energie


logo.jpg (7231 bytes)

Google

Deze pagina is verouderd - ontvang onze nieuwtjes per email

 

De invloed van het licht op de gezondheid

Enige tijd geleden kwam ik onderstaand artikel tegen op de site van de Rozekruisers. Omdat er veel nuttige info in staat heb ik toestemming gevraagd en gekregen, waarvoor mijn dank aan De Rozekruisers Orde: Uiteraard kunt u gebruik maken van de teksten die op onze website staan ten behoeve van de gezondheid van anderen. Daarvoor mijn dank

Ron

De invloed van het licht op de gezondheid

Wij kennen over het algemeen niet genoeg belang toe aan de genezende waarde van licht. Toch werd de Zon in het oude Egypte al beschouwd als een bron van genezing. De Griekse filosofen bevalen zonnebaden aan en aan het einde van de vorige eeuw maakte de balneo-therapie, vaak verbonden met thermale kuren, veel opgang. Naderhand werd er onderzoek gedaan dat gericht was op de samenstelling van het zonnespectrum en met name de ultraviolette stralen. Dit bracht de geneeskunde ertoe de werking van deze stralen te benutten. Tegenwoordig spreekt men vooral over de schadelijke
invloeden van de zon en wijst men op het risico van huidkanker dat aan bepaalde ultraviolette stralen verbonden is. Feitelijk erkent men hiermee alleen de onmacht om de krachten van het licht te beheersen. Dit licht van de zon is echter de voornaamste bron van leven en energie op aarde.

Vanuit Rozekruisers-oogpunt zijn het zichtbare licht en zijn vertegenwoordiger, de zon, voor ons niet het voornaamste. Wij spreken over het vuur als over een met licht geladen beginsel, waarbij het woord 'beginsel', 'in het begin', 'in den beginne' betekent. Dat wil zeggen dat wij verwijzen naar een van de beginselen die in het begin van de schepping der dingen - van het Zijn en zijn voornaamste eigenschap - aanwezig was: het Grootste Licht. Feitelijk gaat het hier om de beginselen van vuur, maar ook van water, lucht en aarde. Deze vier beginselen bevatten dus de essentie van het licht. Zij zijn daarvan de herinnering en de zichtbare manifestatie, en in deze betekenis kan men enerzijds zeggen dat de vier beginselen alle een deeltje van het goddelijk Licht bevatten en anderzijds dat het zichtbare licht slechts een heel klein deeltje van de manifestaties van het eeuwige en goddelijke Licht is. Vanuit dit metafysische gezichtspunt beschouwd, is dus niet alleen het fysÝÚke licht belangrijk voor de gezondheid. Het gaat om het volmaakte licht, dat wil zeggen, het Grootste Licht dat alle licht van de wereld bevat.

Men kan het licht globaal omschrijven als de trillende uitdrukking van de gehele schepping, daar het Grootste Licht de bron is van een energie die zich manifesteert in trillende en golvende aspecten van min of meer hoge frequenties, die samen het door de Rozekruisers zo genoemde Kosmische Klavier vormen. Ieder van de octaven van dit klavier, vanaf geest, die de materie vormt, tot de kosmische essentie waaruit alles voortkomt, blijft met het geheel verbonden in een wet van harmonie, onderlinge afhankelijkheid en synchroniciteit. Ieder van de trillingen van het Kosmische Klavier vormt bovendien een afzonderlijk licht dat zich manifesteert volgens een dubbele aard, een dubbele polariteit. Net zoals bij elektriciteit spreekt men hier van negatieve en positieve polariteit. De negatieve polariteit die het dichtst bij
de materie staat, heeft de neiging zich te verdichten om een atoomgesteldheid aan te nemen volgens haar cohesieve (bindende) aard, terwijl de positieve polariteit die extensief of uitbreidend is, eerder golvend
is, zoals zich dat manifesteert door concentrische cirkels aan de oppervlakte van het water.

Nu wij de aard van de krachten van het licht hebben beschouwd, moeten wij analyseren wat gezondheid is. In de ge´ncarneerde mens is gezondheid, vanuit metafysisch oogpunt, tegelijkertijd een toestand van evenwicht en een toestand van harmonie, want de mens is duaal van natuur en drievoudig in manifestatie. Uit wat wij zojuist over het licht hebben gezegd, kunnen wij afleiden dat gezondheid de evenwichtstoestand is van de positieve en negatieve polariteiten van alle trillingen die onze drievoudige manifestatie vormen; op het fysieke vlak de trillingen van geest, op het psychische vlak die van ons ge´ncarneerde psychische Zelf en op het spirituele vlak die van onze zielepersoonlijkheid. Ieder van deze vlakken vormt een oneindigheid van trillingen die wij fysiek licht, psychisch licht en spiritueel licht zullen
noemen. Gezondheid is bovendien een toestand van harmonie tussen deze niveaus van ons wezen en het spirituele niveau dat de bron is van ons bestaan. Deze harmonie maakt bewustwording, of zelfs een verheffing van het bewustzijn naar het Grootste Licht, noodzakelijk. Hierdoor kunnen we tegelijkertijd fysieke gezondheid, psychische gezondheid en spirituele gezondheid handhaven. Wij kunnen dan zeggen dat wij op de drie niveaus van ons wezen in goede gezondheid verkeren. Het licht be´nvloedt de gezondheid, want door zich van het ene in het andere niveau te weerspiegelen, brengt het bewustzijn voort. Het Grootste Licht is dus het hoogste niveau van bewustzijn, ver boven alles wat de mens kan bevatten. Juist dit allerhoogste licht, dit allerhoogste bewustzijn, leidt onze gezondheid en de onwillekeurige functies van ons fysieke en psychische lichaam. Dit allerhoogste bewustzijnsniveau geneest het fysieke vlak, door tussenkomst van het psychische en spirituele niveau. Wij moeten dus leren ons bewustzijn te concentreren en het naar ons innerlijk te wenden om ons te verenigen met het spirituele licht dat in ons is.

De wetenschap geeft toe dat het fysieke licht invloed heeft, maar zij neemt nog niet ronduit aan, dat er een soort psychisch licht, waarvan hier sprake is, kan bestaan. Toch erkennen de wetenschappers hetgeen men 'psychosomatiek' noemt. Maar wat is het psychosomatische anders dan de interferentie van de geest of het fysieke licht met het psychische, dat wil zeggen, het trillende, psychische licht, dat zelf meer of minder doordrongen is van het Licht en het spirituele bewustzijn? Vanuit een alleen op de biochemie gebaseerde, materialistische levensbeschouwing zullen wij vroeg of laat wel genoopt worden te erkennen dat alles trilling is en dat deze trillingen feitelijk uit licht bestaan, zoals dat het geval is met de elektronische deeltjes die de materie vormen. Wij gaan ons dus nu achtereenvolgens bezighouden met het fysieke licht, met het psychische licht en tenslotte met het spirituele licht, en hun respectieve invloed op de gezondheid.

Het licht en de endocriene klieren

De zon en het fysieke licht be´nvloeden ook de cyclus van onze endocriene klieren. Isoleringsproefnemingen in een grot brachten de endocriene cycli in de war. Dat werd veroorzaakt doordat de proefpersonen geconfronteerd werden met een verstoring van hun tijdsbeeld. Zij hadden de indruk drie maanden te hebben geleefd, in plaats van de zes maanden die zij werkelijk opgesloten zaten. Op dergelijke experimenten volgt gewoonlijk een depressieve stemming. In het bijzonder worden twee endocriene klieren door de zon be´nvloed: de pijnappelklier en de hypofyse. De pijnappelklier, ook wel het 'derde oog' genoemd, bevindt zich in het midden van de schedel op het snijpunt van twee rechte lijnen; de ene lijn loopt van links naar rechts een beetje boven de top van de oorschelpen, de andere gaat uit van het midden van het voorhoofd. Deze klier bevat cellen die nauw verwant zijn aan die van het oog. Zij is gevoelig voor informatie die van de ogen komt via het neuro-vegetatieve systeem en het eerste sympathische halsganglion (de halszenuwknoop). Zonlicht en zelfs kunstlicht, op voorwaarde dat het een sterkte van 2500 lux overschrijdt, blokkeert de afscheiding van melatonine, het hormoon van de pijnappelklier. Omgekeerd wordt dit hormoon in het donker in toenemende mate afgescheiden. Melatonine brengt een verlaging van de lichaamstemperatuur en van de bloeddruk teweeg. Het vermindert ook de werking van de hypofyse, van het hart en van de bijnieren. Melatonine wordt door de pijnappelklier gebruikt om de fasen van de slaap te beheersen en het bewustzijn uit te schakelen. Zij leidt tot het gevoel van slaap door de gewaarwording van vermoeidheid te verbinden met het geeuwen, dat aan het inslapen voorafgaat. Deze klier ontvangt dus informatie over het fysieke licht. Vanuit metafysisch oogpunt gezien zou zij ook de ontvanger zijn van het psychische licht.

Descartes beschouwde de pijnappelklier als een soort ontvanger van de zielegewaarwordingen in ons bewustzijn. Het is niet onmogelijk dat er psychische instromingen zijn die op het niveau van de pijnappelklier worden veranderd in instromingen van de gevoelszenuwen. De psychische gewaarwordingen zouden als het ware door een 'filter' gaan dat gelijk is aan de fysieke zintuigen, maar dan alleen wanneer de laatste zich in de slaapfase bevinden. De pijnappelklier zou dus als een keuzeschakelaar werken voor het licht en derhalve voor het bewustzijnsniveau. Zij zou vergeleken kunnen worden met een bioscoopprojector van het innerlijke of psychische licht, terwijl het oog een ander, minder scherp projectietoestel is dat op hetzelfde scherm het van buiten komende of fysieke licht projecteert. Men begrijpt
dat het uitwendige licht de fijnere gewaarwordingen van het innerlijke licht kan verhinderen. Door de projectie van het licht zijn wij ons bewust van feiten en voorwerpen of van de psychische beelden die uit
de ziel komen.

De pijnappelklier is medebepalend bij ziekten, zoals bij de seizoengebonden depressie en sommige vormen van kanker. De seizoengebonden depressie wordt gekenmerkt door stemmingsstoornissen, overdreven slaperigheid gedurende de dag en een buitengewone trek in zoetigheid. De stoornis begint met de herfst, wanneer de duur van de zonnestraling afneemt; ze bereikt een maximum in januari en neemt weer af in de lente. In onze tijd is bewezen dat het gaat om een gebrek aan synchronisatie tussen de pijnappelklier en de zon. Men heeft de lijders aan de stoornis met meer of minder succes voorgesteld in de winter 's ochtends heel vroeg en ook 's avonds twee uur onder lampen van 2500 lux door te brengen. Niettemin is zonlicht vollediger en krachtdadiger dan het gewone fysieke licht. De zon
schijnt een bevel te geven om de pijnappelklier opnieuw af te stemmen teneinde de depressie te genezen. Hetzelfde resultaat wordt veel sneller teweeggebracht door oefeningen om het pijnappelcentrum
psychisch te ontwikkelen.

Ons lichaam heeft dus cycli die met het fysieke licht verbonden zijn. Onze endocriene klieren, die aan het zonlicht en zijn dag- en nachtcycli onderworpen zijn, scheiden hun hormonen volgens dergelijke cycli
af. De afscheidingen van de bijnieren zijn 's morgens tegen 8.00 uur maximaal, die van de pancreas tegen het middaguur, en die van het hart rond 16.00 uur. De temperatuur van het lichaam en de bloeddruk
wijzigen eveneens in het kader van het daglicht. Ze worden namelijk gecontroleerd door de hypothalamus, het centrum van het sympathische systeem dat rechtstreeks verbonden is met de hypofyse. De temperatuur is aan het einde van de dag het hoogst en aan het einde van de nacht het laagst. De cycli blijven zelfs na een tijdsverschil doorgaan. Wanneer u zich bijvoorbeeld van Frankrijk naar Amerika begeeft - het tijdsverschil bedraagt 6 uur - is het voor uw endocriene klieren wanneer het 20.00 uur plaatselijke tijd is, reeds 2.00 uur in de ochtend. Het gevoel van vermoeidheid en de temperatuurdaling kunnen dan sterk worden ervaren. Er is gemiddeld een week nodig om zich daarvan te herstellen, behalve indien men ervoor zorgt in de zon of in licht van 2500 lux te gaan zitten. Een zonnebad is voldoende
om de cycli weer in harmonie te brengen met de plaats waar u zich op aarde bevindt. Door de afscheidingen van de pijnappelklier te blokkeren en haar inwendige klok te vertragen, zijn 24 uur voldoende om
uw ervaring van ruimte en tijd weer samen te brengen.

De pijnappelklier is dus een kompas en een inwendige klok die ons in harmonie brengt met de zonnecyclus. Deze verbinding tussen het licht en de klieren geldt niet alleen voor de pijnappelklier. Er bestaat ook een rechtstreekse verbinding met de hypofyse die, in tegenstelling tot de pijnappelklier, wordt gestimuleerd door de zonnestralen. Een zonnebad van enige minuten is voldoende om haar activiteit te stimuleren en aan het ontwaken van de andere endocriene klieren bij te dragen. De hypofyse ontvangt haar informatie van het oog via de gezichtszenuwen die op het centrum van de hypothalamus inwerken. Op deze plaats veroorzaakt het licht een prikkeling van het orthosympathische stelsel. Daaruit volgt een versterking van de zenuwspanning en een vermeerdering van de hormonale afscheidingen van de hypofyse. Alle andere klieren worden erdoor versterkt: met name de schildklier, de bijnieren en het hart.

Met betrekking tot de seksuele klieren, waarvan de activiteit wordt gestimuleerd door de hypofyse en geremd door de pijnappelklier, heeft men bij dieren opgemerkt dat de periode van het jaar waarin de stimulering het sterkst is, goed overeenkomt met betere klimaatomstandigheden die de voortplanting van de soort begunstigen. De invloed van de zon, het fysieke licht, is dus essentieel voor het fysieke lichaam. Deze invloed stimuleert het lichaam, onze innerlijke kracht, het intellect, het leven en de endocriene klieren. Het Licht wordt ook in het lichaam overgebracht door wat men de hormonen noemt. Mogelijk zijn deze biochemische substanties in staat een deeltje van het uit de psychische centra afkomstige licht over te brengen. Zoals wij zullen zien, ontvangen deze centra hun energie van het psychisch zelf en staan zij ieder in verbinding met een klier of een zenuwnetwerk van het menselijk lichaam. De klieren hebben een rechtstreekse verbinding met de emoties die de vrucht zijn van de invloed van het psychische licht, maar ook met de emoties die uit onze gedachten worden geboren. Wanneer de klieren op het spirituele licht reageren, wordt hun functie goed geregeld en is hun cyclus regelmatig. Een disharmonische emotie daarentegen kan hormonale storingen veroorzaken door de schokken die zo'n emotie in onze endocriene klieren teweegbrengt.

Licht en kleur

Het fysieke licht be´nvloedt ons ook op een indirecte manier door de pigmenten (kleurstoffen) die in de natuur - aan de basis van het leven, op het vlak van de stofwisseling - het licht in de moleculen van onze
cellen opvangen en opslaan. Deze pigmenten zijn trouwens voor het grootste deel vitaminen. Vitaminen zijn uit de aard van de zaak de levens- en dus de lichtdragers. Van de vitaminen kan men noemen: caroteen of plantaardige vitamine A, een oranjekleurig anti-degeneratiemiddel; vitamine C, een oranjerood versterkend en opwekkend middel; en vitamine B, een geelkleurig middel dat de levenskracht in de cellen helpt overbrengen en daardoor de groei van de cellen bevordert.

In de natuur begint men de geneeskrachtige rol te ontdekken van talrijke andere pigmenten die niet als vitaminen worden beschouwd, maar daarvan toch de uitwerking hebben. Sommige zijn reeds vanaf de Oudheid in gebruik, zoals bijvoorbeeld kurkuma, de kleurstof van de geelwortel, die haar gele kleur aan de kerrie geeft. Kurkuma is een kankerwerend middel dat de spijsvertering helpt te bevorderen en de lever helpt, gal te lozen. De blauwviolette antocyanen gaan aderontstekingen tegen en voorkomen beschadiging door vaatwandontstekingen. De blauwgroene zeewieren zijn eveneens ontstekingremmende middelen, maar dan voor de huid. Het is interessant in aanmerking te nemen dat de groene of blauwe pigmenten eerder ontstekingremmend zijn, terwijl de pigmenten die naar het rood of oranje zwemen meer vernieuwend en stimulerend zijn. De eerste staan in verbinding met de negatieve polariteit en de tweede met de positieve polariteit van de levenskracht. Dit brengt ons ertoe de rol van de kleuren in verband met de genezende eigenschappen van het licht en in relatie met de Rozekruisers-behandelingsmethoden te beschouwen. Dit onderwerp is moeilijk, want alle pro's en contra's zijn reeds beschreven. Toch
hebben onze onderzoekingen aan de International Rose-Croix University (URCI) enige beschouwingen mogelijk gemaakt.

In feite is in de natuur de projectie van haar psychische en spirituele complement zichtbaar. Op het materiŰle vlak ontvangt een voorwerp zichtbare straling, maar absorbeert het in werkelijkheid als het ware
het complement van dat wat het terugkaatst; door deze terugkaatsing wordt het zichtbaar. Het voorwerp neemt dus de kleur aan van dat wat het niet absorbeert. Om een voorbeeld te nemen: een rode appel is rood want hij kaatst de rode straling terug, terwijl hij het complement, het groen, absorbeert. Dit is hetzelfde voor de pigmenten; hemoglobine is rood omdat zij feitelijk groen en blauw absorbeert, plantensap is daarentegen groen omdat het rood en oranje absorbeert. Vanuit therapeutisch oogpunt is men het erover eens geworden dat de eigenschappen van rood, oranje of geel gekleurde dingen (zoals bloed en rode of oranje pigmenten) te beschouwen zijn als stimulerende, helende, herstellende en vernieuwende eigenschappen, overeenkomstig de positieve polariteit van de levenskracht. Dit berust op het
feit dat deze pigmenten een reserve van de positieve polariteit van de levenskracht, getransformeerd in fysieke energie, met zich mee dragen. Zo beschouwt men alles wat rood, oranje of oranjegeel is als van
positieve, opwekkende en versterkende aard. Omgekeerd schijnen geelgroene planten, naar blauw zwemende pigmenten en voedsel dat groene pigmenten bevat, meer ontstekingremmende eigenschappen te
bezitten, zoals dat het geval is bij de negatieve polariteit.

Op het fysieke vlak is de rode kleur dus positief en de groene kleur negatief. Men spreekt trouwens van een warme en een koude kleur, maar dit wil niet zeggen dat dit voor de uit zonnestraling afkomstige kleuren geldt. Integendeel, want het is vooral de directe blauwgroene straling die stimuleert en heelt, terwijl de rode straling veeleer ontstekingremmend werkt. In het geval van ischias - een ontstekingsziekte, zoals men thans weet, waarbij een negatieve Rozekruisers-behandeling gerechtvaardigd is - werd door Hippocrates aanbevolen, de rug aan de warmte van een haardvuur bloot te stellen. Fysiek vuur is vooral rijk aan infrarode stralen. Bovendien is het van een negatieve polariteit.

Vanuit diagnostisch oogpunt beschouwd, zijn wij bij de Rozekruisers behandelingsmethoden van mening dat indien iemand gebrek heeft aan positieve polariteit, er altijd psychisch een rode kleur wordt waargenomen omdat deze kleur een aanwijzing is van een overdaad aan negatieve polariteit. Dit komt overeen met het feit dat rood een kleur van negatieve polariteit is. Bovendien bevindt deze kleur zich aan de basis van het zichtbare spectrum en dus dichter bij de materie, dat wil zeggen, zij is negatiever van aard. Omgekeerd geeft groen een gebrek aan negatieve polariteit aan, omdat dit een kleur is van positieve polariteit. In ruimere zin kan men in aanmerking nemen dat zonlicht het water in het lichaam en ook buiten het lichaam kan be´nvloeden. Men kan de volgende proef nemen, die bestaat uit het bekijken van de genezende eigenschappen van water dat in een rood glas in de stralen van de zon is geplaatst. Dit water neemt hoedanigheden aan, die eigen zijn aan een negatieve behandeling, want de straling van de rode kleur zal het water negatief laden. Omgekeerd zal het het water in een groen glas veeleer positief laden. Men kan dit experiment vervolgen met de gekleurde filters die gebruikt worden voor de toepassing van gekleurde straling op acupunctuurpunten.

Men weet dat er contactpunten bestaan die een directe verbinding vormen met onze organen. Men kan een rode of groene kleur op hen toepassen en, naargelang de behoefte, respectievelijk energie verspreiden door een negatieve behandeling, of energie stimuleren, door een positieve behandeling. Aan weerskanten van de ruggegraat en ook op de ledematen bevinden zich bepaalde acupunctuurpunten. Sommige punten dienen ter versterking, andere om energie te verspreiden. Men kan echter niet zeggen dat de acupunctuur volkomen gelijk is aan de Rozekruisers-behandelingsmethoden. Bij de Rozekruisers-behandeling ligt psychische energie van spirituele aard aan de basis van de behandeling. De handeling van de genezer is hier beslissend, doordat hij visualisatie toepast. In de acupunctuur oefent men krachten uit op de fysieke ondergrond van deze psychische energie; de levenskracht moet echter wel aanwezig zijn. Die wordt niet toegevoegd en ook niet aan het lichaam onttrokken; in de acupunctuur laat men de levenskracht slechts circuleren. Men verspreidt haar alleen waar zij zich te veel samentrekt, zich vastzet en een opeenhoping veroorzaakt; of men versterkt haar, dat wil zeggen, men concentreert haar op de plek waar zij ontbreekt. Zo wordt het functioneren van een orgaan bevordert. In deze zin volgt de Rozekruisers-behandeling op de acupunctuurbehandeling. Maar het is een feit dat de genezer,
door als kanaal voor de psychische en spirituele energie te dienen, behalve versterking of verspreiding ook een surplus aan psychische levenskracht kan doorgeven.

Het psychische licht

Dit brengt ons er toe het psychische licht te beschouwen, dat zijn oorsprong heeft in de levenskracht. De levenskracht ligt aan de basis van het leven en is afhankelijk van het spirituele licht dat in ons is. Dit licht bestuurt de levensfuncties van het lichaam, en het sympathische stelsel is er de drager van. Hoewel er op dit niveau eigenlijk niet over kleur gesproken kan worden, kan het psychische licht, wanneer het uitgaande van de pijnappelklier in de omgeving van het gezicht geprojecteerd wordt, ook de vorm van psychische kleuren aannemen.

Het psychische licht is een lichtbeweging, een kracht van spirituele aard. Het openbaart zich op onafhankelijke wijze bij de eerste levensadem. Wanneer onze zielepersoonlijkheid bij de geboorte binnendringt in ons fysieke lichaam - dat de tempel van onze ziel zal zijn -, wordt zij vergezeld van haar eigen spirituele licht. Het neemt dit licht over van het psychische licht dat van de moeder afkomstig is, en in het lichaam van de baby aanwezig was. Men dien verstande dat het van de foetus afkomstige licht zonder persoonlijkheid is, omdat de moeder de foetus voedt, zoals zij een van haar eigen organen zou voeden.

In dit aan de geboorte voorafgaande stadium is het spirituele licht van de ziel eveneens onpersoonlijk zolang het kind geen kennis heeft gemaakt met zijn eigen Ik. Bij de eerste inademing dringt de levensadem, en daarmee de levenskracht, binnen: het kind wordt een levende zielepersoonlijkheid. Vervolgens projecteert het zijn spirituele licht met behulp van zijn vijf zintuigen naar de fysieke wereld. Daardoor begint het zijn bestaan waar te nemen als afgescheiden van de rest van de schepping, waarvan het de weerkaatsing waarneemt. Deze projectie door de poorten van de vijf zintuigen brengt de bewustwording voort van zijn onafhankelijkheid en dus van zijn zielepersoonlijkheid. Bij de geboorte wordt het spirituele licht eerst geconcentreerd in het psychisch centrum van de thymus. Vandaar bereikt het het hart en gaat het via het sympathisch zenuwstelsel naar de hogere centra.

Terwijl het spirituele licht vervolgens het systeem van het ruggenmerg en de hersenen bereikt, geven de centra de endocriene klieren hun cyclus. In dezelfde tijd wordt de ziel zich bewust van de hogere emoties die het kind ontwikkelt bij zijn ouders en bij de andere wezens met wie het omgaat. Het ontwikkelt ze ook in zijn eigen verbeeldingswereld en op psychische wijze in de onzichtbare wereld waarmee hij zeer lang verbonden blijft. Deze gevoelens zijn die van de universele vaderlijke en moederlijke liefde. Daarna wordt het wezen zich geleidelijk van zichzelf bewust, dat wil zeggen dat het de hoedanigheden van zijn ziel ontwikkelt. Het manifesteert de meest markante karaktertrekken, die van het licht van zijn psychisch zelf: mededogen, vrede, vreugde, spirituele kalmte, et cetera. In normale omstandigheden zou dit althans in de loop van de eerste tijd van de incarnatie moeten gebeuren. Helaas scheppen de invloed van de materiŰle wereld, de stress en de weigering om tijdens de opvoeding het bestaan van
metafysische verschijnselen te erkennen, disharmonische gedachten die uit het denken en uit het objectieve bewustzijn voortkomen. Deze gedachten geven de psychische lichtenergie een andere wending en beperken haar tot subjectieve gedachten. Dergelijke gedachten veranderen dikwijls in onwrikbare opvattingen en verduisteren daardoor het innerlijke licht. Zo beperken zij de positieve invloed op het innerlijke licht in het psychisch lichaam. Dit heeft zijn weerslag op de psychische centra waarvan de werkzaamheid minder wordt en vervolgens op de endocriene klieren waarmee deze centra in verbinding staan.

De waarneming van het Groter Licht in onszelf hangt af van deze energie die door de eerste adem en vervolgens bij iedere verdere ademhaling wordt opgevangen. Het is de psychische energie van de ademhaling die de mens zijn volle bewustzijn geeft en de positieve polariteit van de levenskracht vormt. Vanaf onze psychische centra straalt deze energie door de sympathische zenuwvlechten die, om zo te zeggen, transformatoren zijn die psychische energie in magnetische en elektrische energie omzetten. De sympathische zenuwenergie brengt de psychische energie naar het hele sympathische systeem over, waar deze energie zich in de sympathische ganglia verdicht en verder gaat in de sympathische zenuwvezels, met name de handen. Het is het geheel van deze energiecirculatie dat men de levenskracht noemt.

Om zich te manifesteren heeft levenskracht dus twee aanvullende energieŰn nodig: de ene wordt opgevangen door de ademhaling; dit is de psychische en positieve polariteit van de levenskracht. De andere wordt verkregen door de voeding en door de werking van het contact met de aarde in verband met de aardse magnetische polariteit; deze energie is van negatieve aard. Ons psychische wezen blijft altijd verbonden met zijn kosmische bron, met name door de tussenkomst van de zon en haar licht, dat in ons wezen verheven gedachten, emoties en moed opwekt. Dit vermeerdert de psychische veerkracht en de morele sterkte.

Het spirituele licht

Om te besluiten zullen wij het spirituele licht bespreken. Ons wezen baadt in een oceaan van licht die wacht om zich te manifesteren wanneer wij ons ermee in harmonie brengen. De essentie ervan openbaart zich door de vier beginselen of zijnstoestanden van zijn energie: water, lucht, aarde en vuur. Aan deze vier beginselen ontlenen wij zowel fysiek als psychisch ons eigen bestaan, want zij zijn de manifestatie van het leven zelf. Maar de vier beginselen zijn niet dat wat wij door onze zintuigen waarnemen. Om een beroep op hen te doen, moeten wij ze ons psychisch bewustzijn laten binnendringen en onszelf met hen in harmonieuze eenheid brengen. Het spirituele licht brengt in ons wezen het spirituele bewustzijn voort, op voorwaarde dat wij ons ernaar wenden. Wij merken het dankzij meditatie op, en meditatie wordt dan zowel psychisch als fysiek een oefening in regeneratie. Meditatie stelt ons in staat de stroom van de levenskracht te stimuleren. Ons wezen gedraagt zich dus als een soort transformator, die in staat is zich met deze energie, dit Licht en deze kracht op te laden, voor onszelf of voor iemand anders.

(Lezing gehouden tijdens het Convent van de Franstalige Jurisdictie van de Rozekruisers Orde A.M.O.R.C. te Montreux, Zwitserland)

Paul Dupont ( http://home.planet.nl/~amorc.nl/ )


Jetlag bij sporters oplossen verkozen tot beste idee Congres Sport & Technologie

Door middel van lichttherapie jetlags bij sporters voorkomen. Dit voorstel van Toine Schoutens is op het congres Sport & Technologie in Eindhoven tot beste idee verkozen. De jury kwam tot dit besluit omdat de oplossing voor alle sporten gebruikt kan worden, op korte termijn te realiseren is en ook buiten de sport toepasbaar is. Toine Schoutens is directeur van Stichting Onderzoek Licht en Gezondheid SOLG, een organisatie die onderzoek doet naar de relatie tussen licht, functioneren, welzijn en gezondheid. Jetlag is een probleem waarbij door het intercontinentaal reizen een ontregeling ontstaat in het slaap/waakritme. Het gevolg is dat mensen die hier gevoelig voor zijn, gedurende een aantal dagen tot zelfs weken minder in staat zijn om (top)prestaties te leveren. Schoutens: "Met behulp van een nieuw te ontwikkelen jetlag-programma dat gebruik maakt van het getimed toedienen van licht en donker, kan het slaap/waakritme al voor de reis worden verschoven en het gevolg is dat er geen jetlag optreedt. Dit programma kan het verschil uitmaken tussen zilver en goud."

http://www.tno.nl/tno/actueel/tno_persberichten/2006/
jetlag_bij_sporters_oplos/index.xml

[Tip Johanna Debets]

 

 

 


 


View My Stats