantorna had demonstrated a connection between vitamin D and two other autoimmune diseases, arthritis and multiple sclerosis. Autoimmune diseases are disorders of the immune system in which the body attacks itself. In arthritis, for example, the immune system attacks the joints, in multiple sclerosis the spinal cord and brain and in IBD, the gut.

"Since we had previously shown a connection between other autoimmune diseases and vitamin D, it seemed reasonable to explore the possibility of a connection in this case," she notes.

Bron: Pennsylvania State University

 

 

 


 


View My Stats