Waarom is het verboden?
Op 22 februari 2000 weigerde de Europese Commissie een vergunning af te geven
voor het in de handel brengen van stevia als nieuw voedingsmiddel of nieuw
voedselingrediënt. Indirect is het verbod te wijten aan de aanvrager van deze vergunning:
de Belgische prof. J. Geuns van het Laboratorium voor Plantenfysiologie van de Katholieke
Universiteit Leuven. Zonder deze aanvraag was stevia waarschijnlijk gewoon verkrijgbaar
gebleven. Dick van der Snoek uit Wommels die met zijn bedrijf 'Vita-reform Van der Snoek'
al enkele jaren een ruw stevia-extract op de markt brengt: "Het was dom van Geuns om
te doen alsof stevia een nieuw product is. Want dit houdt in, dat er Europees onderzoek
moet bestaan dat de veiligheid van het product garandeert.
Anders krijg je geen vergunning. En dat
onderzoek was niet voorhanden. Dus ging het mis." Vreemd genoeg medefinanciert de
Europese Gemeenschap sinds 1998 wél een project waarin onderzoek wordt gedaan naar de
mogelijkheden voor het verbouwen van stevia in Zuid-Europa. De achterliggende gedachte is,
dat het verbouwen van stevia het inkomen van de plaatselijke boeren zal opkrikken.
Zoetstof stevioside is veilig alternatief voor
suiker
Stevioside, de belangrijkste zoetstof uit
de blaadjes van de Stevia plant, smaakt ongeveer 300 keer zoeter dan tafelsuiker. Er is
dan ook maar een heel kleine hoeveelheid van nodig om iets zoet te maken. Gezien het
voorkomen van diabetes en obesitas pijlsnel stijgt, kan stevioside een goed alternatief
zijn voor suiker. De behandeling van deze ziektes wordt in België op 5 miljard euro
geschat. In 2000 heeft de Europese Commissie het gebruik Stevia en stevioside echter
verboden omdat er nog niet voldoende studies zijn over de veiligheid. Onder leiding van
professoren Jan Geuns en Johan Buyse van de K.U.Leuven publiceren internationale
Stevia-onderzoekers nu een boek waarin ze bevestigen dat het gebruik van stevioside als
zoetstof volstrekt veilig is.
De voordelen van stevioside als zoetstof
zijn talrijk: het is 100% natuurlijk, stabiel, bevat geen calorieën, reduceert tandbederf
en het kan worden gebruikt door diabetici, fenylketonurie-patiënten (een
stofwisselingsziekte die een streng dieet vereist; deze patiënten mogen bijvoorbeeld geen
aspartaam - een kunstmatige zoetstof ter vervanging van suiker - gebruiken), mensen met
overgewicht, en natuurlijk ook door iedereen. Hoge concentraties stevioside verlagen de
bloeddruk bij hypertensie, terwijl de biochemische parameters van het bloed niet
veranderen. Er werden nooit nadelige effecten waargenomen, en het nemen van stevioside had
geen invloed op de mannelijke potentie. Daarenboven bezitten hogere
steviosideconcentraties mogelijkheden voor de behandeling van type 2 diabetes.
In Brazilië, Korea en Japan zijn Stevia
en stevioside toegelaten. In de Verenigde Staten zijn ze toegelaten als dieetsupplement.
Inspelend op de vraag van de Europese Commissie naar meer onderzoek richtten de Leuvense
professoren Jan Geuns (Laboratorium voor Functionele Biologie) en Johan Buyse
(Laboratorium voor Fysiologie en immunologie der huisdieren) in 2003 het European Stevia
Research Centre op aan de K.U.Leuven om het onderzoek rond Stevia en stevioside beter te
coördineren. Het onderzoekscentrum wil onder meer een Europees kwaliteitslabel voor
stevioside ontwikkelen opdat de Europese ban op stevioside op termijn kan opgeheven
worden.
In april 2004 organiseerde het European
Stevia Research Centre een eerste internationaal symposium aan de K.U.Leuven over de
veiligheid van stevioside. Zowel buitenlandse specialisten als onderzoekers van de
K.U.Leuven gingen onder meer in op de effecten van stevioside bij type 2 diabetes en bij
gezonde vrijwilligers. Het algemene besluit van het symposium was dat het gebruik van
stevioside als zoetstof volstrekt veilig is. Daarbij verwijzen de onderzoekers ook naar
het jarenlange gebruik in bovengenoemde landen. Onder de redactionele leiding van Jan
Geuns en Johan Buyse verschijnt nu het boek Proceedings of the first symposium on
the Safety of Stevioside met de handelingen van de studiedag.
Voor meer informatie en een exemplaar van
het boek kan u contact opnemen met professor Jan Geuns (Laboratorium voor Functionele
Biologie), tel. 016/32.15.10. en met professor Johan Buyse (Laboratorium voor Fysiologie
en immunologie der huisdieren).
Website European Stevia Research Centre: http://www.kuleuven.ac.be/bio/biofys/ESC/ESC.htm
Uitspraak
van EU tegen Stevia
BESCHIKKING VAN DE COMMISSIEvan 22 februari 2000 houdende weigering van een
vergunning voor het in de handel brengen van Stevia rebaudiana Bertoni: planten en
gedroogde bladeren als nieuw voedingsmiddel of nieuw voedselingrediënt krachtens
Verordening (EG) nr. 258/97 van het Europees Parlement en de Raad
Dietiste Janet de Jong deed ondezoek naar
Stevia. Volgens Janet de Jong wordt nog steeds druk uitgeoefend door de
zoetstoffenindustrie. "Stevia vormt voor deze sector een wezenlijke bedreiging:
stevia is natuurlijk, goedkoop en er kan geen patent op worden aangevraagd. Mogelijk dat
er iets verandert na 2005, wanneer de patenten van vele zoetstoffen aflopen. Ik denk dat
de zoetstoffenindustrie dan stevioside op de markt zal brengen. Dit is te extraheren uit
stevia en hierop kunnen ze weer een patent aanvragen. Tot die tijd zal de sector alles in
het werk stellen om te voorkomen dat stevia wordt goedgekeurd als zoetstof."
Stevia discussie
forum
Naast al de wetenschappelijke studies die bewijzen dat stevioside volledig
veilig is, zijn er nooit rapporten verschenen die aantonen dat het gebruik van Stevia of
stevioside het aantal kankergevallen verhoogt, zelfs niet na een langdurig gebruik ervan
(Paraguay: meer dan 500 jaar, Japan: meer dan 25 jaar, Z.-Korea: 16 jaar, Brazilië: 13
jaar, China: 12 jaar, USA: sinds 1995 gedoogd als dieetsupplement). Het besluit kan zeker
zijn dat Stevia en stevioside volledig veilig zijn op gebied van carcinogene activiteit.
European Stevia
Center
The leaves
of S. rebaudiana Bertoni contain at least ten different glycosides, the major constituents
being stevioside and rebaudioside A. There is no single common or trivial name in common
usage for the evaluated mixture of glycosylated derivatives of steviol. At the 63rd
meeting, Jecfa (Joint expert committee for food additives) established that the evaluated
material of commerce for which specifications were developed (over 95% purity) should be
known as steviol glycosides. The Committee reviewed additional biochemical and
toxicological data on the major glycosylated derivatives of steviol and on the aglycone,
steviol.
Stevioside, the main sweet
component in the leaves of Stevia rebaudiana (Bertoni) Bertoni tastes about 300 times
sweeter than sucrose (0.4% solution). As the incidence of diabetes type 2 and obesitas is
sharply increasing, the last one also due to too much fat and salt intake, stevioside is a
good substitute for table sugar. The yearly costs of these diseases were estimated to be
30 billion euro in Germany, 5 billion in Belgium and 300 billion USD in the USA.
This sum includes the money
for drugs, for hospitalisation, amputations, eye diseases going to blindness, treatment of
heart and blood circulation problems, special diets, dental care, costs of the medical
staff and so on. Assuming that the European population (± 454,000,000) is in a similar
bad condition as the Belgian one, the yearly costs may be estimated at about 227 billion
euro! Even this might be an underestimation as it does not include social aspects and
human suffering.
Stevia safety studies
Metabolism, absorption, and
excretion study
E.Koyama., K.Kitasawa., Y.Ohori., O.Izawa., K.Kakegawa., A.Fujino & M.Ui., In
vitro metabolism of glycosidic sweeteners, stevia mixture and enzymatically modified
stevia in human intestinal microflora. Food and Chemical Toxicology Volume 41, Issue 3,
March 2003, Pages359-374
Eriko Koyama., Norifumi Sakai., Yuji
Ohori., Ken Kitazawa., Osamu Izawa., Kunio Kakegawa., Akiharu Fujino., Michio Ui.,
Absorption and metabolism of glycosidic sweeteners of stevia mixture and their aglycone,
steviol, in rats and humans. Food and Chemical Toxicology Volume 41, (2003) 875-883
Acute toxicity study
Toskulkao, C., Chaturat, L., Temcharoen, P. & Glinsukon, T. Acute toxicity of
stevioside, a natural sweetener, and its metabolite, steviol, in several animal species.
Drug Chem. Toxicol., 20, 31|44.(1997)
Subchronic toxicity study
"Aze, Y., Toyoda, K., Imaida, K., Hayashi, S., Imazawa, T., Hayashi, Y.,
& Takahashi, M. Subchronic oral toxicity study of stevioside in F344 rats. Bull. Natl
Inst. Hyg. Sci., 48|54 (1991),(in Japanese)."
Chronic toxicity and
carcinogenicity study
"Toyoda, K., Matsui, H., Shoda, T., Uneyama, C., Takada, K. & Takahashi,
M.
Assessment of the carcinogenicity of stevioside in F344 rats.
Food Chem. Toxicol., 35, 597|603.(1997)"
"Xili, L., Chengjiany, B., Eryi, X.,
Reiming, S., Yuengming, W., Haodong, S. & Zhiyian, H. (1992)
Chronic oral toxicity and
carcinogenicity study of stevioside in rats.
Food Chem. Toxicol., 30, 957|965."
Mutagenicity study
Kaoru Sekihashi., Hiromi Saitoh & Yu F. Sasaki., Genotoxicity studies of
stevia extract and steviol by the comet assay. The Journal of Toxicological Sciences, Vol
27, Supplement I, 1-8, 2002 (Japanese)
Madoka Nakajima et al., Micronucleus test
of rebaudioside A in mice. Biosafety research center, Foods, Drugs and Pestcides 2000
(Japanese)
Madoka Nakajima et al., Chromosome
aberration assay of rebaudioside A in cultured mammalian cells. Biosafety research center,
Foods, Drugs and Pesticides 2000 (Japanese)
Teratogenicity study
"Usami, M., Sakemi, K., Kawashima, K., Tsuda, M. & Ohno, Y. (1995)
Teratogenicity study of stevioside in rats. Bull. Natl Inst. Hyg. Sci., 113, 31|35 (
in Japanese )"
Reproduction toxicity study
Akashi.Haruo, Yokoyama.Yukio, Dried-leaf extracts of stevia. Toxicological tests
Shokuhin Kogyo. 1975 18; 34-43 (Japanese)
Mori, N., Sakanoue, M., Takeuchi, M.,
Shimpo, K. & Tanabe, T. (1981) Effect of stevioside on fertility in rats. J. Food Hyg.
Soc. Jpn., 22, 409|414 (in Japanese)
Terug
naar het hoofdmenu