Omdat mijn zoon autistisch is en er via
testen in het alternatieve circuit steeds lekkende darmen worden gevonden ben ik eens
verder gedoken in de relatie tussen de darmen en de hersenen. Volgens Duitse Heilartsen
zijn de darmen de tweede hersenen. Stoffen die voor de hersenen nodig zijn worden oa in de
darmen geproduceerd. Gaat er dus wat mis in de darm dan geheid een reaktie in de hersenen.
Ook zijn er vele studies op het gebied van bijvoorbeeld de rol van voeding op ADHD
kinderen, het veroorzaken van depressie door tekorten aan bijvoorbeeld omega 3, de rol van
antibiotica op het verstoren van de darmflora en het effect van bijvoorbeeld gluten
(tarwe, havermout, rogge etc) op de darmwand.
Een vrij hoog percentage van kinderen met
autisme loopt met een probleem rond mbt gluten en koemelkeiwit, deze vaak magere kinderen
kunnen absorptieproblemen ontwikkelen en tekorten aan oa magnesium, B6, zink etc oplopen.
Een doorsnee huisarts heeft weinig verstand van dit soort zaken en specialisten in
ziekenhuizen ontkennen het bestaan van dit soort relaties. Gelukkig is er online voldoende
kennis aanwezig zodat je kunt kijken of dit in jouw gezin kan spelen. Je ziet vaak al
darmproblemen in de familielijn en mogelijk ook autisme, schizofrenie, depressies,
darmkanker of coeliakie.
Problemen komen natuurlijk in allerlei
gradaties, dus de ene persoon zal gevoeliger zijn voor gluten en koemelk dan de andere
maar heb je problemen met de darmen ga dan eens testen wat er gebeurt met je klachten als
je 1-2 weken glutenvrij en zonder zuivel eet. Beperk ook rood vlees, kies liever voor
eieren, vette vis of kip/kalkoen. En kijk zeker eens naar het lowcarb dieet op deze site.
Zie brood niet als gezond eten, granen kunnen voor menigeen met darmproblemen de echte
ziekmakers zijn.
Lees maar eens dit verhaal van Prof dr
Frits Muskiet, één van de weinige mensen in Nederland die wel verstand hebben van
voeding:
"Er is o.a. een disbalans tussen het aantal eiwitten, vetten en koolhydraten dat we
eten. We krijgen veel te veel koolhydraten binnen. Maar daar zijn we niet op gebouwd. Voor
de ontwikkeling van de landbouw aten we nagenoeg geen koolhydraten uit granen. Vooral de
snelle koolhydraten zijn slecht, omdat ze een hongergevoel veroorzaken."
Non-steroïdale anti-inflammatoire middelen
(NSAIDs) zoals aspirine/ibuprofen
Bacteriële onbalans
Wanneer een gezonde darmflora uit balans is geraakt door een overschot aan Candida
albicans, gisten of parasieten spreken we van een bacteriële onbalans. Deze dysbiose kan
leiden tot het lekkende darm-syndroom.
Antibiotica
Maagzuurremmers
Goede stoffen voor de darmwand
MSM (natuurlijke zwavelverbinding)
MSM is goed voor de balans tussen gunstige en ongunstige bacteriën
in de darmen.
L-Glutamine (voorloper van glutathion)
Wei (Wanneer er kaas gemaakt wordt blijft er
een vloeistof over: wei. Wanneer de wei ingedroogd wordt ontstaat er een wit poeder), ik
gebruik zelf RenewPro die van rauwe melk is gemaakt.....
Probiotica, helpt bacteriële onbalans te
herstellen
De meest recente hypothese over het
ontstaan en voortduren van MC gaat uit van het idee dat er drie factoren bij MC betrokken
zijn:
Erfelijke aanleg.
Prikkeling van de darm door de darmflora.
Afwijkende afweerreacties in de darm.
Dus in een persoon die daar genetisch gevoelige voor is wekken één of meerdere
componenten van de darmflora een abnormale afweerreactie op die leidt tot de chronische
darmontsteking die karakteristiek is voor CD. Dit proces gaat gepaard met een lekkend
darmslijmvlies (mucosa) waardoor allerlei voedselcomponenten en microorganismen
gemakkelijker kunnen binnendringen, en op hun beurt ook weer voor een afweerreactie kunnen
zorgen. Het afweersysteem in de darm wordt voortdurend geprikkeld door alle mogelijke
antigenen (dit zijn stoffen die een afweerreactie opwekken, zoals microorganismen) die
door het voedsel worden aangevoerd. Afweercellen staan permanent paraat om snel
schadelijke antigenen te neutraliseren. Aan de andere kant moeten gunstige of niet
schadelijk antigenen, zoals die van de darmflora wel worden getolereerd. In gezonde
personen is daarom in de darm permanente paraatheid van het afweersysteem noodzakelijk,
onder dat het evenwicht omslaat naar de verkeerde kant. Als er een ontregeling plaatsvindt
in het evenwicht tussen tolerantie van, en afweer tegen antigenen kan in genetisch
gevoelige personen een ongecontroleerde reactie ontstaan die leidt tot een chronische
ontsteking van de darm. Ontregeling van het evenwichtin de darm zou kunnen ontstaan als
gevolg van een veranderde samenstelling van de darmflora, bijvoorbeeld door verhoogde
koolhydraatinname, roken en andere milieufactoren. Opvallend is bijvoorbeeld dat zeer veel
MC patiënten antilichamen hebben tegen bakkersgist (Saccharomyces cerevisiae). Dit duidt
erop dat er bij MC patiënten een verminderde tolerantie is tegen normale voedselantigenen
zoals bakkersgist, doordat deze als gevolg van een lekkend darmslijmvlies gemakkelijker
tot de diepere lagen van de darm kunnen doordringen.
Enkele jaren geleden lanceerde Wijmenga een
nieuwe hypothese, die mogelijk een verklaring zou kunnen geven voor de overeenkomsten
tussen ontstekingsziekten. Om deze te onderzoeken ontving zij een VICI-subsidie van ZonMw.
Zij vermoedt dat bij ontstekingsziekten de conditie van de dunne darmwand een belangrijke
rol speelt. De darmcellen vormen in principe een gesloten geheel. Maar wanneer
voedingsstoffen moeten passeren, trekken tussenliggende eiwitcomplexen die cellen iets uit
elkaar om daarna de darmwand weer te sluiten.
Wat ik mij voorstel, is dat dit
proces bij patiënten met ontstekingsziekten niet helemaal goed werkt. Bij hen blijft de
darmwand dan enigszins poreus en komen er ongewenste antigenen binnen. Die veroorzaken
lokaal een ontsteking en misschien, als ze in de bloedbaan terechtkomen, ook wel verderop
in het lichaam. Komen ze bijvoorbeeld in de alvleesklier terecht, dan zou dat kunnen
leiden tot de auto-immuunreactie bij diabetes. Deze gedachte kwam bij mij op toen we een
nieuwe genetische risicofactor voor coeliakie hadden geïdentificeerd, het myosine
IXB-gen. Dat gen speelt waarschijnlijk een rol in het sluiten van de ruimte tussen de
epitheelcellen van de darm.
Met het 'lekkende darm syndroom' wordt
bedoeld: de conditie in de darmen waarbij de opname en het transport van voeding en
voedingsstoffen verstoord is. Een belangrijke rol bij het lekkende darmsyndroom hebben de
'villi'. De villus is een vingerachtige structuur aan de oppervlakte van de dunne-darmwand
(mucosa). Deze structuur vergroot de oppervlakte van de darm enorm en daarmee de
opnamecapaciteit. De villus bestaat uit villi, microvilli en crypts.
De korst die op de darmwand blijft kleven
bij ontijdige en onvolledige ontlasting verhardt, verwekt ontstekingen en verwondt de
darmwand. De dikke darm wordt steeds wijder, langer en zwaarder en zakt door. Het lichte
vlies waarmee de darm aan de ruggengraat ophangt, ontwikkelt zich tot een stevige band
waarover de darm in een knik gaat hangen. Die knik verergert de verstopping. Daar komt
weer een ontsteking en een wonde. Zo ontstaan er wonden in het oppervlak van het
darmslijmvlies. Die wonden zijn onbewaakte plaatsen, waarlangs grotere eiwitdeeltjes en
ziektekiemen ongehinderd in het bloed komen. Denk aan wonden in de huid waarlangs
bacteriën in het bloed kunnen binnendringen. Dat noemt men een lekkende darm. Dat merkt
men het eerst aan de krampen in de spieren van de darmen op de plaats van de ontstekingen.
Die grotere eiwitdeeltjes en ziektekiemen worden in het bloed herkend en afgebroken door
het immuun systeem van het bloed. Ook die afbraakproducten worden uit het bloed gezuiverd
door de lever. Zijn er teveel dan kan de lever het werk niet meer aan en dan worden die
afbraakproducten neergezet in allerlei organen en weefsels. In het eindstadium geraken de
spieren van de blindedarmklep ontstoken en verlamd, zodat er vrije doorgang is van alle
gifstoffen en slechte bacteriën vanuit de dikke darm naar de dunne darm. Zo wordt de
hoeveelheid gifstoffen die in het bloed komen sterk vergroot. Die gebreken ziet men
tenslotte aan de vorm van het lichaam en aan de manier van gaan en staan van de persoon.
Ron Hoggan ziet de gluten als voornaamste
boosdoener en denkt dat ca 12% van de mensen problemen met gluten hebben, resulterend in
auto-immuunaandoeningen. Hij heeft wat artikelen geschreven op: http://www.celiac.com/authors/41/Ron-Hoggan
en een boek gepubliceerd (Dangerous
Grains). Volgens hem zorgen gluten voor de onbedoelde aanmaak van het eiwit zonuline,
welke vervolgens kleine openingen tussen de darmcellen maakt.
Deze video duurt een uur en is absoluut de
moeite waard om te bekijken (hoewel het niet allemaal makkelijk te begrijpen is). Lectines
zijn bij MS de bron van het kwaad (gluten zijn een subgroep van lectines). Lectines zijn
in het algemeen afweerstoffen van planten. Sommige daarvan is de mens tegen bestand,
andere niet en sommige zijn ronduit giftig. Lectines uit granen, peulvruchten (waaronder
pinda's, bonen en soja), melk en tomaat zijn een beetje giftig. De mens is er niet goed op
aangepast (via evolutie), en zou ze eigenlijk ook niet moeten eten.
Non-celiac gluten sensitivity is related to
numerous health problems. Yet, rarely is it suspected as a factor. Because the condition
can be prevented or managed by food avoidance rather than by medication, dietary changes
should be given a chance. Dangerous Grains turns the U.S. Food Guide Pyramid upside down
by exposing the myriad health risks posed by gluten grains (wheat, rye, barley, spelt,
kamut, and triticale). The authors, leading experts in the field of food allergies, and
celiac disease, present compelling evidence that our grain-centered diet is to blame for a
host of chronic illnesses. Largely misunderstood and frequently misdiagnosed, these
disorders can be prevented and reversed by the useful program outlined in this important
new book.
Darmen als onafhankelijk
zenuwstelsel: 'the second brain'
De darmen hebben een complex onafhankelijk
zenuwstelsel, ENS -Enteric Nervous System- genoemd. Deze 'tweede hersenen' hebben een
twee-weg communicatiesysteem met de hersenen. Dit verklaart de dramatische veranderingen
die in het maag-darmkanaal plaatsvinden tijdens emotionele stress. Zenuwprikkels
-boodschappen- gaan vice versa van de hersenen naar de maag-darm over een weg die 'vagus
nerve' wordt genoemd. Via dit 'boodschappencircuit' wordt de hersenen een signaal gegeven
als er problemen zijn in het maag-darmtraject. Om te kunnen communiceren gebruikt het ENS
dezelfde neurotransmitters als de hersenen. In totaal zijn dit er ongeveer dertig, met
serotonine als één van de voornaamste. Serotonine heeft ook een belangrijke rol bij de
peristaltiek van de darmen evenals de zuurgraad aldaar.
Door enzymen wordt het voedsel ontrafeld en
omgezet zodat het voor het bloed van de mens aanvaardbaar wordt. Als voedsel niet zinvol
wordt omgezet door enzymen bestaat de mogelijkheid dat lichaamvreemde stoffen het bloed
bereiken. Dit kan leiden tot hevige reacties. Enzymen moeten in het lichaam zelf worden
gemaakt. Daartoe zijn eiwitten nodig, maar vooral zink en magnesium. Zink is betrokken bij
80 enzymsystemen. Biogene aminen = stoffen die zich ontwikkelen uit gistingprocessen. In
goede gezondheid verkeren , dwz er is sprake van goede darmflora en voldoende aanwezigheid
van het enzym mono-amino-oxydase. Dit enzym is in staat om de toxische biogene aminen te
detoxificeren. In deze tijd blijken veel mensen niet over een goede darmfunctie te
beschikken en dagelijks voedsel te nuttigen dat rijk is aan biogene aminen. Dit kan
aanleiding geven tot intoleranties en allergiën.
Een tekort aan glutamine kan de
mucosamorfologie en de darmbarrière functie ernstig verstoren. In een studie naar het
effect van een glutaminetekort op de darmfunctie en histologie werd de intestinale
permeabiliteit bestudeerd met behulp van de lactulose-mannitoltest. Bij alle patiënten
was de permeabiliteit verhoogd vergeleken met die van een controlegroep. Parenterale
voeding is ook regelmatig in verband gebracht met atrofie van de darmmucosa, omdat de
standaard aminozuuroplossingen in deze voedingen arm waren aan glutamine. Glutamine (maar
niet glutaminezuur) passeert gemakkelijk de bloed-hersen barrière en wordt dan
gemakkelijk omgezet in glutaminezuur. Glutaminezuur is een zeer belangrijke brandstof voor
de hersencellen
Een belangrijke taak van de lokale afweer
in de darm is het handhaven van de juiste tolerantie. Claassen: In
normale omstandigheden reageren we niet op lichaamsvreemde stoffen in de darm. We
tolereren die. Die tolerantie kan echter doorbroken worden, bijvoorbeeld door een
darminfectie. Daardoor kan de darmwand beschadigen. Ook bepaalde medicijnen (onder
andere antibiotica, maagzuurremmers en cortisonpreparaten), verkeerde voedingsgewoonten,
zware lichamelijke stress, gebrek aan lichaamsbeweging, veroudering en chirurgische
ingrepen kunnen de slijmlaag in de darm negatief beïnvloeden. Het gevolg is dat
afweercellen in de darmwand in directe aanraking komen met lichaamsvreemde stoffen. Dat
kan leiden tot voedselintolerantie, voedselallergie of een allergische reactie zoals
eczeem (atopische dermatitis). Claassen sluit niet uit dat ook longallergieën als
hooikoorts en astma in verband staan met een beschadigde darm.
Hoe is het aan te tonen? Een goede
natuurarts kan vaststellen of u een lekkende darm hebt. De diagnose is pas rond nadat een
zogeheten Calprotectine-test is gedaan, die de verhoogde doorlaatbaarheid van de darm
meet, aangevuld met een bloedtest (die antistoffen tegen voeding meet; een voorbeeld
hiervan is de ImuPro-test), in het ideale geval aangevuld met een ontlastingstest.
Wat lekt er precies?
Niet goed genoeg verteerde voedingsdeeltjes zoals eiwitten, die normaal gesproken pas
verderop in de dunne darm naar het bloed gesluisd worden. Het afweersysteem van het bloed
reageert daarop door afweerstoffen te maken. De cirkel is dan rond.
Wat betekent lekkende darm?
sluit De diagnose lekkende darm is te stellen met de calprotectine test. De
diagnose komt zowel voor binnen de reguliere als de complementaire geneeskunde. Beide
bedoelen daar wat anders mee. Een natuurdiëtist verstaat onder een lekkende darm een darm
die naar het bloed lekt. Terwijl reguliere artsen bedoelen dat de darmcellen, bijvoorbeeld
eiwitten of lymfevocht, de verkeerde kant uit lekken, namelijk naar de lumen (darmholte).
Daardoor verdwijnt meer eiwit via de ontlasting en kunnen tekorten ontstaan in de
bloedeiwitten.
Hoe zit dat nu?
De darm is opgebouwd uit darmcellen. iedere cel heeft poriën, waardoor de noodzakelijke
voedingsstoffen uit het eten in het bloed kunnen worden opgenomen. Alle darmcellen zijn
tegen elkaar geplakt met een soort lijm, in vaktaal tight junctions. Door
verkeerde voedingsgewoonten, onnatuurlijk voedsel en een verstoord evenwicht in de
darmflora ontstaan er microscopisch kleine beschadigingen in die tight junctions en dat
heet lekkende darm. Door die gaatjes kunnen allerlei ongewenste
voedingsbestanddelen richting het bloed lekken. Daardoor komt het afweermechanisme in
actie. Dit kan leiden tot migraine, reumatische gewrichtsklachten, fibromyalgie, eczeem,
spijsverteringsproblemen, depressiviteit e.d.
Uit klinische studies blijkt dat
auto-immuunstoornissen zoals artritis, diabetes, leveraandoeningen, astma en bepaalde
kankersoorten mogelijk iets met gluten te maken kunnen hebben. Anders gezegd: coeliakie
vergroot de kans erop. Marios Hadjivassiliou, verbonden als neuroloog aan het Royal
Hallamshire Hospital in Sheffield vond bij patiënten met neurologisch
disfunctioneren zonder aanwijsbare oorzaak bij meer dan de helft van hen
antilichamen tegen gliadine in het bloed. Opmerkelijk was verder nog dat de meesten totaal
geen ingewandsklachten hadden.
Onverklaarbare spierpijnen kunnen
veroorzaakt worden door een verminderde absorptie van voedingsstoffen bij mensen die IBS
(Irritable Bowel Syndrome) hebben of een ernstiger darmziekte, het IBD (Inflamatory Bowel
Disease). behoefte aan bepaalde voedingsstoffen voor herstel zoals aminozuren
(glutaminezuur, taurine, BCCA bestaande uit isoleucine, valine, leucine), vitamine D,
vitaminen B, magnesium een concurrent worden van de spieren.
De mucosa-barrière: de
ontmoetingsplaats van binnen- en buitenwereld
Nergens anders in of aan het lichaam vindt
een intensiever contact tussen het organisme en exogene stoffen plaats. Omdat niet alleen
welkome voedingsbestanddelen het darmkanaal passeren, maar ook in grote hoeveelheden
allerlei toxinen, parasieten, schimmels, virussen en bacteriën, net als de
uitscheidingsproducten van hun stofwisseling met het darmslijmvlies in aanraking komen,
moet tegenover zon ononderbroken aanval een krachtige verdedigingslinie opgeworpen
worden: de mucosa-barrière. Deze fungeert als een mechanische en immunologisch
beschermende barrière. Dit neutraliseert vooral potentiële antigenen voordat ze met het
slijmvlies kunnen reageren c.q. er doorheen kunnen dringen en/of ontstekingsprocessen in
of aan de darmwand op gang kunnen brengen.
Ontsporing van allerlei lichaams-
en orgaanfuncties
Een ander belangrijk gevolg van de
verstoorde, gezonde darmflora is dat het milieu in de darm zodanig verslechtert dat de
stofwisseling erdoor verstoord raakt en dat niet meer alle micronutriënten voldoende
worden opgenomen in het bloed (malabsorptie). Dit wordt in de natuurgeneeskunde een
lekkende darm genoemd (leaky gut syndrome). En zo ontstaat er heel geleidelijk een steeds
groter wordende ontsporing van allerlei lichaams- en orgaanfuncties. Onvoldoende aanmaak
van het metallothioneine is hier o.a. het gevolg van. Metallothioneine heeft, onder vele
andere functies, een heel belangrijke functie bij de ontgifting van zware metalen. Ons
voedsel bevat vaak al lang niet meer wat het zou moeten bevatten maar door de lekkende
darm treden er steeds vaker tekorten op.
Calprotectine is een eiwitcomplex met
antibacteriële eigenschappen. Ca2+ ionen induceren de vorming van Calprotectine complex
vanuit z n subunits MRP8 en MRP14. Calprotectine bindt zink welk is essentieel voor vele
bacteriën. Zodoende, Calprotectine ontneemt de bacteriën de mogelijkheid om zich te
ontwikkelen. Calprotectine
wordt uitgescheiden bij ontstekingsreacties van neutrofiele granulocyten, macrofagen en
keratincyten.
Ook deze test is weer een elisa. De
Calprotectine is absoluut stabiel in de faeces.
Een aantal voordelen van de Calprotectine
op rij:
* absoluut stabiel in faeces gedurende een week
* betrouwbare differentiatie tussen een chronische ontstekingen, intestinale ziekten en
geïrriteerd colon syndroom
( sensitiviteit 100%, specificiteit 97%)
* vroege diagnose in acute fase van inflammatoire intestinale ziekten
( sensitiviteit 90%, specificiteit 93%)
* hoge sensitiviteit in het detecteren van colon-rectale carcinomen (CRC) en poliepen
( CRC: sensitiviteit 100%, poliepen: sensitiviteit 88%)
(extra literatuur beschikbaar)
Opsturen van 1 potje faeces in de door het laboratorium verstrekt verzendmateriaal is
voldoende. Doorlooptijd laboratorium: circa 2 weken.
Door geavanceerde technieken kan MGlab met
grote nauwkeurigheid bacterie aantallen vaststellen. MGlab richt zich op het aantonen van
bacterieel DNA, daar lang niet alle bacteriegroepen de verzending per post overleven. Bij
darmklachten is het zinvol om een breede screening in te zetten. De patiënt kan sneller
worden geholpen wanneer meerdere testen tegelijkertijd worden ingezet. MGlab gebruikt
testen die de aanwezigheid van schadelijke bacteriën, bloedspoortjes, parasieten en
antilichamen tegen gluten aan kunnen tonen.
Mensen zijn acht- tot tienduizend jaar
geleden voor het eerst graan gaan gebruiken als voedingsmiddel. Wild graan vormt vrijwel
onverteerbaar voedsel voor mensen, maar door het drogen en malen van graan kan het toch
als voedsel gebruikt worden. Hierdoor konden grote beschavingen tot bloei komen, maar dat
had zijn prijs. Het vermogen om een plant te kunnen eten om te overleven betekent nog niet
dat die plant dan gezond voor ons is. Zoiets dergelijks is het geval voor de meeste
graansoorten en hier leggen we uit waarom. De menselijke spijsvertering is ontworpen om
voedsel af te breken dat we eten en om de nutriënten daaruit te absorberen. De darmwand
vormt een barrière, die bepaalde voedingsstoffen toelaat en andere tegenhoudt. Een dieet
dat voornamelijk op granen is gebaseerd kan leiden tot ingewandsgisting (logisch, daar
gefermenteerde tarwe en hop bier en gas produceren) , wat weer kan leiden tot ontstekingen
die de de dichtingen tussen de darmwandcellen verzwakken. Door deze beschadigingen
ontstaan lekken die verboden stoffen, zoals onvolledig verteerde plantaardige
eiwitten, in staat stellen de darmwandbarrière te passeren. Deze plantaardige
eiwitten, die lectines worden genoemd, veroorzaken flinke problemen zodra ze in de
bloedbaan worden ogpgenomen omdat hun structuur zo lijkt op lichaamseigen eiwitten;
sommige lectines lijken op de eiwitten in gewrichten, andere op eiwitten die betrokken
zijn bij de filterfunctie van de nieren en weer andere op die van eiwitten op
zenuwuiteinden.
De intestinale permeabiliteit kan aangetast
worden door meerdere mechanismen zoals intestinale infecties, een tekort aan secretoire
IgA, de ingestie van allergeen voedsel of toxische chemische stoffen, trauma en
endotoxinemie, alcoholisme en non-steroïdale anti-inflammatoire middelen (NSAIDs).
Dat het gebruik van deze NSAIDs de intestinale barrièrefunctie teniet doet, is een
belangrijke negatieve factor voor artritispatiënten die ermee behandeld worden, want de
intestinale permeabiliteit kan een sleutelrol spelen in hun ziekteproces.
Glutamine is van belang voor herstel van de
darm (dunne darm). Glutamine is het meest voorkomende aminozuur in het menselijk lichaam.
Glutamine wordt gevormd in de spieren. Glutamine heeft effect op:
De darm. Het slijmvlies gebruik glutamine
als energie bron, het is de belangrijkste stikstof donor voor DNA en RNA synthese, dit is
vooral belangrijk in weefsel zoals de darm dat zeer snel groeit.
De hersenen gebruiken glutamine, dat een
voorloper is van GABA, het heeft een anti-depressieve werking.
Glutamine speelt een belangrijke rol in
bescherming tegen toxische stoffen. Daar glutamine een onderdeel vormt voor glutathion,
speelt het een belangrijke rol in bescherming tegen toxische schade. Ratten die
paracetamol kregen hadden minder lever schade wanneer eer ook glutamine werd toegevoegd.
Vage benaming maag-darmklachten geeft
complexiteit aan
Klachten voortkomend uit het
maag-darmkanaal zijn vaak moeilijk te omschrijven. Dat vinden we terug in de benaming. We
praten over: spastische, lekkende of prikkelbare darmen. Benamingen die op zich weinig
duidelijkheid scheppen.
Op de vraag wat een spastische of lekkende
darm dan precies is, zal een eensluidend antwoord uitblijven. Het geeft aan dat er
onduidelijkheid bestaat over de diversiteit aan oorzaken van de klachten. In deze
publicatie zullen we ingaan op enkele belangrijke aspecten van de maag-darmproblematiek:
Verstoord evenwicht van de micro-organismen
De zuurgraad in ons maag-darmkanaal
Weerstand, anti-lichamen en de rol van ons maag-darmstelsel
Darmen als onafhankelijk zenuwstelsel: 'the second brain'
De meeste medische wetenschappers
beschouwen de rol van verhoogde permeabiliteit van de ingewanden als onbelangrijk ivm MS.
Het "leaky gut syndrom" of LGS schijnt nauwelijks herkend te worden , maar
schijnt daarentegen wel een veel voorkomend en totaal onderschat probleem te zijn. Evenmin
als voedingsallergieën/intolleranties ivm MS , is het "leaky gut syndrom" ivm
MS een evenzo weinig populair researchonderwerp voor de hedendaagse klassieke MSresearch .
In het eerste geval ging het om een methode (niet patenteerbaar hetgeen klassiek
eigenlijk niet gewenst is) , en in het tweede geval gaat het zo mogelijk om een zelfs nog
heikeler onderwerp , daar bvb oa antibiotica , steroiden , voorgeschreven
corticosterioiden zoals bvb. prednisone , NSAIDS (dit zijn niet-steriodale
anti-ontstekings geneesmiddelen zoals ASA , indomethancin , aspirine , ibuprofen , enz.) ,
hormonen , enz. mogelijks een rol spelen in het "leaky gut syndrom" .
Ontstekingsziekten door overerving
van een lekkende darm?
Prof. dr. C. (Cisca) Wijmenga (v)
16-02-1964, UMC Utrecht - Genetica
De darmwand beschermt ons tegen gevaarlijke
binnendringers die ontstekingen kunnen veroorzaken. Diverse ontstekingziekten
(suikerziekte, glutenallergie, Crohn) vertonen een lekkende darm en zijn erfelijk. De
onderzoekers gaan uitzoeken welke genen verantwoordelijk zijn voor de lekkende darm en
daardoor deze ziekten veroorzaken.
Onderzoekers van het Universitair Medisch
Centrum Groningen hebben in de ziekte coeliakie een nieuw gen geïdentificeerd. Het
gevonden gen is waarschijnlijk betrokken bij de ontstekingsreacties die in de darm
ontstaan na het eten van voedsel dat gluten bevat. De onderzoekers onder leiding van
hoogleraar Genetica Cisca Wijmenga publiceren vandaag over hun onderzoek in het
gerenommeerde wetenschapsblad Nature Genetics.
Coeliakie is de meest voorkomende vorm van voedselintolerantie in de Westerse wereld. Naar
schatting lijden in Nederland 160.000 mensen aan deze ziekte. Bij mensen met coeliakie
veroorzaakt voedsel dat gluten bevat, beschadiging van het slijmvlies van de dunne darm.
Daardoor kan de darm zijn werk niet goed meer doen. Als gevolg hiervan kunnen klachten
ontstaan als diarree, verstopping, groeistoornissen, humeurigheid en vermoeidheid. Ook
kunnen tekorten ontstaan aan onder meer vitamines en ijzer. De enige manier om deze
klachten te voorkomen of te bestrijden is het volgen van een dieet waarin gluten niet
voorkomen. De ziekte wordt geclassificeerd als een auto-immuunziekte, een ziekte waarvan
het ontstaan wordt toegeschreven aan het vormen van antistoffen tegen eigen
lichaamsweefsel. Coeliakie wordt veroorzaakt door een combinatie van genetische en
omgevingsfactoren.
Nieuwe techniek
Ongeveer 30 jaar geleden is vastgesteld dat het HLA-DQ2 gen dat op chromosoom 6 ligt, zo'n
40% van de genetische factoren bepaalt die invloed hebben op coeliakie. Het is sinds vorig
jaar mogelijk geworden, gebruik te maken van de volledige catalogus van menselijke
genetische variatie, de SNP's. Dit zijn veranderingen in ieder van de naar schatting elf
miljoen variabele bouwstenen van ons erfelijk materiaal. Hierdoor zijn de mogelijkheden
voor onderzoek naar ziektegenen enorm uitgebreid. Voor het eerst konden de onderzoekers
via een zogenaamde genoomwijde scan een groots opgezette speurtocht uitvoeren in alle
menselijke genen. Dit gebeurt door te zoeken naar variaties in het DNA die bij zieke
mensen vaker voorkomen dan bij gezonde. Hierbij hoeven nu 'slechts' 300.000 SNP's tussen
gezonde en zieke mensen vergeleken te worden. Door nieuwe technologie is dergelijk
onderzoek sinds een jaar mogelijk.
Veroorzakende genen
Cisca Wijmenga en haar team van onderzoekers van het UMCG hebben in eerste instantie samen
met onderzoekers in Engeland en Utrecht ruim 300.000 verschillende SNP's vergeleken tussen
780 patiënten met coeliakie en 1400 controlepersonen. Daarmee hebben ze een nieuw gebied
geïdentificeerd, waar genen te vinden zijn die coeliakie veroorzaken. Dit gebied, een
zogeheten gen locus, is 480kb groot en bevat vier genen waaronder het interleukine 2 en
interleukine 21 gen en ligt op chromosoom 4. De onderzoekers ontdekten dat bepaalde
variaties in SNP bij coeliakie-patiënten in een andere frequentie voorkomen dan bij de
controlegroep. De beide interleukines zijn interessante kandidaten voor coeliakie
aangezien ze een belangrijke rol kunnen spelen in het ontstekingsproces in de dunne darm.
Eerder al is gevonden dat het gen IL2 een rol speelt bij type 1 diabetes en IL21 bij de
ziekte van Crohn, een andere ontstekingsziekte in de darm. Dat dit gen locus geassocieerd
is met coeliakie staat vast. Nog niet precies bekend is welke van de vier genen in het gen
locus de ziekte precies bepaalt. Meer functionele studies zijn nodig om vast te stellen
welk van de vier de echte boosdoener is.
Ontstekingen door lekkende darm?
Enkele jaren geleden lanceerde Wijmenga een
nieuwe hypothese, die mogelijk een verklaring zou kunnen geven voor de overeenkomsten
tussen ontstekingsziekten. Om deze te onderzoeken ontving zij een VICI-subsidie van ZonMw.
Zij vermoedt dat bij ontstekingsziekten de conditie van de dunne darmwand een belangrijke
rol speelt. De darmcellen vormen in principe een gesloten geheel. Maar wanneer
voedingsstoffen moeten passeren, trekken tussenliggende eiwitcomplexen die cellen iets uit
elkaar om daarna de darmwand weer te sluiten. Wat ik mij voorstel, is dat dit proces
bij patiënten met ontstekingsziekten niet helemaal goed werkt. Bij hen blijft de darmwand
dan enigszins poreus en komen er ongewenste antigenen binnen. Die veroorzaken lokaal een
ontsteking en misschien, als ze in de bloedbaan terechtkomen, ook wel verderop in het
lichaam. Komen ze bijvoorbeeld in de alvleesklier terecht, dan zou dat kunnen leiden tot
de auto-immuunreactie bij diabetes. Deze gedachte kwam bij mij op toen we een nieuwe
genetische risicofactor voor coeliakie hadden geïdentificeerd, het myosine IXB-gen. Dat
gen speelt waarschijnlijk een rol in het sluiten van de ruimte tussen de epitheelcellen
van de darm.
Veel ontstekingsziektes hebben een zelfde
moleculaire basis, al zijn het heel verschillende ziektes. Zo kan een iets permeabele darm
waarschijnlijk aanleiding zijn voor meerdere ziektes. Met mijn onderzoek richt ik mij
onder andere op de rol van de darm barrière bij het ontstaan van ontstekingsgerelateerde
ziekten als coeliakie, diabetes, reuma en de ziekte van Crohn. Mijn eigen
kindje daarbij is coeliakie, een ziekte waarnaar nog relatief weinig onderzoek is
gedaan.
Er gebeurt veel, maar we weten nog steeds
te weinig
Bij coeliakiepatiënten is er in de dunne
darm voortdurend een ontstekingsreactie. Niet als gevolg van een bacterie of schimmel,
maar door de overgevoeligheid voor gluten. Daardoor raakt het slijmvlies beschadigd.
Ernstig beschadigd zelfs: uiteindelijk vindt er volledige afvlakking plaats van de
vingervormige uitsteeksels in de dunne darm, de darmvlokken of villi. Vlok
atrofi e heet dat. Per dag kan de mens die een doorsnee Nederlands dieet gebruikt vele
grammen gluten binnenkrijgen. Maar bij iemand die overgevoelig is zijn microgrammen al
genoeg om een afweerreactie te laten ontstaan. Gaat u dus maar na wat een
normaal dieet betekent voor een gevoelige darm.
Een verminderde permeabiliteit blijkt
anderzijds de fundamentele oorzaak te zijn van malabsorptie, de daaruit volgende
malnutritie en groeiachterstand. In bepaalde ziektetoestanden van de dunne darm, zoals
glutengevoelige enteropathie, kan de permeabiliteit voor grote moleculen toenemen, terwijl
als resultaat van schade aan de microvilli, de permeabiliteit voor kleine moleculen
afneemt. Dergelijke toestanden resulteren in een nog mindere beschikbaarheid van
voedingsstoffen die een rol spelen in de detoxificatie van de antigenen die aanwezig zijn
in de bloedsomloop. De intestinale permeabiliteit kan aangetast worden door meerdere
mechanismen zoals intestinale infecties, een tekort aan secretoire IgA, de ingestie van
allergeen voedsel of toxische chemische stoffen, trauma en endotoxinemie, alcoholisme en
non-steroïdale anti-inflammatoire middelen (NSAIDs). Dat het gebruik van deze
NSAIDs de intestinale barrièrefunctie teniet doet, is een belangrijke negatieve
factor voor artritispatiënten die ermee behandeld worden, want de intestinale
permeabiliteit kan een sleutelrol spelen in hun ziekteproces.
De darmwand bestaat uit een dun laagje
cellen, het lumen genaamd. Deze cellen vervangen zich om de 4 dagen en krijgen hun voedsel
vanuit de omgeving. Dus niet het bloed uit het lichaam, maar puur uit de inhoud van de
darm zelf. In een gezonde darm liggen de goede bacteriën in een dikke laag op het lumen.
Wanneer de goede bacteriën afnemen wordt de laag dunner en vallen er zelfs gaten tot op
het lumen. Deze dunnere plekken worden door de slechte bacteriën opgevuld. Aangezien het
lumen zich om de 4 dagen moet vervangen is er veel energie nodig om dit regeneratieproces
met succes te laten verlopen. De vele giftige stoffen die door fermentatie als
uitscheiding van de slechte bacteriën vrijkomen worden door het lumen opgenomen en
gebruikt bij de celdeling. De cellen worden steeds slechter van kwaliteit en er ontstaan
gaten in de darmwand waardoor letterlijk uw ontlasting (uw afvalstoffen) in de bloedbaan
terecht komt. Ook wel een lekkende darm genoemd. Dit leidt tot allerlei ziektes als
chronische vermoeidheid, allergieën en lage weerstand.
Effecten op de darm en darmwerking
Het IgA zou door melk worden stukgemaakt. IgA is een immunoglobuline (afweerstof) wat als
een soort bescherming in de binnenkant van de darmwand zit. Doordat dit stuk gaat, kunnen
grotere lichaamsvreemde eiwitten via de darm binnendringen en ontstaat het zogenaamde
lekkende darm syndroom, waaronder veel grotere kans op allergische reacties en
afname van de darmkwaliteit: chronische diarree met slijm, verlies van bloed in
ontlasting, gasvorming met opgezette buik, braken bij babys en nachtelijk huilen bij
babys.
De exo- en endotoxines (toxisch = giftig)
die ontstaan door een teveel aan schadelijke bacteriën lekken door de darmwand (tight
junctions). Dit veroorzaakt ontstekingsschade aan de darmwand en de lever. Als gevolg
hiervan kunnen nutriënten uit de voeding niet goed meer worden opgenomen. Dit kan dan
weer leiden tot andere vervelende effecten, zoals vermoeidheid, huidklachten,
gewrichtsklachten enz. Lekkende antilichamen vanuit de darm kunnen zich hechten aan
gewrichtsspleten en zo ontstekingsreacties geven in de gewrichten. De behandeling met
ontstekingsremmers (NSAIDs) maakt in feite het probleem van de lekkende darm alleen
maar erger door toename van de ontstekingsreacties van het darmslijmvlies. Het is bekend
dat infecties in de darmen met bijvoorbeeld Klebsiella, Salmonella en Yersinia reactieve
artritis (gewrichtsontsteking) kunnen veroorzaken. Bacteriële antigenen kunnen dan de
bloedstroom in lekken (translocatie) en veroorzaken zo (via immunosensitatie) ontstekingen
in de gewrichten.
Basis van het probleem is een
Candida-overgroei in de dikke darm die, bij een slechte conditie van het darmepitheel
(hyperpermeabiliteits syndroom, vroeger "lekkende darm" of "leaky gut"
genoemd), de darmwand kan penetreren, waarbij candidatoxinen en antigenen worden
geabsorbeerd. Dit betekent een voortdurende belasting van het immuunsysteem. Hierdoor kan
een extreme gevoeligheid voor allergieën en chemische stoffen ontstaan.
Intestinale permeabiliteit (lekke darm
syndroom) is een van de grootste bronnen van toxines van uit de darmen. Bij een
intestinale permeabiliteit zijn de tight junctions (eiwit complexen die de darmcellen
bijeen houden) doorlaatbaar geworden zodat er macro moleculen, afkomstig van niet geheel
verteerd voedsel in de bloedbaan terecht kunnen komen, waar ze o.a. een immuunresponse
veroorzaken en als toxische belasting door het lichaam worden gezien. Intestinale
permeabiliteit kan met een eenvoudige urinetest (lactose, maltose challenge) aangetoond
worden. Deze test kan via de apotheek worden besteld.
The distal small bowel and colon are
susceptible to the deleterious effects of nonsteroidal antiinflammatory drugs (NSAIDs).
The ileocecal region is a potential site for a variety of NSAID-induced injuries including
erosions, ulcers, strictures, perforation, and the formation of diaphragms, which can lead
to bowel obstruction . NSAIDs can also lead to colitis resembling inflammatory bowel
disease (IBD), exacerbate preexisting IBD, or complicate diverticular disease (ie,
perforation or bleeding). The elderly and those on long-term NSAID therapy appeared to be
at highest risk.
Small-bowel injury is common in chronic
NSAID users
A study of 41 people aged 22-66 years found
evidence of small-bowel injury on capsule endoscopy in 71% of those taking a non-steroidal
anti-inflammatory drug for at least 3 months.