nieuws en voeding


logo.jpg (7231 bytes)

Google

 

Nieuws maart 2006


60% van mensen met diabetes hebben tekort aan vitamine D

Onderzoekers van het Sacro Cuore Hospital in Negrar (Italië) onderzochten 459 patiënten met Diabetes II en controleerden hun vitamine D levels. Hieruit bleek maar liefst 60% van hen een tekort aan vitamine D te hebben. Dit kan ernstige gevolgen hebben voor oa de botdichtheid. Ook speelt vitamine D een cruciale rol bij de preventie van borstkanker, prostaatkanker en darmkanker. Suppletie van vitamine D wordt door steeds meer onderzoekers geadviseerd.

Vitamine D komt ook voor in vette vis, oesters, melk en levertraan en uit zonlicht en is ook belangrijk voor het gezond houden van je longen.


Ginseng zorgt voor grotere overlevingskans bij borstkanker

Vrouwen die het kruid Ginseng gebruiken hebben een grotere kans om borstkanker te overleven en een beter kwaliteit van leven te hebben na de behandeling blijkt uit een nieuwe Chinese studie.

De studie volgde gedurende 6 jaar 1455 Chinese vrouwen die behandeld waren voor borstkanker. De vrouwen die reeds Ginseng gebruikten hadden een 30% kleinere kans op te overlijden tijdens de 6 jaar die zij gevolgd werden.

De vrouwen die Ginseng pas na de diagnose gingen gebruiken voelden zich emotioneel beter en hadden een aktiever sociaal leven dan de vrouwen die geen Ginseng gebruikten.

http://today.reuters.com/news/newsArticle.aspx?type=healthNews


Aluminium de echte oorzaak van Alzheimer?

De Amerikaan Harold D. Foster beweert dat de echte oorzaak van Alzheimer wordt veroorzaakt door aluminium, met name bij een groep mensen die meer gevoelig zijn voor dit toxische metaal. Hij schreef hier een gratis boek over met een onderbouwing en informaties mbt vele studies die je kunt downloaden op zijn site. Ik ben helaas niet in staat om alle informatie die ik vind te vertalen maar alle hulp is welkom......

There is currently a global Alzheimer’s pandemic involving tens of millions of victims. In the USA alone, the number of those affected is expected to reach 14 million by 2050.1 This suffering and the financial costs associated with it are unnecessary. Alzheimer’s disease is caused by aluminum and is particularly common in those carrying the APO E4 allele(s), who are more susceptible to this toxic metal because they are less capable
than the general population of removing brain beta-amyloid and tau proteins. As a consequence, such individuals are at higher risk of developing Alzheimer’s disease, as these abnormal proteins build up in the brain and form neuritic plaques and neurofibrillary tangles.

Naturally, this process occurs more often and most rapidly in regions that promote the deposition of beta-amyloid and tau. Such “harmful” environments are those in which drinking water is acidic, high in monomeric aluminum, and lack magnesium, calcium, and silicic acid. Under these circumstances, aluminum enters the brain and impairs
various enzymes, including choline acetyltransferase, calcium/calmodulin kinase II, alkaline phosphatase, and phospholipase A2. The result of this process is the abnormal brain pathology seen in Alzheimer’s disease patients and the disrupted biochemistry
associated with it. In an earlier publication,2 I called this explanation of the downward spiral, known as Alzheimer’s disease, Foster’s Multiple Antagonist Hypothesis.

http://www.hdfoster.com/Foster_Alzheimers.pdf


Aluminium in deodorant en borstkanker

Ik roep al een jaar om uit te kijken voor deodorants met aluminium zouten op mijn voorpagina maar krijg nu toch wat onverwachte bijval:

Kan deodorant de kans op borstkanker vergroten?

Wetenschappers geloven dat aluminium zouten in deodoranten de kans op borstkanker kunnen verhogen maar vinden het wel wenselijk dat deze theorie verder wordt onderzocht. Volgens een artikel in de komende april uitgave van het Journal of Applied Toxicology kunnen chemicaliën die het het hormoon oestrogeen nabootsen de kans op borstkanker vergroten. Verder komt er steeds meer bewijs dat deze zouten door de huid heendringen en in het lichaam terechtkomen en daar oestrogeen kunnen nabootsen.

http://www.forbes.com/lifestyle/health/feeds/hscout/2006/03/06/hscout531342.html

Ik heb nog even verder gespit en ook een artikel gevonden over planten die voor hetzelfde probleem kunnen zorgen. Met name patiënten met verhoogd risico op kanker moeten dus voorzichtig zijn met deze planten.

Researchers have found that several botanicals can mimic the action of the female hormone estrogen -- a potentially dangerous situation for women with, or at risk for, cancers such as breast cancer or cancer of the uterus that grow in response to female hormones.

http://www.webmd.com/content/article/24/1825_50376

Verder kunnen chemische oestrogenen zorgen voor een aandoening "Dysmenorrhea" die te behandelen is door het Progesterone level te verhogen: Deze aandoening zorgt bij vrouwen voor pijnlijke menstruele krampen.

http://www.nodysmenorrhea.com/

Vrouwen met osteoporose kunnen baat hebben bij oestrogeen suppletie maar moeten wel beseffen dat ze daarmee de kans op borstkanker kunnen vergroten.

http://www.rivm.nl/vtv/object_document/o1800n18373.html


Farmaceutische bedrijven bereiden zich voor op kritische film
van Michael Moore

De Amerikaanse farmaceutische sector reageert nu al paniekerig op de nieuwe documentaire van Michael Moore die pas in september verschijnt. Moore die eerder furore maakte met Fahrenheit 9/11 neemt in zijn nieuwste film Sicko de winsthonger van de geneesmiddelensector in het vizier. De farmaceutische bedrijven vrezen een nieuwe deuk in hun imago. Documentairemaker Michael Moore verbrak vorige maand de stilte die rond zijn nieuwe project heerst. Op zijn site roept hij slachtoffers van de hebzuchtige gezondheidssector op om te getuigen. “Al wat we nodig hebben, zijn een paar van jullie getuigenissen zodat we de wereld kunnen laten zien wat het grootste land in de geschiedenis van het universum haar eigen mensen aandoet alleen maar omdat ze het ongeluk hebben om ziek te worden. Want ziek zijn is – tenzij je rijk bent – een misdaad waarvoor je soms met je eigen leven moet betalen.”

http://www.indymedia.be/en/node/1592


UM onderzoekt kankerverwekkende stoffen bij kinderen

Welke kankerverwekkende stoffen komen voor in het bloed van pasgeborenen en waar komen die vandaan? Veroorzaken ze schade aan cellen en kan dat op termijn tot kanker leiden? Welke relatie is er tussen de voeding die moeder tot zich neemt en zelfs de voeding die vader gebruikt en deze aangetroffen stoffen? Vragen van levensbelang die de komende vijf jaar onderzocht worden door 25 instituten uit zestien Europese landen, onder aanvoering van prof. dr. Jos Kleinjans van de Universiteit Maastricht. Door gebruik te maken van de gegevens van zo'n 300.000 moeder-kindparen in heel Europa, hoort het onderzoek tot de grootste in zijn soort. Het doel is bij te dragen aan de gezondheid van kinderen door onderzoeksresultaten te boeken die het beleid ten aanzien van voeding verbeteren.
Het aantal kinderen dat aan kanker (voornamelijk leukemie) lijdt stijgt de laatste decennia in de EU. Ook het aantal chronische aandoeningen aan met name de longen neemt toe. Dat is niet slechts terug te voeren op het feit dat de diagnostische technieken verbeterd zijn. En kinderen zijn genetisch niet anders dan vroeger. Meer waarschijnlijk is het volgens prof. Kleinjans dat er chemicaliën voorkomen in de omgeving van kinderen die deze ziektes veroorzaken. Dat is dan ook de hypothese van het project NewGeneris, dat staat voor 'Newborns and Genotoxic Exposure Risks'. De EU stelt 13,6 miljoen euro ter beschikking voor vijf jaar onderzoek.

Voedsel
Het vermoeden bestaat dat we kankerverwekkende stoffen via ons voedsel binnenkrijgen. Hetzij omdat de stoffen in dat voedsel zitten, hetzij omdat we het eten bereiden, waarbij schadelijke stoffen ontstaan. Denk aan het verbrande randje zwart vlees. 'Het ligt voor de hand om te veronderstellen dat kinderen gevoeliger zijn voor dergelijke invloeden dan volwassenen. Kanker ontstaat niet van vandaag op morgen', aldus prof. Kleinjans. 'Daar gaat soms tien jaar overheen. Om toch binnen vijf jaar redelijke uitspraken te kunnen doen, gaan we vooruit kijken aan de hand van onderzoek bij pasgeborenen. Zij eten nog niet van de supermarkt, maar hebben in de baarmoeder gegeten van wat moeder binnen krijgt. In Europa is een aantal grote databanken met gegevens over bijvoorbeeld voedingsgedrag van moeder gecombineerd met navelstrengbloed van haar kind. Dat navelstrengbloed is het goud in dit onderzoek, want daarin kun je met zogenaamde biomarkers de biologische, potentiëel kwaadaardige, processen vroeg opsporen en interpreteren.'  Opmerkelijk is dat bij dit onderzoek ook de blootstelling van vader aan schadelijke stoffen onderzoekt. Het is bekend dat chemicaliën de vorming van spermacellen beïnvloedt, maar welke gevolgen dat kan hebben voor het kind is niet bekend.

Grapefruit extract kan helpen bloeddruk te verlagen

Hoge bloeddruk? Een dagelijks grapefruit extract supplement dat rijk is aan polyphenolen kan volgens wetenschappers van de University of California, helpen uw bloeddruk te verlagen. Dit blijkt uit de eerste klinische studie naar de werking van dit extract bij mensen die leiden aan het metabool syndroom (40% vd volwassenen in de States).

Het metabool syndroom is een verzameling van risicofactoren die kunnen leiden tot hart- en vaatziekten en diabetes type 2. Overgewicht en gebrek aan beweging zijn de belangrijkste factoren die kunnen leiden tot de verstoringen in het lichaam die het metabool syndroom wordt genoemd. In Nederland leidt een kwart van de 55 plussers aan dit syndroom, veelal zonder dit te weten.

http://www.nutraingredients-usa.com/news/


Nieuwe technologie vermindert glutamaat, zout en suiker in industrie voeding

Het Amerikaanse biotech bedrijf Senomyx heeft meerdere patenten in huis voor de voedingsindustrie waarmee producenten de hoeveelheden zout, suiker en Monosodium Glutamaat (E621, Vetsin) kunnen verminderen zonder smaak/geurverlies. De Amerikanen richten zich met name op de werking van smaakreceptoren en smaakstoffen terwijl de Belgen (ChemCom) zich meer richten op geurreceptoren en geurstoffen. De Senomyx onderzoekers hebben al medicijnen, dieetdrankjes en koffie van hun bittere smaak verlost.

http://www.fonteine.com/nieuws/senomyx.html


Eiwit (aequorin) van kwal (jellyfish) kan mogelijk helpen bij Alzheimer/Parkinson

Volgens onderzoekers uit Amerika is er bij neuro-degeneratieve ziektes zoals Parkinson en Alzheimer een probleem met calcium ionen (Impaired calcium homeostasis) oftewel een verstoorde calciumhuishouding.

Het biotech bedrijf doet nu onderzoek naar het eiwit Aequorin dat een calcium bindend eiwit is dat voorkomt in kwallen. Het doel is nu produkten te ontwikkelen die op basis van dit eiwit een oplossing zouden kunnen worden voor ziektes zoals Parkinson en Alzheimer.

The role of calcium in human physiology has been extensively researched throughout the last century. Disruptions in calcium homeostasis are known to cause and to correlate with a large number of diseases, syndromes and conditions. Following much investigation, calcium-binding proteins (CaBPs) have been recognized as protective factors in neuronal populations susceptible to toxicity via calcium and calcium-mediated actions. Aequorin is from the family of calcium-binding proteins known as the EF-hand family. Several CaBPs endogenous to the human body are also of the EF-hand family and have been found to serve protective roles in certain cellular populations. Quincy Bioscience intends to apply the technology developed from the aequorin molecule to develop products that fight neurodegenerative diseases such as Alzheimer's and Parkinson's diseases, by supplementing calcium binding proteins in an effort to restore calcium ion homeostasis.


Filmpje!
http://www.quincybioscience.com/videos/aequorin.mov

Website bedrijf
http://www.quincybioscience.com


Schriftelijke vragen aan EU parlement door klokkenluider mbt aspartaam en belangenverstrengeling van onderzoekers

Klokkenluider Paul van Buitingen stelt schriftelijke vragen over de mogelijke belangen verstrengeling van EFSA wetenschappers die een veiligheidsevaluatie uitvoeren van de carcinoge werking van aspartaam.

Volledige brief hier:
http://www.europarl.eu.int/omk/


Vitamine C kan belangrijke rol spelen bij kanker therapie

In Nederland wordt er vaak door de medici laagdunkend gedaan over de mogelijke rol van hoge dosis vitamine C bij kanker. Maar wetenschappers zoals Linus Pauling zeggen dit al vele jaren. Ook natuurartsen blijven vaak hameren op hogere dosis vitamine C dan de armzalige 70mg die het Nederlands Voedingscentrum voorschrijft als dagelijkse dosis.

Maar nu blijkt uit een studie door onderzoekers van de McGill Universiteit in Montreal en het Nationale Instituut Gezondheid in Canada dat hoge dosis Vitamine C direct ingespoten in de aderen en oraal gebruikt toch verbeteringen van symptomen kan geven en zelfs levensverlengend kan werken bij mensen met een terminal vorm van kanker. Deze studie beschrijft de effecten van hoge dosis vitamine C bij een drietal patiënten die blaaskanker, nierkanker en lymfkliekanker hadden. De resultaten waren dusdanig positief dat er nu meerdere vervolgstudies zullen worden gedaan.

Vitamin C could have a role in cancer therapy

Researchers at McGill University and the National Institutes of Health have found in preliminary studies that high-dose vitamin C given by intravenous and oral routes may improve symptoms and prolong life in patients with terminal cancer. Several clinical trials of the procedure are set to begin, including one at McGill.

The study, published in the March 28 issue of the Canadian Medical Association Journal, detailed case reports of three individual patients with different types of cancer. The patients had unexpectedly long survival times after receiving high-dose intravenous vitamin C therapy. McGill University's Dr. L. John Hoffer, of the Faculty of Medicine and Project Director at the Lady Davis Institute for Medical Research, Jewish General Hospital, co-authored the article with researchers from the NIH.

Dr. Hoffer said the case reports indicate that the role of high-dose intravenous vitamin C therapy in cancer treatment should be explored further. "Our findings are important because they provide significant grounds to continue this research on vitamin C and cancer therapy," he said.

Source: University Relations Office (URO)

For more information: McGill University - http://www.mcgill.ca/
Canadian Medical Association Journal - http://www.cmaj.ca/

Interne links


Waarschuwing voor Plavix + Aspirine bij patiënten met verhoogd risico op hartproblemen door suikerziekte of hoge bloeddruk

Uit onderzoek door de Cleveland Clinic USA blijkt dat het geneesmiddel Plavix in combinatie met een lage dosis aspirine niet effectiever is dan alleen goedkope aspirine op zich is voor preventie van hartaanvallen en dood door hartproblemen bij risicovolle patiënten.

Maar nog verontrustender is het feit dat uit deze studie blijkt dat patiënten met een verhoogd risico op hartproblemen (diabetici, hoge bloeddruk) die Plavix nemen in combinatie met aspirine en die nog geen hartaanval hebben gehad een bijna dubbele kans hebben om te overlijden door hartproblemen hebben.

Al eerder is gebleken dat Plavix een extra risico is voor mensen die eerder een maagzweer hebben gehad. Deze zouden beter gewone aspirine kunnen nemen.


Speciale bijeenkomst in België voor Fybromyalgie en CVS patiënten

SOS II Werelddag - CVS en fybromyalgie 2006

Zaterdag 13 mei van 14 tot 17 uur, deuren open om 13u30

Waar? Antwerp Expo (bouwcentrum)
Jan Van Rijswijcklaan 191
Antwerpen

Een groots festijn waarin ze ME en fibromyalgie een gezicht willen geven.
Er komen allerlei artsen, patienten, pers, muziek, etc.
Ook Nederlanders zijn welkom.


Teflon zonder perfluoroctaanzuur, Dupont haalt bakzijl

Na veel druk van de Amerikaanse milieubescherming hebben 8 grote bedrijven in de VS besloten de komende 4 jaar de hoeveelheid perfluoroctaanzuur tot 95% te reduceren. De Amerikaanse chemie lobby die maar liefst 21 miljoen dollar meebetaalde aan de Bush verkiezingscampagne heeft voor het eerst het onderspit moeten delven. Dezelfde lobby heeft nog succesvol de Europese plannen (Reach) voor nieuwe chemie wetgeving kunnen ondermijnen maar heeft nu bakzijl moet halen. Studies naar PFOA toonden verbanden tussen de stof en kanker en geboorteafwijkingen aan.

Teflon chemical to be phased out 95 percent by 2010

Eight US chemical companies agreed at the end of January to a partial phase-out of a harmful chemical used to make Teflon and other non-stick products.

The deal to reduce the use of perfluorooctanoic acid (PFOA) resulted from pressure from the US Environmental Protection Agency, an extremely rare example of government muscle applied to big business in an otherwise regulation-averse Bush era. DuPont, which was fined $16m in December for hiding evidence of PFOA’s health dangers, and seven other companies have agreed to voluntarily reduce use of PFOA in products by 95 percent by 2010, with a full phase-out by 2015.

Studies have linked PFOA to cancer and birth defects in animals; studies have also determined that the chemical is present in the blood of 95 percent of Americans, including pregnant women. The phase-out of PFOA will affect the lives of millions of Americans, eliminating or significantly reducing the amount of the chemical in countless household products including stain-resistant finishes, weatherproofing materials, waterproof clothing, phone cables and even pizza boxes and microwave-popcorn bags. How many Britons have the chemical in their blood and the number that will ultimately be affected is difficult to discover.

The settlement is unfortunately only a small victory for consumers, who are faced with an ever-expanding list of inadequately tested chemicals in common consumer products.

The settlement announcement was especially surprising in light of the Bush administration’s close ties to the chemical industry. The American Chemistry Council, the main industry lobby group, has donated $21m to Bush’s election campaign since the start of the 2000 election.

More predictably, the administration has broadly opposed regulation of environmental health issues and is currently trying to halt comprehensive legislation on chemical policy in Europe. In December, European health advocates suffered a serious blow when REACH - a progressive chemical policy reform bill pending in the European Parliament - was significantly watered down after heavy lobbying by the US chemical industry. As secretary of state, Colin Powell did the industry’s bidding to help fight REACH, instructing diplomatic posts in Europe to oppose REACH regulation. His communication to them essentially paraphrased industry statements opposing the legislation.

Bron: http://www.i-c-m.org.uk/news/default.htm

Meer info over Teflon risico's


90% van kankerpatiënten zijn niet op de hoogte van anti-angiogenesis

De makers van het kanker medicijn Avastin claimen dat het grootste deel van de kankerpatiënten niet op de hoogte is van de zogenaamde anti-angiongenesis therapie die al meer dan 1 jaar beschikbaar is. Deze behandeling zorgt ervoor dat de bloedtoevoer van de tumor wordt afgesneden waardoor de tumor niet verder kan groeien. De grootste winsten zijn te behalen bij darmkanker, borstkanker en non-small cell longkanker. Het onderzoek stelt dat zeker de mensen die niet tevreden zijn over de mogelijkheden van chemotherapie op de hoogte moeten worden gehouden van nieuwe mogelijkheden zoals deze vorm van kankerbehandeling.

Meer info


Aantal navelstrengwindingen voorspelt zwangerschapsproblemen

Bij babies met te veel of te weinig windingen in hun navelstreng is de kans vergroot dat er iets mis gaat voor of tijdens de geboorte. Een afwijkend aantal windingen houdt verband met zwangerschapscomplicaties en aangeboren afwijkingen. Het meten van het aantal windingen vóór de geboorte kan helpen kinderen met een verhoogd risico op te sporen. Via een echo is het aantal navelstrengwindingen goed zichtbaar te maken. Dit concludeert gynaecoloog in opleiding Monique de Laat op basis van haar onderzoek in Universitair Medisch Centrum (UMC) Utrecht.

Alle aanvoer van zuurstof en voedingsstoffen en afvoer van afvalstoffen verloopt via de navelstreng. De navelstreng­windingen, in een spiraal lopende bloedvaten, maken de navelstreng sterk en tegelijkertijd flexibel, net als een telefoonsnoer. In twee studies analyseerde De Laat 885 en 565 zwangerschappen op het verband tussen navelstrengwindingen en complicaties. Als de streng te veel of te weinig windingen heeft, hangt dat samen met meer gevallen van sterfte van het kind voor de geboorte; zuurstofgebrek tijdens de geboorte; vroeggeboorte; chromosomale afwijkingen zoals het syndroom van Down; en een lager geboortegewicht.

Het meten van het aantal windingen vóór de geboorte kan helpen kinderen op te sporen met een verhoogd risico op een laag geboortegewicht en problemen tijdens de bevalling. Via een echo is het aantal navelstrengwindingen goed zichtbaar te maken. Momenteel loopt een vervolgonderzoek dat moet uitwijzen hoe goed de navelstrengwindingen het syndroom van Down voorspellen. Het meten van navelstrengwindingen zou net als de nekplooimeting en de triple test gebruikt kunnen worden om te bepalen of een vruchtwaterpunctie nodig is. Bij een vruchtwaterpunctie worden foetale cellen onderzocht op chromosoomafwijkingen.

Prostaatkankercellen dood door rode pepers

Rode pepers bevatten een stof (capsaicin) die voor het brandende gevoel zorgen. Uit een studie gepubliceerd in de maart editie van het Cancer Reseach journal blijkt nu dat deze stof bij muizen met ingebrachte P53 prostaatkankercellen er ongeveer 80% van deze cellen werden gedood (celdood, apoptosis). In andere studies ging ook al de PSA waarde (een eiwit geproduceerd door kankertumoren) omlaag. Een volwassen man van 100 kilo zou ongeveer 1200 milligram van deze stof nodig hebben, zo'n 3-8 rode pepers per week.

Ook is gebleken uit onderzoek van Fred Penninkhof (Erasmus Universiteit) dat prostaatkankercellen geslachtshormonen nodig hebben om te overleven.

  • Capsaicin is the major pungent ingredient in red peppers. Here, we report that it has a profound antiproliferative effect on prostate cancer cells, inducing the apoptosis of both androgen receptor (AR)-positive (LNCaP) and -negative (PC-3, DU-145) prostate cancer cell lines associated with an increase of p53, p21, and Bax. Capsaicin down-regulated the expression of not only prostate-specific antigen (PSA) but also AR. Promoter assays showed that capsaicin inhibited the ability of dihydrotestosterone to activate the PSA promoter/enhancer even in the presence of exogenous AR in LNCaP cells, suggesting that capsaicin inhibited the transcription of PSA not only via down-regulation of expression of AR, but also by a direct inhibitory effect on PSA transcription. Capsaicin inhibited NF- activation by preventing its nuclear migration. In further studies, capsaicin inhibited tumor necrosis factor-–stimulated degradation of IB in PC-3 cells, which was associated with the inhibition of proteasome activity. Taken together, capsaicin inhibits proteasome activity which suppressed the degradation of IB, preventing the activation of NF-B. Capsaicin, when given orally, significantly slowed the growth of PC-3 prostate cancer xenografts as measured by size [75 ± 35 versus 336 ± 123 mm3 (±SD); P = 0.017] and weight [203 ± 41 versus 373 ± 52 mg (±SD); P = 0.0006; capsaicin-treated versus vehicle-treated mice, respectively]. In summary, our data suggests that capsaicin, or a related analogue, may have a role in the management of prostate cancer. (Cancer Res 2006; 66(6): 3222-9)

    http://cancerres.aacrjournals.org/cgi/content/abstract/66/6/3222
  • Prostaatcellen en ook prostaatkankercellen hebben androgenen (geslachtshormonen, bij de man geproduceerd door de testikels) nodig om te overleven en te groeien. Androgeen-onttrekking (zoals kan worden bewerkstelligd door verwijderen van de testikels) heeft een remmende invloed op de groei van androgeen-afhankelijke prostaatkankercellen en kan dus goed als therapie worden toegepast. Echter, na een bepaalde periode, in lengte verschillend per patiënt, worden prostaatkankercellen ongevoelig voor onttrekking van androgenen. Deze verdere ontwikkeling van prostaatkanker resulteert in de zogenoemde androgeen-onafhankelijke prostaatkanker. De kankercellen hebben zich blijkbaar aangepast en kunnen overleven; ze groeien ook tijdens androgeen-onttrekkings-therapie. Het REPS2 eiwit, het eiwit dat Penninkhof tijdens zijn promotieonderzoek heeft onderzocht, speelt mogelijk een rol bij deze aanpassing.

    http://www.eur.nl/perskamer/persberichten/archief05/augustus2005/penninkhof/

Regelmatig Ecstasy gebruik sloopt geheugen en leervermogen

Onderzoekers van de Universiteit van Toronto hebben aangetoond dat regelmatige gebruikers van XTC (Ecstasy) hun geheugen en leervermogen blijvend beschadigen.

Memory impairment in abstinent MDMA ("Ecstasy") users: A longitudinal investigation

Konstantine K. Zakzanis, PhD; and Donald A. Young, PhD
From the Division of Life Sciences (Dr. Zakzanis), University of Toronto; and Centre for Addiction and Mental Health (Dr. Young), Archway Clinic, Toronto, Ontario, Canada.

To examine the neurotoxic potential of continued MDMA ("Ecstasy") use in humans and its functional consequences over the course of 1 year, 15 MDMA users participated in a longitudinal study in which they completed a brief neuropsychological test battery composed mainly of retrospective and prospective memory tasks. Subjects were abstinent for 2 weeks on initial and 1-year testing. Continued use of MDMA was associated with progressive decline in terms of immediate and delayed recall.

http://www.neurology.org/cgi/content/abstract/56/7/966


NKI-AVL vindt twee nieuwe miRNAs die sleutelrol spelen bij ontstaan kanker

Methode ontwikkeld voor ontrafeling functies nieuwe miRNA-moleculen

Onderzoekers van Het Nederlands Kanker Instituut - Antoni van Leeuwenhoek Ziekenhuis (NKI-AVL) hebben als eerste een methode ontworpen die snel functies van nieuwe microRNAs ontrafelt. MiRNAs zijn op DNA lijkende moleculen die met name een sleutelrol spelen bij het ontstaan van kanker. De klinische betekenis voor kiemceltumoren is aangetoond in samenwerking met het Erasmus MC- Daniel den Hoed-Josephine Nefkens Instituut (JNI) in Rotterdam. Een coververhaal hierover verschijnt 24 maart in het wetenschappelijk tijdschrift Cell.

MicroRNAs (miRNAs) zijn kleine stukjes RNA-moleculen. Door genen uit te schakelen spelen ze een cruciale rol bij celdeling en bij de ontwikkeling van embryonale cellen. Sinds enkele jaren vermoeden onderzoekers dat als deze moleculen ontregeld raken, ze celgroei kunnen stimuleren en zo kanker veroorzaken. miRNAs staan onder grote aandacht. Inmiddels zijn er circa vijfhonderd geïdentificeerd. Onderzoekers zijn erop gebrand functies van miRNAs te ontrafelen die mogelijk een aangrijpingspunt zijn voor antikankertherapieën. Omdat de moleculen ongeveer 20 basenparen klein zijn, zijn ze makkelijk uit te schakelen.

NKI-AVL-onderzoekers Mathijs Voorhoeve, Carlos le Sage en onderzoeksleider Reuven Agami hebben nu als eerste een manier gevonden om snel nieuwe functies van miRNAs te ontdekken. De celdeling van normale cellen wordt in balans gehouden door twee typen genen: oncogenen, die de groei stimuleren, en tumorsuppressorgenen die de groei remmen.

Agami en zijn collega's ontwikkelden een laboratoriummodel waarin zij oncogenen in normale cellen activeerden. Deze cellen staan dan als het ware op scherp. Alhoewel tumorsuppressogenen deze cellen in balans houden, hebben de cellen enkel de prikkel van het juiste miRNA-molecuul nodig om te veranderen in een kankercel.

Om te onderzoeken welke miRNAs deze eigenschappen hebben, testte Agami een verzameling van bijna alle bekende humane miRNAs. Met de zogeheten microarray-techniek bekeek hij de groei-effecten van iedere afzonderlijke miRNA op de cellen. Zo ontdekten de onderzoekers twee onbekende miRNAs die betrokken zijn bij het ontstaan van kanker.

Bovendien ontdekte dr. Agami samen met prof. Leendert Looijenga van het Erasmus MC- JNI dat deze twee miRNAs betrokken zijn bij het ontstaan van kiemceltumoren doordat ze de bekende p53-kankerroute omzeilen. Dat verklaart waarom kiemceltumoren erg gevoelig zijn voor bestraling en chemotherapie, en dus goed behandelbaar zijn.


Antidepressiva verbeteren

De meest voorgeschreven antidepressiva, de selectieve serotonine heropname remmers (SSRI's, bijvoorbeeld Prozac), zijn slechts bij zo’n zeventig procent van de patienten effectief en dan nog maar matig. Ook duurt het een aantal weken voordat ze werkzaam zijn. Minke Jongsma onderzocht manieren om deze antidepressiva te verbeteren.

Depressie wordt vaak in verband gebracht met een tekort aan de signaalstof serotonine in de hersenen. Het antidepressief effect van SSRI's wordt dan ook verklaard met het feit dat ze serotonine in de hersenen verhogen. Uit onderzoek bij proefdieren bleek dat serotonine receptoren eerst minder gevoelig moeten worden om de verhoging te bereiken. De receptoren remmen namelijk de afgifte van serotonine. Dit minder gevoelig worden duurt echter enkele weken. Door de receptoren meteen te blokkeren, zullen antidepressiva sneller werken. Gelijktijdig een blokker toedienen verbetert dus de werking van een SSRI. Ook het extra toedienen van een bouwstof van serotonine versterkt de werking van serotonine. Een toename van tien procent van zo’n bouwstof (tryptofaan) in het bloed kan het effect van SSRI’s in de hersenen al verdubbelen.

Minke Jongsma: Serotonergic augmentation strategies, possibilities and limitations
Promotoren: prof. dr. J.A. den Boer en prof.dr. B.H.C. Westerink

Bron: UMC Groningen


In kankercel ingebracht gen nog moeilijk te volgen

Uitgezaaide vormen van kanker zijn veelal nog onvoldoende te behandelen met de huidige standaardtherapieën. Een nieuwe behandelmethode is gentherapie. Bij een bepaalde vorm van gentherapie, wordt een stukje erfelijk materiaal van een herpes virus, het herpes simplex virus thymidine kinase (HSVtk) gen, in kankercellen gebracht. In deze kankercellen wordt een eiwit aangemaakt dat niet in andere lichaamscellen voorkomt. Nadat het eiwit is aangemaakt, krijgt de patiënt het antivirale medicijn ganciclovir. Dit medicijn zorgt ervoor dat de kankercellen waarin het HSVtk-eiwit voorkomt en omliggende cellen worden gedood. Om deze vorm van gentherapie te kunnen verbeteren is het van belang om te weten hoe efficiënt het gen in de tumor wordt gebracht. Anne Rixt Buursma onderzocht de mogelijkheden om het HSVtk-gen met een radioactieve tracer te volgen. Uit haar onderzoek blijkt dat de gevoeligheid van de methode moetverbeteren voor deze klinisch toepasbaar is. De studies met het HSVtk gen die in dit proefschrift staan beschreven kunnen ook ondersteuning bieden aan onderzoek naar andere vormen van gentherapie.

Anne Rixt Buursma: Monitoring transgene expression with positron emission tomography; a preclinical evaluation
Promotor: prof. dr. W.Vaalburg

Bron: UMC Groningen


Wereldprimeur: Nieuwe bloedtest voorspelt hartaandoeningen

De faculteit Geneeskunde van de K.U.Leuven heeft een bloedtest ontwikkeld waarmee het risico op hartziekten vroeger ontdekt kan worden. Professor Paul Holvoet en zijn onderzoeksteam van de afdeling Atherosclerose en Metabolisme ontwierpen een test waarmee men voor het eerst geoxideerd LDL-cholesterol in het bloed kan opsporen. Aan de hand van deze bloedtest bewezen ze vervolgens dat verhoogde waarden van geoxideerd LDL in het bloed een toekomstig hartinfarct voorspellen.

Professor Holvoet en zijn team pasten de nieuwe bloedtest toe op meer dan drieduizend bloedstalen. Daaruit bleek dat mensen met verhoogd geoxideerd LDL-cholesterol een groot risico lopen om binnen de tien jaar een hart- en vaatziekte te krijgen, zelfs al zijn hun gewone LDL- en HDL-cholesterolwaarden volledig normaal. Het onderzoek bevestigt daarmee het vermoeden dat LDL-cholesterol (de zogenaamde ‘slechte’ cholesterol) zéker schadelijk wordt wanneer het geoxideerd is.

Er is een duidelijk verband tussen een ongezonde levenswijze en verhoogde waarden van geoxideerd LDL-cholesterol in het bloed. Risicogroepen zijn onder meer personen met obesitas en rokers. Zelfs bij heel jonge obese personen – ongeveer vijftien jaar – waren de bloedwaarden van geoxideerd LDL verhoogd. Goed nieuws is dat vermageren of een gezondere levenswijze leidt tot een verlaging van het geoxideerd LDL. De bloedtest heeft dan ook een belangrijke preventieve rol op het vlak van hart- en vaataandoeningen.

http://www.kuleuven.ac.be/ck/2005_06/10/ck17-10-hart.php


Verhoogde kans op hersentumor bij gebruik van gsm en draadloze telefoon

Uit een Zweedse studie van de afdeling Oncologie van het Universiteit
Ziekenhuis in Orebro blijkt dat er een verhoogde kans is op een hersentumor
bij het gebruik van een gsm of draadloze telefoon. De studie duurde totaal
vijf jaar (1997-2003).

Pooled analysis of two case-control studies on the use of cellular and cordless
telephones and the risk of benign brain tumours diagnosed during 1997-2003
Int J Oncol. 2006 Feb;28(2):509-18.

Hardell L, Carlberg M, Hansson Mild K.

Department of Oncology, University Hospital, SE-701 85 Orebro, Sweden.
lennart.hardell@orebroll.se.

The use of cellular and cordless telephones and the risk of brain tumours is of
concern since the brain is a high exposure area. We present the results of a pooled
analysis of two case-control studies on benign brain tumours diagnosed during
1997-2003 including answers from 1,254 (88%) cases and 2,162 (89%) controls
aged 20-80 years. For acoustic neuroma, the use of analogue cellular phones gave
an odds ratio (OR) of 2.9 and a 95% confidence interval (CI) of 2.0-4.3; for
digital cellular phones, OR=1.5; 95% CI=1.1-2.1; and for cordless telephones,
OR=1.5, 95% CI=1.04-2.0. The highest OR was found for analogue phones with
a latency period of >15 years; OR=3.8, 95% CI=1.4-10. Regarding meningioma,
the results were as follows: for analogue phones, OR=1.3, 95% CI=0.99-1.7; for
digital phones, OR=1.1, 95% CI=0.9-1.3; and for cordless phones, OR=1.1,
95% CI=0.9-1.4. In the multivariate analysis, a significantly increased risk of
acoustic neuroma was found with the use of analogue phones.

PMID: 16391807


Studies geven meer duidelijkheid over oorzaak van astma

Onderzoekers van de Southern Illinois University School of Medicine in Springfield, USA onderzochten "markers" in 6,000 volwassenen. Hun doel was het meten van de hoeveelheid leptine in de deelnemers. Leptine is een eiwit dat door vetweefsel wordt geproduceerd en in verband wordt gebracht met astma. Mensen met astma bleken inderdaad hogere hoeveelheden leptine te hebben, met name bij de vrouwen. Onderzoekers van de Children's Hospital in Boston ontdekten dat niet de type 2 helper cellen een belangrijke rol bij astma spelen maar de natural-killer T cellen.

http://www.ivanhoe.com/channels/p_channelstory.cfm?storyid=13349


Link tussen antibiotica gebruik bij babies en astma op latere leeftijd

Uit een Canadese studie door de universiteit van British Columbia onder 12,082 kinderen is er overtuigend bewijs gevonden voor een relatie tussen het gebruik van antibiotica bij babies en astma op latere leeftijd. Antibiotica doden namelijk ook de goede bacteriën in de maag waardoor het immuunsysteem anders kan gan reageren op ziektes.

http://news.bbc.co.uk/2/hi/health/4801118.stm


Steeds meer kinderen in de US krijgen antipsychotische medicijnen tegen oa ADD en gedragsproblemen

In de periode 1995-2002 is het aantal kinderen dat dit soort medicijnen krijgt vervijfvoudigd tot 2.5 miljoen kinderen. Dit is een stijging van 8.6 op de 1000 kinderen naar 40 op de 1000 in 2002. Meer dan de helft van deze medicijnen waren voor ADD en verwante stoornissen.

http://apnews.myway.com/article/20060317/D8GD0O2OA.html


Rel in Amerika, aantal autistische kinderen daalt na daling van kwik in vaccins

Dankzij de speciale "Freedom of information act" komt er nu informatie vrij over de rol van de CDC (Centers for Disease Control) bij het Thimerosal schandaal. Dit op kwik gebaseerde conserveer middel wordt in verband gebracht met veel neurologische aandoeningen, inclusief autisme in kinderen die na 1989 zijn geboren.

Nadat er een verband bleek tussen hoge dosis kwik en gezondheidsproblemen bij kinderen heeft de CDC al in juli 1999 vaccinmakers geadviseerd om niet langer de stof Thimerosal te gebruiken.

Omdat er grote voorraden vaccins voorhanden waren en een verbod te kostbaar voor de industrie zou zijn zijn er dus nog miljoenen kinderen met deze stof ingeent. De CDC heeft zelfs nog een voorstel van Smithkline Beecham of Thimerosal vrije vaccins afgewezen.

Studies op basis van twee databases van de overheid laten een duidelijke stijging zien van autisme gevallen bij stijgend gebruik van Thimerosal en een zeer duidelijke daling wanneer dit middel niet meer wordt gebruikt.

Links

Time for CDC to Come Clean. Correspondence newly obtained under the Freedom of Information Act raises troubling new questions about CDC's role in the Thimerosal scandal. Thimerosal is the mercury-based vaccine preservative that has been linked to epidemics of neurological disorders, including autism, in American children born after 1989. Responding to scientific studies linking dangerous levels of mercury to a range of health disorders, the CDC in July 1999 recommended that the nation's vaccine makers eliminate Thimerosal as a preservative, "as soon as possible." http://www.huffingtonpost.com/robert-f-kennedy-jr/

Early Downward Trends in Neurodevelopmental Disorders Following Removal of Thimerosal-Containing Vaccines
http://www.jpands.org/vol11no1/geier.pdf

Analysis of two independent government databases shows that the alarming increase in reported cases of autism not only slowed but actually reversed since thimerosal was removed from childhood vaccines, according to the lead article in the spring 2006 issue of the Journal of American Physicians and Surgeons. http://www.aapsonline.org/nod/newsofday265.php


Nederlanders leven iets gezonder

In 2005 is voor het eerst in jaren het percentage volwassenen met overgewicht gedaald. Dit geldt zowel voor mannen als voor vrouwen. Ook voldeden meer Nederlanders aan de norm voor gezond bewegen. Het percentage rokers en zware alcoholgebruikers onder jongeren was in 2005 iets lager dan in vorige jaren. Dit blijkt uit cijfers van het CBS.
Geen verdere toename van mensen met overgewicht

In 2005 is een eind gekomen aan de sinds 1981 gestage toename van het aantal volwassenen met overgewicht. Vorig jaar kampte 45 procent van de volwassenen met overgewicht. Dat is iets minder dan in de twee jaren daarvoor. In 1981 was het percentage mensen met overgewicht 33 procent. Vooral bij de jongvolwassenen in de leeftijdsgroep 20-35 jaar zijn in 2005 minder mensen met overgewicht geteld. Bij de 55-plussers is het aandeel met overgewicht wel verder toegenomen. Bij een op de tien volwassenen was in 2005 sprake van ernstig overgewicht. Dat is vrijwel evenveel als in de voorgaande twee jaren.

Meer Nederlanders voldoen aan norm gezond bewegen

Vorig jaar had 55 procent van de bevolking van 12 jaar en ouder voldoende lichaamsbeweging volgens de Nederlandse Norm van Gezond Bewegen. Dat is iets meer dan gemiddeld in de periode 2001-2004. Het percentage lag bij jongeren van 12 tot 18 jaar beduidend lager dan gemiddeld. Slechts 33 procent van de jongens en 22 procent van de meisjes voldeed aan de norm van gezond bewegen voor hun leeftijdsgroep.

Minder rokers en zware drinkers onder jongeren

Net als een jaar eerder rookte in 2005 bijna 30 procent van de personen van 12 jaar en ouder. Daarmee is het percentage rokers niet verder gedaald. De dalende trend zette wel door onder jongeren, zowel bij meisjes als jongens, van 12 tot 25 jaar. In 2005 rookte hiervan 23 procent, in 2004 was dat nog 25 procent. Onder personen van 25 jaar en ouder veranderde het percentage rokers nauwelijks. De meeste rokers, ruim 35 procent, zijn te vinden in de leeftijdsgroep 25-44 jaar. Een op de vijf personen van 12 jaar en ouder was geheelonthouder, terwijl 11 procent tot de zware drinkers behoorde. Het merendeel van de zware drinkers is man. Het overmatige alcoholgebruik was in 2005 procentueel iets lager dan in de voorgaande jaren. Vooral jongeren van 12 tot 25 jaar zijn minder vaak zware drinker.

Bron: CBS.nl


Chemicaliën in het milieu spelen volgens experts grotere rol bij kanker

Nieuw onderzoek van de universiteit van Liverpool toont aan dat milieuverontreinigende stoffen zoals pesticiden een grotere rol spelen bij het veroorzaken van kanker dan gedacht. Tot nu toe waren in eerdere studies kankerverwekkende en hormoon verstorende chemicaliën (zoals in pesticides en plastic) in kleine hoeveelheden geen echte belangrijke faktor bij het krijgen van kanker. Deze studie toont echter aan dat babies en jonge kinderen wel degelijk een verhoogde kans lopen op kanker door bijvoorbeeld dioxine in moedermelk en organochlorines in vlees en zuivel.

Meer


Dalende bloeddruk niet door medicijnen volgens experts

Experts van de universiteit van Dundee (UK) concluderen dat niet medicijnen er voor hebben gezorgd dat de bloeddruk bij de Engelse bevolking is gedaald tussen 1980 en 2000. De bloeddruk daalt nog steeds in Westerse landen maar het mechanisme daarachter is nog steeds niet duidelijk.

Meer


Gen ontdekt dat droge huid veroorzaakt en tot astma en eczeem leidt

Experts van de universiteit van Dundee (UK) hebben een gen ontdekt dat huidproblemen bij miljoenen mensen veroorzaakt. Samen met onderzoekers uit Dublin, Glasgow, Seattle en Kopenhagen zijn zij tot de ontdekking dat dit gen zorgt voor een droge huid wat uiteindelijk tot eczeem kan leiden evt gevolgd door astma. Dit gen reguleert met name het eiwit filaggrin dat de vochthuishouding regelt van de huid en het vocht binnenhoudt en andere organismes buitensluit.

Meer


Artsen en de farmacie

Geneesmiddelenfabrikanten zijn al jaren opmerkelijk creatief bij het aan de man brengen van hun producten. Spiegeltjes en kraaltjes – ofwel presentjes en gratis vakanties – raken uit de tijd.

De industrie pakt het tegenwoordig slimmer aan. Zij betaalt artsen riante vergoedingen voor advieswerk, wetenschappelijk onderzoek en nascholingsactiviteiten. Het valt op zijn minst te betwijfelen of deze artsen dan nog onafhankelijk genoeg zijn om altijd de beste pillen voor te schrijven, ongeacht wie die pillen maakt.

Ernstiger is dat fabrikanten zich ook bemoeien met de behandelrichtlijnen van huisartsen en medisch specialisten. Die protocollen zijn de vertaling van de jongste wetenschappelijke inzichten over de beste behandelingen. Er staat in welke geneesmiddelen bij welke kwaal eerste keus zijn. Dat biedt artsen houvast, en patiënten zekerheid dat hun behandelaar niet zomaar wat doet. Als de industrie ergens geen greep op mag krijgen is het hierop. Zelfs de schijn van belangenverstrengeling brengt deze richtlijnen in diskrediet.

Meer: http://www.trouw.nl/deverdieping/dossiers/article243112.ece/


Nieuwe wachttijdnormen voor kankerpatiënten

Bestaande normen voor wachttijden in de gezondheidszorg zijn niet toereikend voor
patiënten met een levensbedreigende ziekte als kanker. Lange wachttijden kunnen
de kans op genezing van kankerpatiënten verlagen en ze vergroten bovendien
de psychische belasting. De Signaleringscommissie Kanker van KWF
Kankerbestrijding heeft daarom striktere wachttijdnormen voor kankerpatiënten
opgesteld.

De kans op genezing bij kanker is groter naarmate de tumor in een vroeger stadium wordt ontdekt en behandeld. Tijdens de wachttijd kan een tumor groeien en zich verspreiden, waardoor de kans op genezing afneemt. Lange wachttijden bij kankerpatiënten leiden bovendien tot stress en tot een verdere achteruitgang van gezondheid, conditie en welzijn.

Treeknormen
Nederland kent sinds 2000 de zogenoemde Treeknormen. Deze normen geven voor niet-acute aandoeningen de maximaal aanvaardbare wachttijd aan. De normen zijn echter gebaseerd op maatschappelijke aanvaardbaarheid en houden geen rekening met medische urgentie. De Treeknormen zijn daarom voor de kankerzorg niet toereikend. Dit stelt de werkgroep 'Wachtlijstenproblematiek' van de Signaleringscommissie Kanker in het Signalement 'Advies inzake wachttijdnormen in de kankerzorg'. De werkgroep baseert haar advies onder meer op literatuurstudie.

Nieuwe wachttijdnormen
De Signaleringscommissie stelt daarom striktere normen voor wachttijden in de kankerzorg voor. Het gaat om normen voor wachttijden vanaf het ontdekken van de eerste symptomen die op kanker kunnen wijzen tot de laatste behandeling. Deze normen moeten in de toekomst in detail worden uitgewerkt per kankersoort en voor de verschillende stappen in de diagnostiek en behandeling.

Om voor elkaar te krijgen dat de zorgsector specifieke wachttijdnormen voor de kankerzorg gaat ontwikkelen, zal KWF Kankerbestrijding het initiatief nemen tot een eerste overleg met de Nederlandse Federatie van Kankerpatiëntenorganisaties en vertegenwoordigers van de medische beroepsgroepen. Verder plaatsen we de normtijden met een toelichting op onze website www.kwfkankerbestrijding.nl en zullen we informatie uit het Signalement vertalen naar praktisch gebruik voor patiënten in de brochure 'In gesprek met je arts'.

Helft werknemers wil afvallen

Meer dan de helft van de werknemers in ons land zou wel willen afvallen, maar slechts een minderheid ziet kans daar ook werkelijk iets voor te doen. Eén op de vijf mensen loopt echt een gezondheidsrisico doordat hun vetpercentage hoger is dan goed voor hen is. Oudere werknemers zijn gemiddeld fysiek fitter dan jongere collega's, met wie zij bovendien wat minder goed kunnen opschieten.

Dit blijkt uit cijfers van LifeGuard, een bedrijf dat sinds 2002 de gezondheid van
werknemers van een groot aantal Nederlandse organisaties en bedrijven onderzoekt.
LifeGuard brengt jaarlijks een overzicht van zijn bevindingen uit, en koppelt daaraan een
'BedrijfsGezondheidsIndex', een cijfer dat de gemiddelde gezondheid in bedrijven
aanduidt. In 2005 kwam dit cijfer opnieuw uit op 7.0, net als in 2004.

In de onderzoeken die LifeGuard uitvoert bij werknemers komen meerdere aspecten van de gezondheid aan de orde: leefstijl, werkbeleving, klachten aan houdings- en
bewegingsapparaat, psychische klachten, arbeidsvermogen en tot slot de fittest.
De gegevens over 2005 wijzen uit dat oudere werknemers relatief fysiek fitter zijn dan hun
jongere collega's. Wel zeggen zij vaker dan jongeren dat hun werk te weinig voldoening
geeft. Oudere werknemers hebben bovendien vaker klachten over de samenwerking met
collega's, met name met de jongeren.

Korte samenvatting LifeGuard BedrijfsGezondheidsIndex 2005
Uit de LifeGuard gezondheidsonderzoeken van 2005 blijkt dat meer dan de helft van de
werknemers (57 procent) wil afvallen. Relatief gezien zijn dit iets vaker vrouwen (60
procent) dan mannen (55 procent). Maar: 'willen afvallen' is nog iets anders dan daar
iets voor over hebben. Slechts 12 procent van de vrouwen en 7 procent van de mannen die zelf zeggen te willen afvallen, doen al het mogelijke om gezond te blijven. Eveneens een meerderheid (van 47 procent) van de werknemers zou eigenlijk wel wat meer
willen bewegen. Ongeveer één op de vijf werknemers wil het liefst iets doen
aan voeding of stresshantering om de eigen gezondheid te verbeteren.

Fittest
Voor het samenstellen van de BedrijfsGezondheidsIndex neemt LifeGuard bij alle deelnemers ook een fittest af. Deze test wordt op locatie afgenomen en geeft goede objectieve data.

- 18 procent van de deelnemers heeft een te hoog vetpercentage. Dat is lager dan in 2004, toen was dit percentage 24 procent.
- 44 procent heeft een zeer stijve onderrug, dit is vergelijkbaar aan het percentage uit
2004 (46 procent)
- 33 procent heeft een te hoge bloeddruk en ook dat komt overeen met 2004, toen was dit percentage 32 procent.
- bij 16 procent van de werknemers is de conditie zo slecht dat dit een risico voor hun
gezondheid vormt.

Werkbeleving
Liefst 94 procent van de werknemers geeft aan met plezier naar het werk te gaan (2003: 93 procent; 2004: 88 procent). 96 procent van de werknemers zegt te kunnen lachen met
collega's. 9 procent echter vindt het moeilijk om samen te werken met collega's en 3
procent heeft ernstige conflicten op het werk. Dit is vergelijkbaar met eerdere jaren.
36 procent van de werknemers werkt vaak of altijd onder tijdsdruk, 9 procent hiervan geeft
aan problemen te hebben met deze werkdruk.

Klachten aan houdings- en bewegingsapparaat en psychische aandoeningen
45 procent van de werknemers geeft aan klachten aan het houdings- en bewegingsapparaat (2004: 47 procent) Van deze groep ondervindt ruim 42 procent klachten bij de uitvoering van hun werk en 18 procent moet zelfs langzamer of anders werken als gevolg van gezondheidsklachten. Klachten aan het houdings- en bewegingsapparaat hebben dus een behoorlijke invloed op de productiviteit.

18 procent van de werknemers geeft aan te kampen met psychische aandoeningen zoals
depressieve klachten, gespannenheid en slapeloosheid. Dat is gelijk aan het percentage in 2004.

De LifeGuard BedrijfsGezondheidsIndex
De BGI is opgebouwd uit verschillende onderdelen, onder andere uit metingen van het
mentaal en lichamelijk welbevinden van werknemers, leefstijl, werkbeleving (o.a. werkdruk, samenwerking, leermogelijkheden, agressie, fysieke belasting) en arbeidsvermogen. Daarnaast wordt de lichamelijke fitheid van werknemers gemeten en tellen feitelijke cijfers zoals het ziekteverzuim mee.

Het principe van de bedrijfsgezondheidsindex (BGI) is dat de gezondheid van de werknemers dé maat is voor de gezondheid van elk bedrijf of organisatie als geheel.
Gezondheid wordt binnen de BGI opgevat als de toestand van het geestelijk, lichamelijk en sociaal welbevinden van het individu in zijn totale context. Bij de beroepsbevolking maakt de werkomgeving daarvan vanzelfsprekend een groot gedeelte uit.

LifeGuard publiceert jaarlijks de BGI en de opvallendste resultaten van het voorgaande
jaar. Zij hoopt op die manier een trend te signaleren die gekoppeld kan worden aan gemaakte inspanningen in de gezondheidszorg.

LifeGuard werkt onder andere voor overheden, telecombedrijven, schoonmaakbedrijven,
callcenters, banken, distributiecentra, ziekenhuizen, stomerijen en ICT-bedrijven. De
onderzoeksgegevens die LifeGuard gebruikt voor het berekenen van de BGI representeren een goede afspiegeling van de Nederlandse beroepsbevolking.

Het volledige onderzoeksverslag van de BGI 2005 is te vinden op www.LifeGuard.nl.


Hewlett-Packard bant gifstoffen onder druk van Greenpeace

Computergigant Hewlett-Packard heeft besloten geen schadelijke stoffen meer te gebruikenin haar producten. Het gaat om schadelijke stoffen die moeilijk afbreekbaar zijn, zich ophopen in vetweefsel en vaak hormoonverstorende eigenschappen hebben. HP maakte dit besluit bekend in haar 'Global Citizens' rapport (1). Het besluit is tot stand gekomen onder druk van Greenpeace. De milieuorganisatie hield diverse gesprekken met het elektronicaconcern en voerde wereldwijd acties. In Nederland blokkeerde Greenpeace de hoofdingang van het concern met een muur van oude HP-computers.

'HP is het zoveelste bedrijf dat zelf op zoek gaat naar alternatieven voor schadelijke
stoffen en niet wacht op de nieuwe Europese chemicaliënwetgeving REACH (2)', zegt
Marietta Harjono, campagneleider giftige stoffen van Greenpeace Nederland. Eerdere
bedrijven in de elektronicasector die overstapten zijn LGE, Motorola, Nokia, Samsung,
Sony and Sony Ericsson. Ook in andere sectoren hebben veel concerns deze stap al gezet. De bedrijven geven daarmee aan dat het heel goed mogelijk is om door innovatie
schadelijke stoffen te vervangen voor veilige stoffen (subsititutie). REACH is daarmee
niet iets van de toekomst, maar wordt nu al toegepast.

Helaas zijn lang niet alle bedrijven bereid over te gaan op betere alternatieven. Daarom
eist Greenpeace van de politiek zich hard te maken voor een strenger Europees
chemicaliënbeleid met een verbod op de productie, het gebruik van schadelijke
stoffen en de verplichte vervanging van schadelijke stoffen. Een goede
chemicaliënwetgeving is belangrijk omdat schadelijke stoffen in mens en milieu
terechtkomen met grote risico's voor kwetsbare groepen zoals ongeboren kinderen.

Het door Nederland gesteunde voorstel voor chemicaliënwetgeving dat de Europese raad
van ministers dit najaar op tafel heeft gelegd, is veel te slap. De ministers verwerpen
bijvoorbeeld het principe van het verplicht vervangen van schadelijke stoffen door
veilige alternatieven, terwijl het Europese parlement zich nog uitsprak
vóór dit principe. De raad verwacht dat de chemische industrie uit eigen
beweging alternatieven voor schadelijke chemische stoffen zoekt. Europese instanties
zullen daarmee toestemming blijven geven voor het gebruik van schadelijke stoffen, zelfs
wanneer er een veiliger alternatief voorhanden is. 'Bedrijven zoals HP laten zien dat
substitutie van schadelijke stoffen mogelijk is. Waar wacht de wetgever nu nog op? Alleen met een strenge chemicaliënwetgeving zal de blootsteling van mens en milieu aan
schadelijke stoffen verdwijnen', zegt Marietta Harjono.

Het huidige REACH-voorstel gaat mede door druk van Nederland goedkoper uitvallen voor
bedrijven. Dit werd eergisteren als een overwinning gepresenteerd bij de aftrap van een
landelijke voorlichtingscampagne van onder andere EZ en VROM over de nieuwe
chemicaliënwetgeving. Het milieu en onze gezondheid moeten echter de prijs betalen
voor deze goedkopere en minder strenge wetgeving. Hoopvol is het dat minister Brinkhorst erkende dat milieuwetgeving tot innovatie bij bedrijven kan leiden. HP is daar het levende voorbeeld van. Naast innovatie zijn er andere voordelen van een goede
REACH-wetgeving. Het zou de kosten voor bijvoorbeeld waterzuivering en gezondheidszorg drastisch omlaag brengen.

In het najaar wordt er voor het laatst over REACH gestemd, dit geeft Nederland de kans om alsnog voor het milieu én innovatie te kiezen. Greenpeace eist dat Nederland zich
sterk maakt voor verplichte substitutie van schadelijke stoffen voor veilige
alternatieven.

Greenpeace: illegale verspreiding van gentech-gewassen neemt wereldwijd toe

Genetisch gemanipuleerde gewassen verspreiden zich steeds vaker illegaal in het milieu.
Dit blijkt uit een gezamenlijk rapport van Greenpeace en GeneWatch UK, die een volledig
overzicht hebben samengesteld over besmetting van normale gewassen met gentech-gewassen. Niet eerder werd zo onomstotelijk vastgesteld dat gentech-besmettingen geen incidenten zijn. Gentechnologie is onlosmakelijk verbonden met milieuschandalen.

In dit Contamination report zijn de belangrijkste voorvallen opgenomen die verzameld zijn
in het online register van Greenpeace en GeneWatch UK. Dit zou wel eens het topje van de ijsberg kunnen zijn. Er is tot dusverre geen officieel besmettingsregister, niet op
nationaal niveau, en niet wereldwijd, aldus Jeroen Scharroo van Greenpeace Nederland.
Zowel bedrijven als nationale regeringen houden de meeste voorvallen van besmetting
geheim onder het mom van vertrouwelijke bedrijfsinformatie.

Enkele van de meest verontrustende voorvallen uit het rapport zijn:
- In de Verenigde Staten wordt varkensvlees van genetisch gemanipuleerde varkens illegaal verkocht aan consumenten;
- In onder andere Duitsland en Nederland worden verschillende gentech-soorten lukraak met elkaar gemengd, zelfs in belangrijke veldproeven;
- In Brazilië worden onwettige gentech-gewassen geteeld die het land zijn
binnengesmokkeld;
- Niet-goedgekeurde gentech-gewassen worden gemengd met voedsel, ook voor voedselhulp naar onder andere Bolivia;
- In landen als de Verenigde Staten zijn normale gewassen besmet met genetisch
gemanipuleerde gewassen met farmaceutische bestanddelen.

Het rapport onthult 113 besmettingsgevallen vanaf 1996, het jaar dat gentech-gewassen voor het eerst commercieel beschikbaar kwamen. De voorvallen spelen wereldwijd, in 39 landen. In slechts de helft van deze gevallen is het officieel toegestaan genetisch
gemanipuleerde gewassen te telen. Greenpeace vindt het zorgwekkend dat de frequentie van de voorvallen toeneemt. Alleen al in 2005 speelden in elf landen besmettingsschandalen. Besmetting komt zelfs voor in landen zoals Groot-Brittannië, waar belangrijke en zogenaamd zorgvuldig gecontroleerde evaluaties van gentech-gewassen plaatsvinden.

Verder belicht het rapport uitgebreid de fouten die zijn gemaakt rondom de maïssoort
Bt10. Vorig jaar bleek dat deze illegale gentech-maïs jarenlang geplant was in de
Verenigde Staten en van daaruit verspreid naar onder meer Europa en Japan. Het rapport
concludeert na een uitgebreide analyse dat herhaling van dergelijke besmettingen in de
toekomst nauwelijks is uit te sluiten.

Zoals blijkt uit het rapport is genetische manipulatie oncontroleerbaar en onomkeerbaar.
De veiligheid van gentech voor mens en milieu is nog allerminst aangetoond. Greenpeace
voert dan ook campagne om verspreiding van genetisch gemanipuleerde gewassen in het
milieu te voorkomen.

Het Contamination Register is online beschikbaar op www.gmcontaminationregister.org


Natalizumab zeer effectief maar risicovol middel tegen multipele sclerose

Het moleculair antilichaam natalizumab is een zeer effectief maar risicovol middel tegen multipele sclerose. Dit concluderen neurowetenschappers van onder andere VU medisch centrum in drie artikelen in de New England Journal of Medicine (NEJM) van deze week. Natalizumab bleek het aantal aanvallen bij een specifieke groep MS-patiënten met tweederde te verminderen en de progressie van de ziekte tegen te gaan. Bij de nu gangbare middelen interferon-beta en glatirameracetaat worden de aanvallen bij een derde van de patiënten onderdrukt.

Vanwege deze vermoede effectiviteit was natalizumab een jaar geleden onder de merknaam Tysabri door de Federal Drug Association (FDA) in een spoedprocedure voor de Amerikaanse markt geregistreerd. Hierna hebben drie patiënten progressieve multifocale leukencephalopathie (PML ) gekregen. Dit is een zeldzame, vaak dodelijke virale aandoening in de hersenen. Vanwege het aangetoonde verband tussen PML en het gebruik van Tysabri is de toediening van het middel destijds wereldwijd stopgezet. Over het mechanisme dat aan dit ontstaan van PML ten grondslag ligt, is nog onvoldoende inzicht verkregen.

In het eerste artikel wordt de werking van Tysabri beschreven bij MS-patiënten die geen ander middel tegen MS gebruikten. De controlegroep werd een placebo voorgeschreven. Het onderzoek vond plaats onder 942 patiënten uit 99 klinieken over de hele wereld. Tysabri bleek de hoeveelheid aanvallen (exacerbaties) met 68% te verminderen. Uit interpretatie van de MRI-scans bleek dat ook de MS-afwijkingen in de hersenen afnamen. De studie werd uitgevoerd onder leiding van MS-deskundige
prof. dr. Chris Polman van VU medisch centrum.

In het tweede onderzoek werd de werking van Tysabri onderzocht onder 1171 patiënten die het middel interferon-beta al gebruikten en desondanks nog ziekte-activiteit hadden. 124 Klinieken namen wereldwijd deel aan de studie. Uit het onderzoek bleek dat de combinatie van Tysabri en interferon-beta de activiteit van de ziekte meer remt dan gebruik van interferon alleen.

In het derde onderzoek werden bloed en hersenvocht onderzocht en hersenscans geïnterpreteerd van meer dan 3000 patiënten met MS of auto-immuunaandoeningen als de ziekte van Crohn en reumatoïde artritis die met Tysabri waren behandeld. Dit onderzoek werd mede uitgevoerd door MRI-deskundige prof. dr. Frederik Barkhof van VUmc. Er werden geen additionele gevallen van PML aangetoond, het onderzoek leverde goede richtlijnen op voor monitoring van patiënten met MS aan wie Tysabri wordt voorgeschreven en bood inzicht in het diagnosticeren van PML.

Multipele sclerose is een moeilijk te behandelen progressieve neurologische aandoening. Het is een auto-immuunziekte van het centraal zenuwstelsel, waarin de combinatie van ontsteking, demyelinisatie en axonale schade leidt tot progressieve neurologische invaliditeit. Het is nog onduidelijk hoe verdere registratie van Tysabri in Europa zal verlopen.

Bron: VU Medisch centrum


Fijnstofcijfers positief, maar Europese regels nog overschreden'

PvdA-europarlementariër Dorette Corbey, in het Europees Parlement rapporteur over luchtvervuiling, reageert positief op de vandaag gepubliceerde fijnstofcijfers van het landelijke Milieu en Natuur Planbureau (MNP). "De cijfers bevestigen het vorige week door Van Geel naar buiten gebrachte beeld dat de lucht in Nederland schoner is dan werd aangenomen. Maar het is onzin om te denken dat we er al zijn."

'Fijnstofcijfers positief, maar Europese regels nog steeds overschreden'

Reactie PvdA-EP op fijnstofcijfers MNP

PvdA-europarlementariër Dorette Corbey, in het Europees Parlement rapporteur over luchtvervuiling, reageert positief op de vandaag gepubliceerde fijnstofcijfers van het landelijke Milieu en Natuur Planbureau (MNP). "De cijfers bevestigen het vorige week door Van Geel naar buiten gebrachte beeld dat de lucht in Nederland schoner is dan werd aangenomen. Maar het is onzin om te denken dat we er al zijn."

De nieuwe meetgegevens van het MNP tonen aan dat de concentraties fijnstof in grote delen van Nederland lager zijn dan eerder werd aangenomen, waardoor het aantal knelpunten waar Nederland problemen ondervindt bij het halen van de Europese normen voor luchtkwaliteit gehalveerd wordt. In stedelijke gebieden, langs snelwegen en rond veestallen worden de Europese normen echter nog grootschalig overschreden.

Ook de dramatische ziekte- en sterftecijfers als gevolg van blootstelling aan fijnstof blijven volgens het MNP een bron van zorg. Daarom stellen de cijfers Corbey niet gerust: "Fijnstof kost in Nederland ieder jaar ongeveer 180.000 levensjaren, ofwel ongeveer 18.000 mensen die 10 jaar voortijdig sterven. Er is dus geen reden de champagne te ontkurken."

Corbey wil dan ook dat er initiatieven komen om de gevaren van luchtvervuiling Europees aan te pakken: "Nieuwe ambitieuze Europese normen zijn nodig om dit grensoverschrijdende probleem op te lossen. In het Europees Parlement maak ik me hier sterk voor. Europa heeft nu zwakkere normen voor fijnstof dan de VS. Dit is onaanvaardbaar."

Het Europees Parlement beslist dit voorjaar over de invoering van een nieuwe norm voor fijnstof. Corbey wil hierbij hoog inzetten omdat de gezondheidswinst de kosten ruimschoots overtreft . Daarnaast wil de PvdA-europarlementariër dat Nederland de mogelijkheid krijgt om roetfilters voor dieselauto's verplicht te stellen. Roetdeeltjes behoren tot de meest schadelijke binnen de cocktail van fijne stofdeeltjes.


Nederlandse jeugd snel steeds dikker

Nederlandse kinderen zijn de afgelopen jaren beduidend dikker geworden. Ook worden ze op steeds jongere leeftijd te dik. Dit blijkt uit onderzoek van TNO Kwaliteit van Leven en het VUmc onder meer dan 80.000 schoolkinderen. Gemiddeld is veertien procent van de jongens en zeventien procent van de meisjes te dik. Op sommige leeftijden is het percentage kinderen dat te dik is verdubbeld ten opzichte van eerdere metingen in 1997. Het percentage kinderen dat veel te dik is (obesitas), is op sommige leeftijden zelfs verdriedubbeld.

TNO Kwaliteit van Leven en het Kenniscentrum Overgewicht van het VUmc hebben in opdracht van het Ministerie van VWS van 2002 tot 2004 gegevens verzameld van meer dan 80.000 kinderen in de leeftijd van vier tot vijftien jaar. Het gewicht en de lengte van de kinderen zijn vergeleken met de cijfers van de Vierde Landelijke Groeistudie uit 1997.

Snelle stijging verontrustend
Het percentage van de kinderen dat overgewicht of obesitas heeft, neemt snel toe. Had in 1980 bijvoorbeeld 1 op de 15 negenjarige meisjes overgewicht, in 1997 was dit al 1 op 7. In de zes jaar daarna is dit verder toegenomen en heeft 1 op 4 negenjarige meisjes overgewicht. Met name de toename van het percentage kinderen met obesitas is verontrustend, vindt Hoogleraar Jeugdgezondheidszorg Prof.dr. Remy HiraSing, één van onderzoekers en verbonden aan TNO en het VUmc. Deze kinderen lopen een groter risico op het krijgen van ouderdoms-diabetes en hart- en vaatziekten. Hij raadt aan aparte interventieprogrammas voor jongens en meisjes te ontwikkelen, aangezien veel meer meisjes dan jongens op jongere leeftijd te zwaar worden. Ook pleit hij voor een uniforme landelijke registratie door de Jeugdgezondheidszorg aan de hand van ontwikkelde standaarden van de Lokale en Nationale Monitor Jeugdgezondheid.


Medicijn tegen botontkalking lijkt marketingtruc

Patiënt is duur uit met nieuw combinatiemedicijn

Afgelopen december lanceerde MSD een nieuw combinatiemedicijn met vitamine D voor de behandeling van osteoporose. Het nieuwe middel, met de naam Fosavance, lijkt een marketingtruc die de gemeenschap én de individuele patiënt op kosten jaagt. De dosis vitamine D is te gering om fracturen te kunnen voorkomen, zo meldt het tijdschrift Ortho vandaag.

Geneesmiddelenfabrikant MSD, de Nederlandse dochter van farmagigant Merck & Co, verdiende de afgelopen jaren veel geld met alendroninezuur (Fosamax). Dit populaire middel om osteoporose te bestrijden en te voorkomen behoorde jarenlang tot de onbetwiste toppers van Merck. In 2000 ging wereldwijd voor 1,8 miljard euro aan Fosamax over de toonbank. In ons land bedroeg de omzet in 2004 nog 36 miljoen euro.
Inmiddels mag alendroninezuur in verschillende landen ook als (goedkoop) generiek middel worden verkocht, waaronder Nederland. Dit gaat niet zonder slag of stoot. Zo voert MSD rechtzaken tegen een producent van generiek alendroninezuur. Afgelopen december probeerde MSD haar marktpositie te verstevigen met de lancering van Fosavance: een combinatie van alendroninezuur en vitamine D. De hoeveelheid vitamine D in Fosavance komt overeen met een dagdosis van 400 internationale eenheden (IE). Sindsdien wordt uitgebreid campagne gevoerd om de trouwe voorschrijvers van alendroninezuur te laten overstappen op het nieuwe Fosavance.
De patiënt lijkt hier echter niet bij gebaat. Een combinatie van alendroninezuur met vitamine D kan goedkoper én effectiever. Goedkoper door generiek alendroninezuur voor te schrijven en effectiever door dit te combineren met een hogere dosis vitamine D. Volgens Nederlandse deskundigen en Amerikaanse onderzoekers van de gerenommeerde Harvard University leidt een dagdosis van 400 IE niet tot minder osteoporotische fracturen. Dit effect is wel overtuigend aangetoond voor een dubbele dagdosis (700-800 IE).

Hoge kosten
Fosavance jaagt niet alleen de collectieve kosten op, maar kan ook negatieve gevolgen hebben voor het individuele bestedingspatroon. Met Fosavance is de no-claim van de basisverzekering (€ 255,-) eerder besteed dan met generiek alendroninezuur in combinatie met een effectieve dagdosis van 800 IE vitamine D (drie keer per jaar 100.000 IE). MSD bestrijdt in een reactie dat sprake is van een marketingtruc. Zo zou het bedrijf al ruim voordat generiek alendroninezuur op de markt kwam, zijn gestart met de ontwikkeling van Fosavance. Ook zou MSD nooit hebben gesteld "dat vitamine D in Fosavance fracturen reduceert". Deze uitlating staat echter haaks op het persbericht dat MSD eind december liet uitgaan en waarin wordt gemeld dat met Fosavance nu een medicijn beschikbaar is "om fracturen van de heup en de wervelkolom te voorkomen met een wekelijkse dosis vitamine D in één tablet".

Belangstellenden kunnen het nieuwe nummer van Ortho bestellen via www.ortho.nl.

Bewegend beeldscherm uitvinding die RSI moet bestrijden

De TU Delft heeft in samenwerking met onafhankelijke onderzoekers een innovatieve
beeldschermarm onderzocht. Deze techniek is een Nederlandse ontwikkeling en vermindert de klachten als gevolg van langdurige statische nekbelasting bij beeldschermwerk.

Een door een elekromotor aangedreven mechanisme zorgt ervoor dat het beeldscherm een continue heen en weer gaande draaiing van ongeveer 2 graden maakt. Als gevolg hiervan zal de persoon die achter het beeldscherm werkzaam is het hoofd duidelijk meer gaan bewegen tijdens het uitvoeren van beeldschermtaken, dan zonder deze uitvinding, zoals blijkt uit dit pilot-onderzoek. Meer bewegen zal RSI-klachten vermoedelijk doen verminderen en het gebruik werd door de proefpersonen bovendien als zeer prettig ervaren.

De Kinetic-xs zal op de ARBO-beurs, die op 8 en 9 maart in de RAI wordt gehouden, als
nieuwe uitvinding voor een gezondere beeldschermwerkplek worden gepresenteerd.


UMCG start spreekuur voor slechte adem

Patiënten met een slechte adem (halitose) kunnen binnenkort terecht op een speciaal spreekuur bij de Polikliniek Tandheelkunde en Mondzorgkunde van het Universitair Medisch Centrum Groningen. Hier kunnen zij aan de hand van een vragenlijst, mondonderzoek en eventueel bacteriologisch onderzoek van de tong, de oorzaak van de halitose laten vaststellen en behandelen. Het halitosespreekuur start in maart 2006 en is zonder verwijsbrief van de tandarts toegankelijk.

Halitose is een serieuze aandoening die in meer dan één opzicht het leven van een patiënt negatief kan beïnvloeden. Mensen in de omgeving van een persoon met halitose hebben vaak grote problemen met de slechte adem, waardoor zij de persoon in kwestie mijden. Patiënten met halitose lijden dan ook vaak aan een grote mate van onzekerheid en sociale isolatie.

Een veel voorkomende en min of meer geaccepteerde vorm van halitose wordt veroorzaakt door roken, alcoholgebruik of het eten van sterk gekruid voedsel. Daarnaast heeft vrijwel iedereen ‘s ochtends last van halitose, veroorzaakt door de lage speekselproductie tijdens de slaap en de afbraak van zwavelhoudende eiwitten in de mond. Een andere vorm van halitose is pathologische halitose, veroorzaakt door een stoornis in de stofwisseling van de nieren of de lever. Ook infecties en kwaadaardige aandoeningen van de luchtwegen dragen bij aan de geur van de adem.

Tongcoating
Echter, bij meer dan negentig procent van de patiënten met een slechte adem ligt de oorzaak in de mond (orale halitose) en niet in de maag, zoals vaak wordt gedacht. Orale halitose ontstaat door bacteriële tandplak bij tandvleesontsteking of bacteriële plak op de tongrug (tongcoating).
In de mond komen bacteriën voor die sterk ruikende gassen produceren zoals zwavelwaterstof (rotte eierengeur) en methylmercaptaan. Onder bepaalde condities zijn de aantallen bacteriën sterk verhoogd. Hierdoor neemt ook de hoeveelheid sterk ruikende gassen toe, die mensen in de omgeving kunnen waarnemen.

Orale halitose wordt onder andere vastgesteld door de ademgassen te analyseren met behulp van diverse apparaten en is goed te behandelen. De behandeling bestaat - afhankelijk van de oorzaak - uit een goede mondhygiëne en professionele gebitsreiniging en/of een combinatie van het gebruik van een tongschraper en een gorgelmiddel.


DNA pil ontmaskerd

Op de site van Boemerang van de KRO stond deze oproep mbt de DNA afslankpil

De Polite Haaglanden roept gedupeerden op om aangifte te doen van oplichting. Zij kunnen aangifte doen bij een politiebureau in de buurt. De bovenregionale recherche wordt pas ingeschakeld als er voldoende aangiften zijn gedaan


NVI tekent contract voor vaccins grieppandemie

Het Nederlands Vaccin Instituut (NVI) heeft vandaag in opdracht van VWS een contract getekend voor de levering van vaccins tijdens een grieppandemie.

Pas als bekend is welk virus de pandemie veroorzaakt kan een vaccin gemaakt worden. Dat duurt gemiddeld zes maanden. Het contract met het bedrijf Solvay Pharmaceuticals B.V garandeert dat er daarna binnen acht weken voldoende vaccins beschikbaar zijn voor de hele Nederlandse bevolking voor het geval er een grieppandemie uitbreekt.

VWS bereidt zich goed voor op de mogelijke uitbraak van een pandemie. Naast het contract voor vaccin, heeft minister Hoogervorst vorig jaar 5 miljoen kuren antivirale middelen besteld. Er liggen draaiboeken klaar die aangeven hoe de zorg wordt georganiseerd tijdens een pandemie.


Natalizumab zeer effectief maar risicovol middel tegen multipele sclerose

Het moleculair antilichaam natalizumab is een zeer effectief maar risicovol middel tegen multipele sclerose. Dit concluderen neurowetenschappers van onder andere VU medisch centrum in drie artikelen in de New England Journal of Medicine (NEJM) van deze week. Natalizumab bleek het aantal aanvallen bij een specifieke groep MS-patiënten met tweederde te verminderen en de progressie van de ziekte tegen te gaan. Bij de nu gangbare middelen interferon-beta en glatirameracetaat worden de aanvallen bij een derde van de patiënten onderdrukt.

Vanwege deze vermoede effectiviteit was natalizumab een jaar geleden onder de merknaam Tysabri door de Federal Drug Association (FDA) in een spoedprocedure voor de Amerikaanse markt geregistreerd. Hierna hebben drie patiënten progressieve multifocale leukencephalopathie (PML ) gekregen. Dit is een zeldzame, vaak dodelijke virale aandoening in de hersenen. Vanwege het aangetoonde verband tussen PML en het gebruik van Tysabri is de toediening van het middel destijds wereldwijd stopgezet. Over het mechanisme dat aan dit ontstaan van PML ten grondslag ligt, is nog onvoldoende inzicht verkregen.

In het eerste artikel wordt de werking van Tysabri beschreven bij MS-patiënten die geen ander middel tegen MS gebruikten. De controlegroep werd een placebo voorgeschreven. Het onderzoek vond plaats onder 942 patiënten uit 99 klinieken over de hele wereld. Tysabri bleek de hoeveelheid aanvallen (exacerbaties) met 68% te verminderen. Uit interpretatie van de MRI-scans bleek dat ook de MS-afwijkingen in de hersenen afnamen. De studie werd uitgevoerd onder leiding van MS-deskundige
prof. dr. Chris Polman van VU medisch centrum.

In het tweede onderzoek werd de werking van Tysabri onderzocht onder 1171 patiënten die het middel interferon-beta al gebruikten en desondanks nog ziekte-activiteit hadden. 124 Klinieken namen wereldwijd deel aan de studie. Uit het onderzoek bleek dat de combinatie van Tysabri en interferon-beta de activiteit van de ziekte meer remt dan gebruik van interferon alleen.

In het derde onderzoek werden bloed en hersenvocht onderzocht en hersenscans geïnterpreteerd van meer dan 3000 patiënten met MS of auto-immuunaandoeningen als de ziekte van Crohn en reumatoïde artritis die met Tysabri waren behandeld. Dit onderzoek werd mede uitgevoerd door MRI-deskundige prof. dr. Frederik Barkhof van VUmc. Er werden geen additionele gevallen van PML aangetoond, het onderzoek leverde goede richtlijnen op voor monitoring van patiënten met MS aan wie Tysabri wordt voorgeschreven en bood inzicht in het diagnosticeren van PML.

Multipele sclerose is een moeilijk te behandelen progressieve neurologische aandoening. Het is een auto-immuunziekte van het centraal zenuwstelsel, waarin de combinatie van ontsteking, demyelinisatie en axonale schade leidt tot progressieve neurologische invaliditeit. Het is nog onduidelijk hoe verdere registratie van Tysabri in Europa zal verlopen.

Omvang fijnstofprobleem kleiner dan eerder aangenomen

Er zijn sterke aanwijzingen dat de huidige fijnstofconcentratie in Nederland 10-15% lager
is dan eerder werd aangenomen. De laatste jaren worden lagere concentraties gemeten, maar de Europese norm wordt in steden en langs snelwegen nog steeds overschreden.

Mede doordat de emissies verder dalen, halveert het aantal knelpunten waar in 2010 de
Europese norm nog wordt overschreden ruim ten opzichte van de eerdere inzichten. Het
aantal knelpunten neemt relatief sterk af doordat op veel locaties de
fijnstofconcentratie net boven de norm lag. De gezondheidseffecten door fijn stof
veranderen nauwelijks door deze nieuwe inzichten. Dit concludeert het Milieu- en
Natuurplanbureau (MNP) in een rapport over nieuwe inzichten in de omvang van de
fijnstofproblematiek.

Achtergrond

Het Milieu- en Natuurplanbureau (MNP) brengt jaarlijks de actuele en toekomstige
concentratieniveaus van fijn stof in kaart. Deze kaarten geven het grootschalige
achtergrondniveau van fijn stof weer en zijn gebaseerd op zowel metingen als
modelberekeningen. De fijnstofmetingen van het Landelijk Meetnet Luchtkwaliteit (dat
wordt beheerd door het RIVM) vertonen de afgelopen twee jaren in de landelijke omgeving
een relatief sterke concentratiedaling van circa 15%. De oorzaak van deze daling is nog
niet met zekerheid vastgesteld. Wel is duidelijk dat de daling niet volledig kan worden
verklaard uit de verandering in weersomstandigheden of de verandering van de emissie van fijn stof in binnen- of buitenland.

Overige conclusies

De belangrijkste vermindering van het aantal knelpunten ten opzichte van de eerdere
inzichten zijn te vinden in het landelijk gebied in zuidelijk Nederland en met name
Noord-Brabant. In 2010 liggen de resterende knelpunten vooral in de grote steden in de
Randstad en zuidelijk Nederland, en langs een aantal drukke snelwegen.
De effectiviteit van het tot nu toe gevoerde nationale beleid (Prinsjesdagpakket Aanpak
Luchtkwaliteit) blijft, zeker wat betreft het verkeersgerichte deel, even kosteneffectief
als eerder werd aangegeven. Momenteel wordt de Europese norm nog op grote schaal overschreden. Het oorspronkelijke beeld was dat dit in de komende 20 jaar nauwelijks zou veranderen. Deze verwachting is nu bijgesteld: realisatie van de Europese norm komt eerder binnen bereik. Met extra lokaal, nationaal en Europees beleid kan het fijnstofprobleem tegen 2015 zijn opgelost.

Een samenvatting van de resultaten en de belangrijkste oorzaken van de verschillen ten
opzichte van de eerdere inzichten zijn beschreven in een korte MNP-rapportage die vandaag via de website (www.mnp.nl) is gepubliceerd. Een volledig rapport met uitgebreide berekeningen en gevoeligheidsanalyses zal binnenkort naar buiten worden gebracht.


GGD-en pakken overgewicht jeugd aan

Voorkomen van overgewicht heeft een hoge prioriteit bij GGD-en. Alle kinderen worden
regelmatig gecontroleerd door de schoolartsen van de GGD. Tijdens deze controle is het
gewicht een belangrijk onderwerp. Nu al lopen bij veel GGD-en lokale projecten ter
voorkoming van overgewicht. Het voorkomen van overgewicht bij jeugd is één
van de belangrijkste taken van GGD-en. Nu en in de komende jaren, aldus Trudy Prins,
directeur van GGD Nederland.

Uit het TNO-onderzoek onder 80.000 kinderen blijkt dat gemiddeld 14 procent van de jongens en 17 procent van de meisjes te dik is. Op sommige leeftijden is het percentage kinderen dat te dik is ver(drie)dubbeld ten opzichte van eerdere metingen in 1997.

Dat het voorkomen van overgewicht bij kinderen een hoge prioriteit heeft voor GGD-en,
blijkt onder meer uit het grote aantal lokale projecten voor het voorkomen van
overgewicht. Zo is GGD Gelre IJssel eind 2005 gestart met het project Okido(Overgewicht bij Kinderen In De Ontwikkeling) en een project overgewicht: cursus evenwicht en GGD Rotterdam voert het gemeentelijke Actieprogramma Voeding en Beweging uit. De themas gezond eten en meer bewegen staan daarbij steeds centraal.

Alle GGD-en registeren van alle kinderen die zij zien lengte en gewicht. Deze standaard
vraagstelling maakt deel uit van de Lokale en Nationale Monitor Jeugdgezondheidszorg. GGD Nederland zal in deze monitor volgend jaar standaardvragen ontwikkelen om te
inventariseren welke interventies worden gedaan bij kinderen met overgewicht. In
2006/2007 zal GGD Nederland werkafspraken ontwikkelen met alle bij de
jeugdgezondheidszorg betrokken organisaties voor de vroegtijdige signalering en aanpak
van overgewicht bij jongeren.

De GGD-en voeren in opdracht van de gemeenten en in samenwerking met de
thuiszorgorganisaties de Nederlandse jeugdgezondheidszorg uit. Vrijwel iedere jeugdige
tussen de 0-19 jaar wordt door de GGD of thuiszorgorganisatie gezien. Naast overgewicht en diabetes zijn psychosociale problematiek en het breed inzetten van het Elektronisch Kinddossier de belangrijkste speerpunten binnen het jeugdgezondheidszorgbeleid van GGD Nederland in 2006 en 2007.

GGD Nederland is de landelijke vereniging voor de 36 GGD'en. De GGD-en voeren in opdracht van hun gemeenten taken uit in de openbare gezondheidszorg voor alle inwoners van Nederland. GGD Nederland ondersteunt die werkzaamheden door collectieve belangenbehartiging van de GGD'en, het bieden van een platform voor (beleids)afstemming voor de GGD'en onderling en het verwerven en uitvoeren van projecten ter ondersteuning van GGD'en.


Nederlandse jeugd steeds sneller steeds dikker

1 op 4 negenjarige meisjes heeft overgewicht

Nederlandse kinderen zijn de afgelopen jaren beduidend dikker geworden. Ook worden ze op steeds jongere leeftijd te dik. Dit blijkt uit onderzoek van TNO uit Leiden en het VUmc onder meer dan 80.000 schoolkinderen. Gemiddeld is veertien procent van de jongens en zeventien procent van de meisjes te dik. Op sommige leeftijden is het percentage kinderen dat te dik is verdubbeld ten opzichte van eerdere metingen in 1997. Het percentage kinderen dat veel te dik is (obesitas), is op sommige leeftijden zelfs verdriedubbeld.

TNO en het Kenniscentrum Overgewicht van het VUmc hebben in opdracht van het Ministerie van VWS van 2002 tot 2004 gegevens verzameld van meer dan 80.000 kinderen in de leeftijd van vier tot vijftien jaar. Het gewicht en de lengte van de kinderen zijn vergeleken met de cijfers van de Vierde Landelijke Groeistudie uit 1997.

Snelle stijging verontrustend
Het percentage van de kinderen dat overgewicht of obesitas heeft, neemt snel toe. Had in
1980 bijvoorbeeld 1 op de 15 negenjarige meisjes overgewicht, in 1997 was dit al 1 op 7.
In de zes jaar daarna is dit verder toegenomen en heeft 1 op 4 negenjarige meisjes
overgewicht. Met name de toename van het percentage kinderen met obesitas is
verontrustend, vindt Hoogleraar Jeugdgezondheidszorg Prof.dr. Remy HiraSing, een van
onderzoekers en verbonden aan TNO en het VUmc. Deze kinderen lopen een groter risico op het krijgen van ouderdoms-diabetes en hart- en vaatziekten. Hij raadt aan aparte
interventieprogramma's voor jongens en meisjes te ontwikkelen, aangezien veel meer
meisjes dan jongens op jongere leeftijd te zwaar worden. Ook pleit hij voor een uniforme
landelijke registratie door de Jeugdgezondheidszorg aan de hand van ontwikkelde
standaarden van de Lokale en Nationale Monitor Jeugdgezondheid.

Lees de samenvatting van de belangrijkste resultaten of download het volledige rapport.
www.tno.nl/overgewicht

 

Internationaal

Enzastaurin Study Enrolling Patients with Glioblastoma

One of the deadliest and rarest forms of cancer is the focus of a Phase III study
initiated by Eli Lilly and Company today. Enzastaurin, an investigational, targeted, oral
agent, will be evaluated at more than 100 sites worldwide for the treatment of relapsed
glioblastoma multiforme (GBM), an aggressive and malignant form of brain cancer.

"Glioblastoma is a devastating disease for patients often slowly impacting their
cognitive thinking and emotional responses," said Richard Gaynor, M.D., vice president,
cancer research and global oncology platform leader for Eli Lilly and Company. "Through
its distinct mechanism of action, preclinical