Low battery
De dodelijk vermoeide voorbode van een haperend hart
Door Melchior Meijer
Alles, letterlijk alles, is je te veel. Als de wekker gaat, trek je je dekbed over je
hoofd en vraag je je vertwijfeld af hoe kom ik mn bed uit en de dag
door. Niet alleen op zondagochtend, dagelijks. Kleine akkefietjes waar je
vroeger je schouders voor zou ophalen brengen je volledig uit je evenwicht. Soms
staat het janken je nader dan het lachen. En je bent voortdurend moe, moe, moe. Zo
verschrikkelijk, onbeschrijflijk moe. Herken je je in deze vrolijke omschrijving?
Heb je er al een poosje last van zonder
dat er noemenswaardige verbetering optreedt? Verdwijnt het niet zodra de dagen gaan
lengen? Dan wordt het tijd dat je professionele hulp zoekt. Mogelijk heb je last van
vitale uitputting. Onderzoeker Gert Schuitemaker promoveerde onlangs aan de
Universiteit van Maastricht op een studie naar dit fenomeen. Vijf jaar lang volgde hij
bijna 2500 volwassen inwoners van het dorp Mierlo bij Eindhoven. In The Mierlo
Project toont hij voor het eerst aan dat een voortdurend lege batterij een
onafhankelijke risicofactor voor hart- en vaatziekten is.
Wie zich structureel moe,
lusteloos, prikkelbaar of moedeloos voelt, loopt een aanzienlijk verhoogd risico op een
hartinfarct of beroerte, ook als andere risicofactoren als verhoogde bloeddruk, roken,
suikerziekte en afwijkende cholesterolwaarden ontbreken, zegt hij. Dr. Schuitemakers
onderzoek ligt in de lijn van het pionierswerk van de Amerikaanse cardiologen Meyer
Friedman en Ray Rosenman. Zij namen in de jaren 60 een verband waar tussen
persoonlijkheidskenmerken en het risico op hartproblemen.
Ze deelden mannen op in twee
categorieën, type A en type B, waarbij A stond voor competitiedrang, ongeduld, agressie
en kortaangebondenheid, terwijl B de kalmere, reflecterende broeders vertegenwoordigde.
Vijandigheid en ongeduld (hurry sickness) kwamen in grote studies inderdaad
uit de bus als forse risicofactoren. Bovendien leverde gedragsverandering door cognitieve
gedragstherapie steevast een risicovermindering van zon 70 procent op.
Doordat Friedman en Rosenmans
grootste en meest overtuigende studie destijds tot hun ontzetting niet volledig werd
afgedrukt in het Journal of the American Medical Association (en dus niet correct door
collegas kon worden getoetst), werd type A gedrag (zie kader) nooit geaccepteerd als
officiële risicofactor. Dr. Schuitemaker blijft een dergelijke tragedie bespaard. Ook
jouw huisarts moet sinds februari in actie komen als uit het Maastricht Interview Vital
Exhaustion blijkt dat jij vitaal uitgeput bent. Dat ben je gelukkig niet zo maar.
Een beetje moe is niet genoeg. Dit zijn de twee belangrijkste rode vlaggen:
Dagelijks uitgeput ontwaken. Het allerbelangrijkste kenmerk van vitale uitputting is
dat je normale veerkracht volledig is verdwenen, zegt Schuitemaker. Hoewel nog
niet helemaal vast staat wat er eerst is, de kip of het ei, hebben de meeste vitaal
uitgeputten een gestoorde slaap, overigens vaak zonder zich daarvan bewust te zijn. Ze
ontwaken aanzienlijk vaker dan de normale drie à vier keer per nacht en pakken minder
diepe slaap. Met als gevolg dat ze vooral s ochtends gebroken zijn.
Wat zijn de consequenties? Dr. Eve van Cauter, een slaaponderzoekster uit Chicago, deed
onlangs in The Lancet uit de doeken hoe gezonde jonge mannen al na drie etmalen met vijf
uur slaap per nacht een forse glucoseintolerantie ontwikkelden. Het centraal
zenuwstelsel reageert op slaapgebrek door overactief te worden, aldus Van Cauter in
het vakblad. Dit compensatiemechanisme trekt een zware wissel op onder andere de
alvleesklier, zodat die uitputtingsverschijnselen gaat vertonen. Binnen een week hadden we
een groep kerngezonde jonge kerels in een pre-diabetisch stadium, iets wat we beslist niet
hadden verwacht. Een verstoorde glucosehuishouding is een krachtige risicofactor
voor een hartinfarct. Van Cauter stelde ook vast haar proefpersonen allerlei cognitieve
taken slecter uitvoerden en dat ze mentaal labiel werden, verschijnselen die ook bij
vitale uitputting horen.
Dit is je wapen: De Zweedse slaapdeskundige Thorbjörn Åkersted stelt bij doorslaap
problemen in eerste instantie forse lichamelijke inspanning voor. Zijn onderzoek onder
burn-out patiënten (vitale uitputting is niet arbeidsgerelateerd, maar wel verwant aan
burn-out) laat zien dat een uur hardlopen aan het eind van de middag een verstoorde
slaapcurve kan normaliseren. Voor iemand die zich dodelijk vermoeid voelt, is het
extra moeilijk een trainingsprogramma op te pakken, zegt hij. Toch kan even
doorbijten juist voldoende zijn om een neerwaartse spiraal te stoppen. Bij langdurige
uitputtingsklachten is de nachtrust per definitie gestoord. Herstel de slaap en je bent op
de goede weg, zelfs als de externe factoren die de problemen veroorzaken, blijven
bestaan.
Low Battery. Mensen met vitale uitputting vergelijken zichzelf vaak met
een batterij die vrijwel leeg is en die een nieuwe lading maar heel kort vasthoudt,
zegt Gert Schuitemaker. Ruim 40 procent van de Nederlanders zegt moe te zijn.
Bij 7 procent is het energieniveau zo laag dat je kunt spreken van vitale uitputting.
Uiteindelijk is deze toestand het gevolg van een gebrekkige aanpassing aan
ongewone omstandigheden. Volgens wijlen endocrinoloog Dr Hans Seyle is het
lichaam niet in staat onderscheid te maken tussen verschillende stressoren.
Zodra we worden geconfronteerd met iets
dat ons dwingt tot aanpassing, beginnen onze bijnieren catecholamines te produceren, in
eerste instantie voornamelijk adrenaline. Of we nu te maken krijgen met een
gifslang, een nare baas of een financieel probleem, als we de informatie als bedreigend
ervaren, is de fysieke reactie hetzelfde, zegt de Britse sportpsycholoog Costas
Kerageorghis. Een stoot adrenaline stuwt onder meer de hartslag en bloeddruk omhoog
en bereidt ons voor op een gevecht of een sprint. Verdwijnt de stressor vervolgens, of
vinden we een manier om er mee mee om te gaan, dan is er niets aan de hand. Het lichaam
keert terug naar een ontspannen toestand. Verdwijnt de stressor niet, dan gaat de
alarmfase over in een weerstandsfase. In deze fase gaan we vooral corticosteroïden
produceren.
Wat zijn de consequenties? Gert Schuitemaker: Duurt die weerstandsfase voort, dan
leidt de overdreven cortisolproductie op termijn tot een verhoogde bloeddruk, een verzwakt
immuunsysteem en tot een algemeen verhoogde vatbaarheid voor ziekte. Als we er vervolgens
nog niet in slagen de stressor te elimineren, dan glijden we in de laatste stressfase, die
van de uitputting. De bijnieren kunnen niet meer, de aanmaak van glycogeen wordt zo goed
als onmogelijk, we krijgen problemen met de glucosehuishouding en ons energieniveau
bereikt een dieptepunt. In deze kwetsbare toestand ontstaan gemakkelijk ontstekingen in de
vaatwanden. Het wordt steeds duidelijker dat het dichtslibben van bloedvaten
voor een belangrijke deel op sluimerende onstekingsprocessen berust.
Dit is je wapen: Reken actief af met frustraties en neem altijd een beslissing. Handel.
Als iets je zwaar op de maag ligt, verander het dan, of loop er voor weg. Liever
laf dan aan de monitor. Zeg nee als iets je niet uitkomt en heb
een gezonde portie lak aan de mening van anderen. Aanhoudende, als overweldigend ervaren
stress is nog slechter dan tot nog toe werd aangenomen. Een onderzoek onder
wedstrijdzeilers bracht aan het licht dat jonge, gezonde mannen binnen 48 uur zogenoemde
transient diabetes ontwikkelen als ze worden geconfronteerd met een overweldigend,
ogenschijnlijk onoplosbaar probleem. De toestand verdwijnt volledig zodra de stressor is
geëlimineerd. Gert Schuitemaker: Het is in het dagelijks leven niet altijd even
duidelijk wat nou precies je stress veroorzaakt. Als je er niet zelf uitkomt, kan
cognitieve gedragstherapie een uitstekend hulpmiddel zijn.
Mr. Ongeduld, pas op je hart!
Opvliegerig, ongeduldig, vijandig type A gedrag is door een serie blunders
nooit de officiële risicofactor voor hart- en vaatziekten geworden die het naar alle
waarschijnlijkheid wel degelijk is. De cardiologen Meyer Friedman en Ray Rosenman hoorden
eind jaren 50 van de huismeester in hun ziekenhuis dat het meubilair in de
cardiologie-wachtkamer veel en veel sneller sleet dan dat in de wachtkamers van andere
specialismen. Gefascineerd door die waarneming begonnen ze het gedrag van hun patiënten
te bestuderen en ontwikkelden 20 jaar later de zogenoemde Videotaped Clinical Examination
(VCE), een gefilmd gesprek van 20 minuten, waarin een aantal gedragskenmerken die worden
geassocieerd met een verhoogd cardiovasculair risico genadeloos worden blootgelegd.
In de 8,5 jaar lange Western
Collaborative Group Study onder 3154 gezonde mannen van 39 tot 59 jaar, toonden Friedman
en Rosenman aan dat met behulp van de VCE pijnlijk nauwkeurig kan worden voorspeld welke
mannen op de rol voor een infarct staan. Dat leidde tot een vervolgstudie
onder mensen die juist een infarct hadden doorgemaakt, om te kijken of gedragsverandering
invloed heeft op het ziekteverloop. Na 4,5 jaar bleken in de groep die cognitieve
gedragstherapie onderging zo veel minder tweede infarcten op te treden, dat de National
Institutes of Health, financier van het onderzoek, het niet ethisch verantwoord vond om de
placebogroep nog langer therapie te onthouden.