Gek hè?
Jaren terug zei ik eens tegen een
collegaatje van mijn vrouw: gek hè, als je iemand in de ogen kijkt kun je nooit zien wie
er kijkt; je ziet alleen de ogen. Ze was nogal verbijsterd. En jij denkt misschien ook wat
heb ik nou weer aan mijn fiets hangen? Tja...
Als je iemand in de ogen kijkt kun je dan
zien wie er kijkt? Je ziet de ogen maar die kijken niet. De ogen van een dode zijn immers
gelijk aan die van de levende? De ogen kijken niet en de wetenschap bevestigt dat want die
beweert dat onze hersenen
kijken. Wikipedia zegt het zo: Een breed geaccepteerde definitie van een zintuig is:
"Een systeem dat bestaat uit sensorische cellen die reageren op een specifieke vorm
van fysische energie en dat overeenstemt met een bepaalde regio (of groep van regio's) in
de hersenen waar de signalen ontvangen en verwerkt worden."
Gek hè, maar ik kan me toch niet aan de
indruk onttrekken dat ik de dingen buiten mij zie i.p.v. in mijn hersenen. Heb jij dat nou
ook? Dat lijkt maar zo zegt de wetenschap; we kijken in onze hersenen maar we
interpreteren het als buiten ons! Waarom zouden
we dat doen als er voor onze waarneming helemaal geen buiten bestaat?! Zelfs ons eigen
lichaam zien we in onze eigen hersenen. En als alles in de hersenen gebeurt waar zoeken
wetenschappers dan het bewijs van iets? Driemaal raden? Juist, in de hersenen. Wat is
wetenschap toch verrukkelijk.... denk ik dan!
Je hebt van die brillen waar je maar van
één kant doorheen kunt kijken. Wat van buitenaf komt wordt gereflecteerd en daardoor kan
er niets op ons netvlies vallen. We kunnen dus niets zien! Weggegooid geld dus die
brillen!

Het is natuurlijk zo dat ik een geweldige
dreun op mijn hersenen heb gehad dus vergeef me alsjeblieft mijn wat vreemde
gedachtengang.
Wie ben ik?
Kijk eens iemand in de ogen. Je weet dat die ander kijkt, je weet dat jij kijkt maar wie
er van binnen-uit kijkt kun je niet zien! Je weet dat je bewust bent en dat je waarneemt
en daardoor óók dat het niet de ogen en ook niet de hersenen zijn die waarnemen.
De hersenen zijn een zenuwcentrum om alle functies van het lichaam te besturen.
Maar dat zenuwcentrum kan alleen iets als
het bewustzijn commandos geeft. Er is dus bewustzijn dat energie geeft aan een
actie. De actie wordt vervolgens verricht en is
wetenschappelijk te meten. Maar dat wat de actie veroorzaakt niet. Als het bewustzijn
weigert een actie te verrichten kan het lichaam niets van zichzelf. De energie waaruit het
lichaam bestaat werkt uit en valt uiteindelijk stil, tenzij het lichaam kunstmatig
wordt gevoed met energie. Het bewustzijn blijft al dit tijd onveranderlijk bewust en kan
ieder moment besluiten nu doe ik weer wat met het lichaam. Dat bewijst bewusteloosheid en
coma! Als er werkelijk bewusteloosheid [zonder bewustzijn zijn] zou bestaan dan kan het
bewustzijn niet terugkeren en kan er ook niemand uit coma ontwaken.
Als we in de spiegel kijken zien we niet
onszelf maar een energielichaam dat ons stoffelijk omhult. Maar wie wij ZIJN daar hebben
we geen enkel idee van. We hebben echter wel een bepaald besef van een innerlijke ruimte
die geestelijk is. En daar
draait het om. Het leven is geestelijk van aard. Dat blijkt ook aan alle kanten uit ons
gedrag. Er is geen relatie tussen de toestand van je lichaam en de manier waarop je je
gedraagt. Je lichaam geeft je lichamelijke gesteldheid weer maar er is niets en niemand
die het bewustzijn verplicht er iets mee te doen. Daarom is iemand ook verantwoordelijk.
De illusie
De wetenschap heeft bewezen dat alles uit atomen en energie bestaat. Dit heeft
verstrekkende gevolgen en consequenties voor de verklaring van het leven. Deze sluiten
geheel aan bij wat ik beweer. Atomen bewijzen dat er helemaal geen vaste lichamen
bestaan maar een gigantische ruimte met slechts enkele stofdeeltjes. Er is helemaal niet
dat wij denken dat er is. En dat wij dat kunnen waarnemen is een Godswonder!
Gary Zukav zegt het in zijn boek: De
Dansende Woe-Li Meesters ongeveer dit: Als je de kern van een atoom vergroot
tot een zoutkorrel dan krijgt het atoom minstens een afmeting als een kantoorgebouw van 14
verdiepingen. Nu is een gebouw voor ons
een heel massief ding en daardoor niet zon goed voorbeeld want het atoom neemt die
ruimte als luchtledigheid in beslag. Hoe groot is een zoutkorrel? Heel klein, maar laten
we voor het gemak uitgaan van ¼ mm en de verdieping van dat kantoorgebouw op
3 m schatten dan heeft het atoom een doorsnede van 42 m! Midden in die 42 m leegte ligt
één zoutkorrel en op de rand draait een stofje dat 0.000125 mm groot is! [2000 x kleiner
dan die zoutkorrel] en het zijn deze stofjes die door verdichting de illusie
wekken dat er een lichaam is! Wij hebben helemaal geen ogen! Geen hersenen! Geen lichaam.
Wij hebben energie om ons heen verzameld die de illusie wekt van een lichaam. Alles is
illusie zegt de Oosterse leer. Maya! Het is gezichtsbedrog; het is energie en niet wat we
denken dat het is.
Vergeet vanaf nu nooit meer dat atomen
bestaan en dat je dus nooit waarneemt wat je denkt dat je waarneemt. Ieder lichaam is zo
ruimtelijk als de lucht die je om je heen ervaart! Natuurlijk is dat voor ons verstand
niet te snappen maar het idee is wel te
snappen. De wetenschap bewijst iets aan de ene kant en ontkent het vervolgens door de
consequenties van dat bewijs te verwerpen. Logisch dat de wetenschappers zo op zoek zijn
naar de oorzaak van het leven. De oorzaak van het leven ligt buiten
het stoffelijke en ons bewustzijn ook. Hier zijn allerlei aanwijzingen voor.
Dat een wetenschapper dat verwerpt zegt
iets over die wetenschapper. Geen enkele wetenschapper zal het bestaan van atomen
ontkennen en toch kunnen we ze niet zien. Zo bestaan er ook fijnere lichamelijke vormen
die je pas kunt waarnemen als je
bewustzijn voldoende verfijnd is. Geestelijke lichamen, spirituele lichamen bestaan ook.
Het feit dat ze zijn waargenomen is een teken dat ze bestaan op een subtieler vlak van
waarneming. Een lichaam ontstaat door verdichting, maar waarom zou er nou alleen
leven mogelijk zijn binnen de verdichting die de wetenschap als levend erkent? Dat wat
leeft bevindt zich binnen het omhulsel maar is er geen onderdeel van. Net zomin als dat
de bestuurder van een auto een onderdeel van de auto is. Maar om de auto een functie te
geven is een bestuurder nodig die instapt en weer uitstapt als de functie is volbracht. Om
die reden is het lichaam van de dode gelijk aan dat van de levende. Het bewustzijn is
slechts tijdelijk aanwezig voor de functie in het spel. In de functie die we vervullen
ligt onze evolutie.
Mijn volgende schrijven gaat over evolutie.
Heb je vragen? Mail naar: tussen_personen@mac.com
Het ga je goed en beter,
Herbert Stam
www.tussen-personen.nl
Hier vind je meer artikelen van Herbert
o.a. als antwoord op vragen. Hij werkt ook als spiritueel gids-tekenaar en zijn bijzondere
tekeningen zijn te zien op: www.hsmt.nl