kanker en voeding


logo.jpg (7231 bytes)

Google

Deze pagina is verouderd - ontvang onze nieuwtjes per email

 

Andere kijk op kanker


Chemotherapie helpt tegen kanker... en de aarde is plat’

Auteur: Tijn Touber

Kanker is de meest gevreesde ziekte van de moderne samenleving.
Een doodvonnis voor velen, omdat effectieve therapieŽn schaars
zijn. De Duitser Lothar Hirneise reisde door de wereld op zoek naar
succesvolle behandelingsmethoden. Zijn conclusie: iedereen kan
een antwoord vinden op kanker. Maar eigenwijsheid is een
essentiŽle voorwaarde. Gesprek met een specialist die nooit
medicijnen studeerde.

We zijn al een uur in gesprek als Lothar Hirneise voorover buigt alsof hij
me in vertrouwen neemt en met een betekenisvolle stem zegt: ‘Een tumor is
een oplossing van het lichaam voor een probleem. Kanker ontstaat omdat
iemand geen adrenaline meer produceert die nodig is om suiker at te
breken. Een overmaat aan suiker is een gevaar voor de gezondheid en dus
maakt het lichaam tumoren. Tumoren fermenteren – verbranden – suiker
en ze verbruiken ook veel energie – suiker dus – door hun snelle celdeling.
Daarom groeien sommige tumoren zo snel. Bovendien werkt iedere
kankercel als een levercel, maar dan veel beter. De tumor helpt je dus om
je gifstoffen kwijt te raken. Zonder de tumor zou je pas echt ziek zijn. Ik
vertel mensen altijd: “De tumor is niet je probleem. Een tumor is een
onwaarschijnlijk intelligente oplossing van het lichaam.” Als je gezond
wordt, verdwijnt de tumor vanzelf. Daarom moet je ook niet meteen
opereren om de tumor te verwijderen. Ga eerst ontgiften. Als de tumor
dan nog steeds groeit – wat vrijwel nooit het geval is – kun je nog altijd
opereren.’

Kanker is geen probleem. Kanker is een oplossing.
Dat is de uitdagende ťn hoopgevende visie van Lothar Hirneise. Hij
vermoedt dat de mens tijdens de evolutie tumoren heeft gecreŽerd om te
overleven: ‘Teveel suiker in de cellen leidt bijvoorbeeld tot blindheid –
zoals bij suikerpatiŽnten. Het creŽren van een tumor is de oplossing. Ook
een ontsteking in de darmen is potentieel gevaarlijk. Wanneer die te groot
wordt, raken de darmen verstopt. Ook hier is de oplossing van het lichaam
een tumor. Deze produceert enzymen die de ontsteking remmen en
genezen. De tumor zelf verdwijnt vervolgens vaak ook vanzelf. De meeste
kankerpatiŽnten zijn heel verbaasd dat ze een tumor hebben. Ze zijn
jarenlang gezond geweest, hadden nooit koorts, hadden nooit een arts
nodig en nu hebben ze ineens die tumor. Waar komt het vandaan? De
tumor hielp hen om gezond te blijven, totdat op een dag alles in elkaar
klapt.’

Lothar Hirneise is geen arts. Maar hij heeft wel een baanbrekende – ťn
goed gefundeerde – visie op kanker. Geholpen door de grŁndlichkleit van
zijn Duitse landsaard is argumentatie zijn kracht. Hirneise is een man van
onderzoek en bewijzen. Een man ook, die op een bijzondere wijze in
Duitsland een invloedrijke maar ook controversiŽle kankerspecialist werd.
Tien jaar geleden was Hirneise een meester in Oosterse vechtsporten en
Kung Fu-leraar. Bovendien had hij een goed lopende sportwinkel. Die
winkel werd in 1996 met grote winst verkocht en Hirneise beloofde zijn
echtgenote Chris en zijn twee zoons dat hij – na jaren van hard werk en
weinig thuis zijn – tijd aan zijn gezin zou besteden. Totdat een goede vriend
kanker kreeg. Hirneise: ‘Vůůrdat ik de sportwinkel had, werkte ik tien
jaar in ziekenhuizen. Ik ben opgeleid tot psychotherapeutisch
verpleegkundige en heb daarnaast vier jaar psychotherapie gestudeerd.
Het was dus niet onlogisch dat mijn vriend mijn hulp inriep, maar ik wist
niet veel van kanker. Ik ging op zoek en stuitte op Lynne McTaggart,
initiatiefneemster van het blad What Doctor’s Don’t Tell You in Engeland
en auteur van het gelijknamige boek. Ik bezocht een door haar
georganiseerd congres in Londen over alternatieve manieren om kanker te
behandelen. Sommige sprekers hadden een wat esoterisch verhaal, maar
ik was onder de indruk van de gepresenteerde onderzoeksresultaten.’

De conferentie van What Doctor’s Don’t Tell You in Londen bleek het
begin van een intensieve zoektocht van Hirneise naar allerlei mogelijke
kankertherapieŽn. Hij had tijd en geld – ‘een unieke combinatie die niet
veel mensen is gegeven’ – en las alles wat hij maar in handen kon krijgen.
‘Chris werd bijkans gek van me. Iedere keer dat ik weer een mogelijke
geneeswijze op het spoor was, sprong ik op het vliegtuig en ging er heen –
Mexico, Rusland, China, de Bahama’s, de Verenigde Staten, heel
Europa… waar ben ik niet geweest?’

De zoektocht leidde uiteindelijk tot de oprichting in 1997 van Menschen
gegen Krebs, mede geÔnspireerd door de Amerikaanse organisatie People
Against Cancer, opgericht door Frank Wiewel die Hirneise op de
conferentie in Londen had ontmoet. Deze Duitse organisatie geeft intussen
een nieuwsbrief uit, organiseert lezingen, workshops en congressen en
biedt ook telefonische hulp en consulten aan. Er blijkt bij kankerpatiŽnten
een grote behoefte aan onafhankelijke informatie te bestaan. Want daaraan
ontbreekt het in de medische wereld, meent Hirneise. ‘De meeste artsen
zijn goede vaklieden die hun patiŽnten oprecht willen helpen. Maar… ze
zijn werkzaam in een slecht systeem. Want, van wie krijgt de arts zijn
informatie? Ten eerste van professoren aan de universiteit. En hoe word je
hoogleraar? Door je omhoog te werken binnen de gevestigde orde. Door
te vertellen wat iedereen daarvoor ook al vertelde. Er bestaat geen andere
manier om in de wetenschappelijke wereld professor te worden.
Vervolgens bezoekt elke arts regelmatig conferenties op zijn vakgebied. Ik
ben in al die jaren op geen enkele conferentie geweest die niet door de
farmaceutische industrie werd gesponsord. En dan zijn er ook nog
tijdschriften en vakbladen. Die staan vol met advertenties van de
farmaceutische industrie. Nog los van de vraag wie de eigenaren van die
bladen zijn. Er is maar ťťn conclusie mogelijk: binnen de conventionele
geneeskunde bestaat geen enkele onafhankelijkheid meer.’

Hirneise is een groot voorstander van een integrale benadering bij de
behandeling van kanker waarin ook plaats is voor niet-westerse methoden:
‘In al die jaren dat ik in ziekenhuizen werkte, heb ik nooit iemand horen
spreken over alternatieve manieren om kanker te behandelen. De
gemiddelde arts weet niets van kankertherapieŽn uit bijvoorbeeld Rusland,
India, China of Zuid-Amerika. Als ik een arts naar zo’n therapie vraag,
zegt hij: “Als het zou werken, zou ik er wel over hebben gehoord.” Maar
dat is nu juist het punt: over die behandelingswijzen wordt niet
gepubliceerd in de bladen die hij leest. Zo houdt het systeem zichzelf in
stand. Oncologen weten er gewoon niets van. Eerlijk gezegd vind ik het
woord “oncoloog” niet eens geschikt voor de meeste artsen die zich met
kanker bezig houden. “Chemotherapeut” of “bestraler” zouden betere titels
zijn. Meer doen ze vaak niet.’

Het is een vroege ochtend, half acht, en zitten we aan het ontbijt in het
kantoor van Hirneise op de bovenste verdieping van zijn mooie huis aan de
rand Stuttgart met uitzicht op glooiende weilanden. Het woord is gevallen.
Chemotherapie. Hierover schreef Hirneise onlangs een boek met de
uitdagende titel: Chemotherapie heilt Krebs und die Erde ist eine Scheibe
(Sensei Verlag, 2002), chemo geneest kanker en de aarde is plat.
Hirneise’s visie laat weinig ruimte voor misverstanden: chemotherapie – de
therapie die zo vele kankerpatiŽnten dagelijks ondergaan – werkt niet. ‘Ik
kan me nog voorstellen dat chemotherapie in bepaalde gevallen een
tijdelijke oplossing kan zijn, maar dan wel in een compleet protocol,
waarin ook aandacht is voor ontgifting, voeding en geestelijke steun. Ik
ben echter tegen de manier waarop het gif doorgaans wordt gebruikt.
Volgens het huidige protocol worden mensen gedood. Punt. Bovendien
vertellen ze de patiŽnt dat je weer gezond bent als de tumor weg is. Dat is
niet alleen onwaar, maar ook dom. Trouwens, ik ken veel artsen en ik heb
ook veel artsenvrienden en bij een glas bier vertrouwen ze mij toe dat zij
chemotherapie nooit voor zichzelf of voor hun familie zullen gebruiken.

Artsen sturen patiŽnten naar mij toe, omdat ze weten dat de reguliere
behandeling niet werkt. Ze zeggen tegen hun patiŽnten: “Ik moet je dit
geven, maar het werkt niet. Ga maar naar meneer Hirneise.” En toch
blijven ze zelf binnen het systeem werken. Schizofreen, nietwaar? Maar
een arts verliest veel als hij uit het systeem stapt: geld, carriŤre, aanzien –
iedereen kijkt tegen je op als je arts bent. Bovendien: als je tegen de
heersende conventies in gaat, word je keihard bestreden. Daar moet je
tegen kunnen.’

Ook Hirneise wordt fel bestreden. Artsen noemen hem gek, gevaarlijk of
erger. ‘Maar ik ben nog geen een arts tegengekomen die zei: “Meneer
Hirneise, wat u op pagina 235 schrijft, klopt niet, want…” Een
wetenschappelijke discussie wordt niet gevoerd. Maar dat is geen wonder.
Als ik hen vraag naar voorbeelden van patiŽnten in een laat stadium van
kanker die dankzij hun behandeling beter zijn geworden, wordt het stil. Ik
kan hen daarentegen duizenden patiŽnten en gevallen laten zien van mensen
die beter werden, terwijl zij al waren opgegeven door diezelfde artsen. Ik
ken ze, ik schud ze dagelijks de hand.’

Hirneise heeft veel gereisd, veel gelezen en hij sprak met artsen en
patiŽnten in de hele wereld. Zijn ervaringen en onderzoeken heeft hij
vastgelegd in een indrukwekkende hoeveelheid statistieken. En zijn
conclusie is helder: elke succesvolle kankertherapie bevat de volgende drie
ingrediŽnten: grondige ontgifting, aanpassing van het dieet en mentaal of
spiritueel werk. ‘In welke kliniek ik ook kwam, het was overal en altijd
hetzelfde. Dit is wat de mensen deden die kanker overwonnen. Ik heb
mensen gezien die op sterven na dood waren, uitzaaiingen hadden in hun
botten, hersenen, longen en beenmerg… en beter werden. In de eindfase is
er geen medicijn ter wereld dat je kan redden – regulier of alternatief.’
Als het zo simpel en eenduidig is, waarom worden dan niet veel meer
mensen beter? ‘Omdat succes discipline en inzet vraagt. Het vraagt van de
patiŽnt dat hij in beweging komt, actief wordt, een constructieve
vechthouding ontwikkelt. De meeste mensen kiezen de makkelijke weg:
chemotherapie, bestralen of opereren. Mensen zeggen: “Hoezo makkelijke
weg? Weet je hoe erg chemotherapie is?” Natuurlijk is chemotherapie
geen pretje, maar je dieet en je levensstijl omgooien, is moeilijker. Daarom
overleven zo weinig mensen kanker. “Eerst ontgiften, dan een goed dieet
en verder gelukkig blijven”, vertel ik mensen. “Wat?”, roepen ze dan,
“gelukkig blijven? Bent u totaal geschift meneer Hirneise? Ik heb overal
tumoren, ik kan niet eens lopen en u vertelt me dat ik plezier moet
hebben?” Ik vertel ze dan dat er maar twee opties zijn: ůf je sterft
binnenkort, of je blijft leven. Als je binnenkort sterft, kun je maar beter nu
veel plezier hebben, toch? Als je niet sterft, moet je nu ook plezier hebben,
want er is niets dat zo goed is voor je immuunsysteem. Het klinkt gek,
maar we hebben veel plezier en lachen veel. Ik heb laatst een seminar
gedaan met opgegeven kankerpatiŽnten – zelden zo gelachen.

Egobevrediging, geld en seks regeren de wereld. KankerpatiŽnten zijn zo
ongeveer de enige mensen die hier niet in zijn geÔnteresseerd. Het is alsof je
met de paus of met moeder Theresa praat. Ik leer heel veel van ze. Ze
leven voor de dag. Ze leven zo anders dan de rest van de mensheid.’

Als plezier en betekenisvol leven een belangrijke bijdrage leveren aan de
genezing van kanker, is het de vraag of een gebrek hieraan de ziekte in de
hand werkt. Voor Lothar Hirneise begint kanker met stress: ‘Zonder stress
geen kanker. Honderd procent onmogelijk! Er worden hele debatten
gevoerd over soorten stress – fysieke en psychologische – maar voor een
cel maakt het niet uit waar de stress vandaan komt. Iedere kankerpatiŽnt
heeft een suikerprobleem. Insuline brengt suiker in de cel. Adrenaline – en
in mindere mate cortisol en clucagon – halen het eruit. Iedereen denkt, dat
als je stress hebt, dat je dan teveel adrenaline hebt. Dat is waar, maar
alleen in het begin. Als je langdurig stress hebt, ontstaan er tekorten aan
adrenaline. Dat zie je bij kankerpatiŽnten. De cel zit dus vol suiker die niet
wordt afgebroken. Zo’n cel sterft. Suiker is een gif, teveel ervan vernietigt
je bloedvaten, je nieren en je botten. Het lichaam bestrijdt dat gevaar met
de creatie van tumoren – als een laatste middel om het overschot aan
suiker weg te krijgen.’

‘De oplossing van de stress die leidde tot het suikerprobleem zal voor de
ťťn een ander dieet zijn – omdat hij of zij ongezond at – en voor de ander
in de psychologisch, spirituele sfeer liggen – omdat hij of zij bijvoorbeeld
ernstige relatieproblemen had. Vandaar dat een goed dieet niet voor
iedereen werkt, waardoor sceptici roepen dat zo’n dieet “dus” niet werkt.
Het is maar net waar de stress vandaan komt. Vandaar dat het zo
belangrijk is de hele mens in ogenschouw te nemen. Ofwel: om met de hele
mens te praten. Frank Wiewel van People Against Cancer zegt: “Geef me
een half uur met een kankerpatiŽnt en ik vind het probleem.” Ik heb
dezelfde ervaring. Soms moeten we uren praten, maar we vinden altijd het
probleem. Artsen daarentegen worden niet betaald om met patiŽnten te
praten. Ze hebben totaal geen holistische kijk op geneeskunde. Ze zijn
zozeer met gescheiden onderdelen bezig, dat ze het geheel niet meer
overzien. De hele mens wordt vergeten. Als twee verschillende vrouwen
met borstkanker bij een arts komen, dan is het probleem voor hem
duidelijk: borstkanker. Mijn ervaring is, dat twee borstkankers twee
verschillende ziekten kunnen zijn. Als iemand die een zoon heeft verloren
na een half jaar prostaatkanker ontwikkelt, wil je hem dan met
chemotherapie genezen? Overigens roepen mensen vaak dat de Verenigde
Staten ons in dit opzicht voor zijn, maar mijn ervaring is dat het daar juist
nog erger is. We liggen twintig jaar voor. Talrijke Amerikanen komen naar
Duitsland voor behandeling.’

Hirneise heeft de ervaring dat – als patiŽnten de oorzaak van hun kanker
op het spoor komen en werkelijk willen veranderen – zelfs mensen die op
sterven na dood zijn, kunnen genezen. De productie van adrenaline komt
vanzelf weer op gang als mensen zich – oh paradox! – ontspannen. ‘Ik heb
een foto uit 1994 van een dame uit Karlsruhe, ze had toen kanker in
vrijwel al haar botten en in haar beenmerg. Ze kon niet meer uit bed
komen, anders zouden de botten breken. Ze gebruikte veel morfine en was
bijna dood. Ze leeft nog steeds. Ik heb haar onlangs nog bezocht. Ze leidt
een normaal leven. Hoeveel zieker kun je zijn? Ik ken een andere vrouw
die twee keer is gestorven, ze hebben haar twee keer gereanimeerd. De
priester stond aan haar bed voor de laatste sacramenten. Het gaat heel
goed met haar. Ze is ergens in de zeventig, skiet in Zwitserland en heeft
een twintig jaar jongere minnaar.’

Hirneise is zich er terdege van bewust dat hetgeen hij vertelt niet alleen in
veel opzichten tegen de heersende opvattingen indruist, maar bovendien
niet zo makkelijk is te begrijpen – laat staan toe te passen als je eenmaal
de diagnose ‘kanker’ hebt gekregen. ‘Ik moest eerst de hele wereld over
reizen en begreep het pas na een paar jaar, dus hoe kan ik verwachten dat
iemand dit na een lezing van een uur begrijpt?’ Hirneise is nu dertig mensen
aan het opleiden die – net als hij – met patiŽnten kunnen praten, meteen
nadat zij hun ‘doodvonnis’ hebben gekregen. ‘Je hebt dan een objectief
mens nodig die rationeel kan denken. Je vrienden en familieleden zijn op
dat moment net zo emotioneel als jij. De meeste mensen denken dat de
arts die objectieve persoon is. Dat is hij niet. Je bent namelijk niet alleen
patiŽnt, maar ook klant. Hij heeft iets te verkopen, of het nu een reguliere
of een alternatieve arts is. We zouden veel levens kunnen redden als een
objectief, onafhankelijk en deskundig mens direct met de patiŽnt zou
spreken. Vandaar de opleiding en de belofte van iedere deelnemer dat zij
zelf geen therapie zullen bedrijven.’

Het tweede struikelblok op weg naar genezing is de zogenaamde nazorg.
‘Veel patiŽnten wordt na een behandeling gevraagd om drie maanden later
weer terug te komen. En dus kunnen de meeste mensen twee weken
voordat die drie maanden om zijn, al niet meer slapen. Over stress
gesproken! Dan krijgen ze een bloedtest en moeten ze een week op de
uitslag wachten. Mensen worden daar uiterst onzeker van. Er is teveel
ruimte voor nieuwe schadelijke stress. En voor misverstanden. De meeste
artsen gebruiken een taal die geen mens begrijpt. Ik adviseer patiŽnten om
weg te blijven bij de nazorg. Het is te gevaarlijk.’

Een voorbeeld: ‘Een tijd terug gaf ik ergens een lezing, komt er na afloop
een man naar mij toe, omhelst me en zegt: “U hebt mijn leven gered.”
Enkele maanden later belde zijn dochter. Hij was overleden. Wat was er
gebeurd? De kinderen hadden hun vader overgehaald toch naar een arts te
gaan. Uiteindelijk deed hij dat. Dat was op een maandag. De zaterdag
erop overleed hij. De stress, de angst en de onzekerheid door de
onduidelijke diagnose van de arts hadden hem gek gemaakt. Als mensen
mij vragen welke diagnostische tests zij wťl en niet moeten doen, zeg ik:
“Kun je slapen zonder die diagnose?” Zo ja: niet doen. Als je de diagnose
nodig hebt om beter te slapen: ga dan maar. In plaats van een bloedtest
kun je beter in de spiegel kijken. Kijk naar je hele lichaam, je huid, et
cetera. Dat is een hele goede diagnose. Mediteer vervolgens en luister naar
je lichaam. Luister wat het je wil vertellen. Je zult heel veel vinden, veel
inzicht krijgen. Daarna kun je altijd nog naar een arts gaan. Ga niet zomaar
naar een arts om gewoon je bloed te laten testen of om een x-ray te
maken. Ik weet dat dit een grote opgave is. We denken: de arts zou het
toch moeten weten? Het is toch goed om zo vroeg mogelijk te weten of je
een tumor hebt? Nee. Geloof me, dat is het niet. De tumor is niet je vijand.
Stress is de ware oorzaak en er is geen mens die de stress van teveel
onderzoeken en nazorg aankan.’

Misschien is daarom de belangrijkste boodschap van Lothar Hirneise dat
elk mens zijn eigen weg moet gaan om zichzelf te genezen. Een arts kan
daarbij helpen. Maar ook een vriend. Iedereen kan voor zichzelf kritisch
nagaan of een bepaalde behandeling voor hem of haar werkelijk goed is.
Die eigenheid is de inspiratie van Hirneise. Een laatste advies van de man
die met zovele mensen sprak die in staat waren hun ziekten te overwinnen:
‘Sluit een contract met je tumor. Ik heb gemerkt dat veel overlevers dat
doen. Ze gaan in gesprek met de tumor: “Lieve tumor, dit is een
verlies/verlies situatie. Als jij groter wordt, moet ik sterven en jij dus ook.

Laten we de zaak omdraaien tot een win/win situatie. Jij wordt kleiner – je
hoeft niet te sterven, maar wordt weer normaal – waardoor ik kan leven.
Als tegenprestatie zal ik ….”. Ik vertel patiŽnten dat ze heel voorzichtig
moeten zijn met wat ze beloven, want de tumor zal zich er alleen aan
houden als jij dat ook doet. Als je je er niet aan kunt houden, maak dan
een nieuw contract. Sommige mensen kan ik niet helpen. Zo was er een
vrouw wier zoon een mislukte zelfmoordpoging had gedaan. Aan zijn
ziekenhuisbed smeekte ze God haar leven te nemen, in plaats van dat van
hem. De zoon overleefde. Een paar weken later had zij kanker. Ik zei haar
een nieuwe deal met God te sluiten, weer met Hem te spreken. Ze was
echter te bang dat God dan het leven van haar zoon zou nemen. Kort
daarop overleed ze. Niemand kan zo iemand helpen. Dat is de kracht van
een contract. Ieder mens en iedere ziekte zijn uniek en hebben recht op
respect en een heel persoonlijke aanpak.’

Meer informatie: Menschen gegen Krebs, Postbus 1205, 71386
Kernen, Duitsland. Tel: 00-49-(0)7151-910217,
mgk@krebstherapien.de, www.krebstherapien.de

Dit verscheen in Ode nummer: 60. Ik wil de mensen van Ode bedanken
voor toestemming om dit artikel te mogen herplaatsen op mijn site.

Hun website: www.ode.nl

Ron

 

 

 


 


View My Stats